Home

Wat maakt gezelschapsspel Hitster zo’n hit? ‘Het is ook geschikt voor niet-muzieknerds’

In korte tijd heeft liedjesraadspel Hitster een vaste plek veroverd in de Nederlandse spelletjeskasten. Wat maakt het spel zo populair, en wat zegt dat over onze tijd? De Volkskrant zocht het uit door een potje te spelen met een cultuurfilosoof, neuropsycholoog en twee Hitster-fanatiekelingen.

is economieredacteur. Ze schrijft onder meer over (web)winkels en consumententrends.

Filosoof Frank Chouraqui (41) hoeft maar een halve seconde naar het intro van het nummer te luisteren voor hij zelfverzekerd begint te knikken: ‘Coolio, Gangsta’s Paradise. Een cover van Stevie Wonder’, zegt hij als hij het kaartje in een rij van andere kaartjes voor hem plaatst.

‘Jaa’, zegt tafelgenoot Thomas van Luyn (57). ‘Was dat dat bruine album?’ Chouraqui knikt enthousiast als ook andere tafelgenoten door elkaar beginnen te roepen welke herinnering het nummer bij hen oproept. Termen als ‘MTV’, ‘Michelle Pfeiffer’ en ‘Dangerous Minds’ vliegen over tafel. Daar heb je de kern van dit spel te pakken, zegt Chouraqui. ‘Het brengt je in een directe lijn terug naar je vroegere ik.’

De gekleurde kaartjes zijn van Hitster. Dit gezelschapsspel van de Nederlandse spellen- en puzzelfabrikant Jumbo veroverde het afgelopen jaar razendsnel een plek in de spelletjeskasten van Nederland. Met een piek in de kerstvakantie, toen tienduizenden Nederlanders Hitster bij vrienden en familieleden introduceerden.

Van het muziekspel waarbij spelers hits in chronologische volgorde moeten plaatsen, werden vorig jaar alleen al bij Intertoys honderdduizend exemplaren verkocht, een succes dat de Nederlandse spelindustrie in jaren niet meer heeft gezien.

Wat zegt het over de tijdgeest dat er juist nu zo veel worden verkocht? Wat doet oude muziek met ons? En klopt het dat mannen fanatieker zijn dan vrouwen?

De Volkskrant speelde Hitster met filosoof Frank Chouraqui (gespecialiseerd in spel en spelen), neuropsycholoog Rebecca Schaefer (48, gespecialiseerd in muziek en de hersenen) én twee fervente bordspel-spelers: cabaretier Thomas van Luyn (presentator van de Top 2000 Quiz) en cultuurjournalist Esma Linnemann (46).

Het fanatisme van de laatste twee blijkt meteen als de speldoos opengaat. ‘Want winnen begint natuurlijk al bij het kiezen van de spelregels’, zegt Van Luyn, die daarbij op het puntje van zijn stoel gaat zitten.

Enkele twistpunten: hoe lang mag een liedje spelen voordat de dj het uit moet zetten? ‘Zo kort mogelijk’, aldus Linneman. Mag je een nieuw kaartje vragen voor een muntje of is dat ‘onze eer te na’? ‘Eer heb ik niet, ik wil gewoon winnen’, zegt de journalist, die eerder vertelde dat wanneer ze Kolonisten van Catan wint, ze ’s avonds die overwinning nog eens zet voor zet in haar hoofd doorloopt.

Herinneringen

Schaefer kijkt haar wat verbaasd aan, en mag dan beginnen. De eerste klanken van een vrolijk popliedje stromen uit de telefoon op tafel. ‘Oeh’, zegt ze. ‘De Spice Girls, maar het nummer, geen idee. Ik weet wel dat het voor 2011 was. Want dat was het jaar dat ik voor werk naar Schotland verhuisde.’

Dat het spel zo geschikt is om met de hele familie te spelen zit hem erin dat de titel raden niet de hoofdzaak is, zegt Van Luyn. Het gaat er bij Hitster om de liedjes op volgorde te leggen. ‘En dat maakt het spel ook geschikt voor niet-muzieknerds.’

‘Het is je herinnering die je expertise vormt’, zegt Chouraqui. Hitster gaat hierdoor niet alleen over harde feitenkennis, maar over het plaatsen in een emotionele context. Een goed spel is altijd een soort experiment over identiteit, vindt hij.

Al decennia geldt dat jongeren popmuziek gebruiken om hun identiteit te vormen. Dus wat er gebeurt als je Hitster speelt, is dat je ‘jongere ik’ je expertise vormt, legt Chouraqui uit. De makers van Hitster hebben goed gekeken naar de samenstelling van de liedjes; uit elk decennium zitten de grootste hits erbij. ‘Hierdoor is het voor iedereen leuk om te spelen en hebben zowel je 21-jarige neefje als je oma van 72 kans om te winnen.’

Onderzoek bevestigt zijn these, zegt Schaefer. ‘Er zijn mooie studies gedaan naar mensen tussen de 10 en 90 en welke liedjes zij onthouden. Daaruit blijkt dat je uit de tijd tussen de 10 tot 19 jaar – met een piek op 14 specifiek voor muziek – het meeste onthoudt, en eenvoudig je hele leven bij je draagt.’

Het effect dat je in je tienerjaren meer persoonlijke gebeurtenissen en muziek opslaat in je autobiografisch geheugen wordt ook wel de reminiscence bump genoemd, legt ze uit. ‘Als je ouder bent kun je nog wel nieuwe muziek ontdekken, maar de muziek wordt niet op dezelfde manier door de hersenen opgeslagen. Of je dat nog doet, is afhankelijk van de persoon, en in hoeverre die nog open earedness bezit, dus zijn of haar oren nog openzet voor iets nieuws.’

Groepsgevoel

Er is in 2013 uitgebreid onderzoek gedaan naar waarom mensen muziek gebruiken in hun dagelijks leven, vertelt Schaefer als zij weer aan de beurt is – en niet op de artiestennaam van Linda, Roos & Jessica weet te komen – terwijl haar tafelgenoten de handen in de lucht gooien op het intro van Ademnood.

De eerste reden is emotieregulatie; om jezelf in een bepaalde stemming te krijgen. Denk aan klassieke muziek om je te concentreren, popmuziek voor tijdens het schoonmaken of melodramatische muziek voor als je een melancholische bui ziet aankomen.

Ook belangrijk is het gebruik van muziek om te interacteren met mensen. ‘Om te communiceren, om je niet alleen te voelen.’ Dat deel uitmaken van de groep speelt een grote rol bij het spelen van Hitster, ziet ook Chouraqui. ‘Als je goed bent in een bepaalde categorie, zeg jarentachtig-rock, geef je daarmee het signaal af dat je tot een groep behoort. Het maakt duidelijk wie bij elkaar hoort en wie iets gemeen hebben. We are the white guys of classic rock, dat verbindt.’

Fanatisme

‘Zet maar uit, ik weet het al’, zegt Van Luyn ferm, en hij gebaart naar de telefoon. ‘What Is Love van Haddaway’. Ook Linnemann is rap. ‘Madonna en Justin Timberlake, met One Minute. Of nee, het is Four Minutes! Krijg ik nu geen muntje?’

Neuropsycholoog Schaefer ziet het met verwondering aan. Zij is minder fel, en hoeft eigenlijk niet zo nodig te winnen, zegt ze, tot vermaak van de filosoof naast haar, die daarop historicus-filosoof Johan Huizinga aanhaalt.

De cultuurhistoricus schreef het in 1938 al in zijn meesterswerk Homo Ludens (Latijn voor ‘spelende mens’): mensen die spelen, creëren een nieuwe werkelijkheid waarin ze zich gezamenlijk opsluiten. Het serieus nemen van het spel is noodzakelijk om deze werkelijkheid te laten bestaan. Spelbrekers, bijvoorbeeld mensen die ‘ach het is maar een spelletje’ zeggen, onthullen de betrekkelijkheid en de broosheid van die spelwereld en bedreigen daarmee ‘het bestaan der spelgemeenschap’.

En hoe zit het met gender in dit verhaal? Klopt het dat mannen fanatieker zijn? Chouraqui is voorzichtig. ‘Wat ik wel durf te zeggen is dat competitiviteit en wereldkennis – en het etaleren daarvan – door veel mensen als masculien wordt gezien. In zekere zin geldt dat voor het hebben van muziekkennis ook. Daardoor voelt het voor mannen misschien meer als afgang als ze door de mand vallen bij een muziekquiz.’

‘Dus dat ik het bij pingpong minder erg vind om te verliezen dan hierbij komt doordat ik bij pingpong niet het gevoel heb mijn eer te verliezen?’ vraagt Van Luyn. Juist, zegt de filosoof. En het verklaart ook dat sommige vrouwen het niet fijn vinden om competitief over te komen. Het gezellig houden, wordt in deze maatschappij door velen als een vrouwelijke eigenschap gezien.

Nostalgie

Hitster heeft alles in zich een internationale klassieker te worden, concludeert de groep na anderhalf uur liedjes op volgorde leggen. De tekenen voor de Nederlandse fabrikant staan gunstig: het spel wordt in meer dan dertig landen gespeeld – van Slovenië tot Mexico.

Dit succes kun je niet los zien van de tijdsgeest, denkt Chouraqui. Je zou onze tijd een nostalgisch tijdperk kunnen noemen, stelt hij. ‘De wereldbevolking is nog nooit zo groot geweest, er zijn veel conflicten en technologische ontwikkelingen volgen elkaar zeer snel op. Hierdoor zijn mensen bang voor de toekomst, waardoor het goed voelt om te vluchten in het verleden.’

Als je weinig controle voelt, is het daarbij prettig om een spel te spelen waarbij je orde schept: ‘om een tijdlijn te maken, en te weten waar je in de wereld past.’ Dat creëert orde in de chaos. Daarmee komt het erg dichtbij de essentie van wat spelen is, volgens onder meer Huizinga en Wittgenstein, zegt de filosoof: ‘door te spelen begrijp je de wereld beter en kun je je plek erin vinden.’

De winnaar

‘Páts!’ Weer is het Linnemann die binnen een nanoseconde Whitney Houston perfect op haar tijdlijn legt. Die orde in de chaos creëren, daar blijkt zij vandaag de beste in. Al probeert Van Luyn haar nog af te troeven door met drummerfeitjes over AC/DC en Run-D.M.C. te strooien, wint Linnemann met verve. Ze steekt haar vreugde niet onder stoelen of banken.

Maar eerlijk gezegd, zegt ze, nadat iedereen haar heeft gefeliciteerd, is ze dit keer niet alleen blij omdat ze gewonnen heeft. Waardevoller is het dat ze een nieuw puzzelstukje in haar persoonlijke tijdlijn wist te leggen. ‘Ik snap nu waarom ik zo goed ben in dit spel. Mijn zus is negen jaar ouder en als kind keek ik enorm tegen haar op. Dus vrat ik de muziek waarnaar zij luisterde. Misschien dat ik daardoor twee tienerperiodes beheers, die van mijn zus en die van mijzelf.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next