Ik groeide op in het Drentse dorp Eelde, onder Groningen. Niet ver van ons huis was het bos, het vliegveld lag daar tegenover. We merkten nooit zoveel van Groningen Airport Eelde, zoals het officieel heette, want gevlogen werd hier weinig.
Eelde is een vliegveld van vergezichten en plannen die sneuvelen. Rond 2010 – toen woonde ik er zelf niet meer – werd de landingsbaan verlengd, huizen afgebroken, bomen gekapt, het Rijk betaalde bijna 20 miljoen euro, het zou Eelde geschikt maken voor grote Boeings naar verre bestemmingen.
Ze kwamen niet. In plaats daarvan zou Eelde (ruim zevenduizend inwoners) aansluiten in een ‘netwerk’ van internationale ‘hubs’. ‘Hub hub hoera’ riep de toenmalige vliegveldirecteur toen een vlucht startte naar Kopenhagen.
Niemand begreep de redenering, maar het kwam hierop neer: Kopenhagen moest worden beschouwd als overstappunt onderweg naar Doha, Qatar. Uiteraard sneuvelde de verbinding naar Kopenhagen.
Soms lukte het even. Hoogtepunt was de lijnvlucht naar Londen die een paar jaar standhield. Mijn familie genoot daarvan. Hoe mondain was dat, van Eelde naar Londen, in een weekeinde op en neer. De vlucht Eelde-Londen gaf glans aan Noord-Nederland.
Gaswinning, de aardbevingen, de Lelylijn, de snelle spoorverbinding met de Randstad die nooit kwam, dat alles verbleekte dankzij deze verbinding met de Britse hoofdstad. Rond de coronacrisis ging de vliegtuigmaatschappij failliet. Londen verdween uit beeld.
Het Centraal Bureau voor de Statistiek het, het CBS, publiceerde vorige week cijfers over vliegtuigpassagiers in 2024. Overal was een stijging, maar niet in Eelde. Deze luchthaven is verlieslijdend sinds mensenheugenis.
Eelde overleeft dankzij een subsidiepot van in totaal 46 miljoen euro van de provincies Groningen en Drenthe. Het maatschappelijk belang van het vliegveld is niet in geld uit te drukken, heet het. Onder meer de noordelijke traumahelikopter en een pilotenopleiding hebben hier hun basis.
Nu liggen er nieuwe plannen. Eelde wil uitgroeien tot een ‘GRQ Hydrogen Valley Airport’, zo staat te lezen in een ‘strategiebrief’ aan Den Haag. Dit betekent dat het vliegveld groen en duurzaam wordt. Ook ondersteunt Eelde de ‘netwerkfunctie’ van Schiphol, dat op zijn beurt zelf Eelde op afstand houdt.
Om Eelde in ‘groei’ en ‘ambitie’ te ondersteunen, wil het Rijk de openingstijden verruimen. Als het doorgaat, mag straks worden gevlogen tussen 6 uur ’s ochtends en middernacht, schrijft minister Barry Madlener (Infrastructuur en Waterstaat, PVV) aan de Tweede Kamer. Hij wijst op de ‘belangrijke rol voor de mobiliteit in de regio’ die het vliegveld speelt.
Aan een pingoruïne uit de laatste ijstijd, het land ernaast is in handen van biologische boeren, woont Jan Wittenberg, voorzitter van de plaatselijke omwonendenvereniging. Nee, klagen over overlast doet men weinig, daar is dit niet het vliegveld naar. ‘Er komt af en toe een vliegtuig over, dat vindt niemand een probleem.’ De grootste hinder geven piloten in opleiding die boven de dorpen rondjes maken.
Het maken van ‘plannen die niet realistisch zijn’ gaat terug tot de jaren negentig, herinnert Jan zich. Eigenlijk is het een beetje ‘zielig’. ‘Het was niks, het is niks en het zal niets worden.’ Maar het sentiment in het noorden is: ‘Pak ons vliegveld niet af.’ Daarom blijven de provincies betalen en komen er steeds weer verhalen over groei. ‘Als de luchthaven dat niet doet, zakt het kaartenhuis in elkaar.’
De woordvoerder van het vliegveld vertelt dat luchtvaartmaatschappijen ‘dankbare brieven’ stuurden over de aangekondigde verruiming van de openingstijden. ‘Op deze manier worden we aantrekkelijker.’ Ze noemt ‘Londen’, de magische route van weleer. Toezeggingen over nieuwe verbindingen zijn er nog niet.
Misschien komt groei uit een onverwachte hoek. Rondom het vliegveld hangen posters. ‘F-35 Nee!’ Eelde staat op het wensenlijstje van defensie om straaljagers te stationeren. Zou dat gebeuren, dan stelt de ‘ereschuld’ van het Rijk vanwege de gaswinning niets meer voor, stelde de plaatselijke burgemeester.
Vooralsnog vertrekken hier in de winter slechts vijf vluchten per week, naar Gran Canaria en de Scandinavian Mountains, een wintersportgebied in het Zweeds-Noorse grensgebied, een bestemming die in Eelde geldt als ‘niet doorsnee’. In het bos naast het vliegveld heerst serene rust.
Over de auteur
Ana van Es is rondreizend columnist voor de Volkskrant. Eerder was ze onder meer correspondent in het Midden-Oosten.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns