De bemanning van de helikopter die eind januari boven de Amerikaanse hoofdstad Washington op een passagiersvliegtuig botste, heeft mogelijk een cruciale instructie van de vluchtleiding gemist. Ook vloog het toestel hoger dan is toegestaan, blijkt uit een eerste voorlopig onderzoek.
De helikopter was in de buurt van de Ronald Reagan-luchthaven bezig met een trainingsvlucht toen die in het pad van het landende toestel terechtkwam. Bij de botsing kwamen alle inzittenden van beide toestellen om het leven: drie in de helikopter, 64 in het vliegtuig. Daarmee was het het ergste Amerikaanse vliegtuigongeluk sinds november 2001.
De verkeerstoren had vlak voor het ongeluk de helikopter opgedragen achter het vliegtuig langs te vliegen. Opnames uit de cockpit van de helikopter legden vast dat die instructie deels werd gemist doordat iemand aan boord de microfoon openzette. Daardoor werd het signaal van de toren weggedrukt.
Bovendien lijkt het erop dat de bemanning onzeker was over op welke hoogte er werd gevlogen. De piloot had het over 300 voet, maar de instructeur aan boord sprak over 400 voet. Beide metingen zouden te hoog zijn geweest: op deze plek mogen helikopters niet hoger vliegen dan 200 voet.
Volgens de onderzoekers gebeurde de botsing uiteindelijk op een hoogte van zo'n 325 voet. Een hoogtemeter in de cockpit gaf op dat moment een hoogte aan rond 278 voet. De onderzoekers gaan er dan ook van uit dat de bemanning niet over de juiste vluchtgegevens beschikte.
Definitieve conclusies kunnen waarschijnlijk pas over een jaar bekendgemaakt worden na verder onderzoek. President Trump legde direct na de crash al de schuld bij het diversiteitsbeleid van de luchthaven, waardoor de strenge criteria voor werknemers veronachtzaamd zouden zijn. De onderzoekers noemen daarover niets in hun tussenrapportage.
Buitenland
Deel artikel:
Source: NOS nieuws