Home

Hoe kan beste pensioenstelsel ter wereld zulke slechte beleggers hebben?

Nederland heeft het beste pensioenstelsel ter wereld, zo oordeelde pensioenbureau Mercer onlangs in zijn een onderzoek naar 47 pensioenstelsels in de wereld.

Aan die conclusie zal de sikkeneurige Nederlandse gepensioneerde geen boodschap hebben. De leeftijdsgenoten van de televisiemopperaars Maarten van Rossem en Johan Derksen voelen zich al jaren benadeeld, zo niet bestolen door het uitblijven van de indexatie van de uitkeringen. De achterstand in koopkracht is inmiddels, afhankelijk van het fonds, opgelopen tot zo’n 20 tot 30 procent, met uitschieters aan beide kanten.

Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

En dan kunnen de deelnemers aan sommige fondsen zoals het ABP zich ook nog heel boos maken over de vermeende grepen uit de pensioenpot door regeringen uit een ver verleden, zoals de kabinetten-Lubbers. In de jaren tachtig zou die 30 miljard gulden uit de kas van het ABP hebben geroofd door te weinig werkgeverspremie af te dragen.

Ook dit jaar zal de achterstand oplopen. Uit een inventarisatie van Het Financieele Dagblad onder 119 fondsen blijkt dat de gemiddelde verhoging dit jaar zal uitkomen op 1,9 procent. Bij een inflatie van 3,3 procent in 2024 gaat hun koopkracht er opnieuw op achteruit. Nadat hun fondsen gedwongen waren jarenlang te beknibbelen omdat ze onder de vereiste dekkingsgraad dreigden te raken, willen ze nu wat extra reserves hebben om de overgang naar het nieuwe stelsel zonder financiële pijn te laten verlopen. Want als het daarmee misgaat, breekt de hel los.

Er zijn uitzonderingen. Het pensioenfonds van de KLM-piloten verhoogt de uitkeringen dit jaar met 7,4 procent. Maar daar is de dekkingsgraad, die aangeeft hoe goed een pensioenfonds kan voldoen aan de toekomstige verplichtingen (ook 164,9 procent), ver boven het gemiddelde van 118,9 procent en het minimumvereiste van 110 procent.

Dat pensioenfondsen zo achterblijven, komt onder meer door hun beleggingsbeleid. Ze zijn bang voor een miskleun op de korte termijn, terwijl ze eigenlijk een lange beleggingshorizon zouden moeten hebben. Economensite Me Judice noemde vorige maand de Nederlandse pensioenfondsen in vergelijking tot bijvoorbeeld de Canadese belabberde beleggers. Gemiddeld haalden die tussen 2015 tot 2023 – een periode waarin de beurskoersen sky high gingen – een rendement van 2,8 procent per jaar. Canadese pensioenfondsen boekten een rendement van 7,9 procent per jaar. En het gemiddelde wereldwijd was 4,3 procent.

Een van de redenen is dat de Nederlandse pensioenfondsen veel geld verspelen doordat ze zich met de aankoop van derivaten indekken tegen het risico van rentedalingen op de korte termijn. Dat is overigens niet geheel de schuld van de fondsen. Ze zijn met handen en voeten gebonden aan het Financieel Toetsingskader (FTK) dat sinds 2015 van kracht is. In Canada kennen de pensioenfondsen dat probleem niet. Daardoor kunnen de premies lager zijn en kan wel worden geïndexeerd.

Maar een goed excuus is het niet. Want er is een groot verschil tussen de fondsen onderling. De tien best presterende Nederlandse pensioenfondsen haalden in die negen jaar een gemiddeld rendement van 4,3 procent, de tien slechtste van 1,2 procent.

Maar wie moppert daarover als je in het beste pensioenstelsel ter wereld zit.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next