Home

In Servië leidt Gen Z het protest tegen corruptie: ‘Deze generatie geeft ons hoop’

Generatie Z, jongeren geboren na 2000, zet Servië in vuur en vlam met hun demonstraties tegen corruptie. Ze zijn ongrijpbaar voor de traditionele tv-propaganda van president Aleksandar Vučić. En eisen een transparant en democratisch Servië. ‘Deze generatie geeft ons hoop.’

is correspondent Italië, Griekenland en de Balkan van de Volkskrant. Ze woont in Rome.

Voor het station van Novi Sad ruikt het naar vuurwerk en kaarsvet. Fakkels spuwen rode rookwolken de lucht in boven een zwijgende menigte. Vijftien minuten blijft het stil: een minuut voor elk leven dat hier op 1 november bruut ten einde kwam, onder een instortend betonnen afdak van het pas gerenoveerde treinstation.

De tragedie deed het land in woede ontsteken, want in Servië gelooft niemand dat dit zomaar een ongeluk was. Voor de aanwezigen bij de herdenking bestaat er geen twijfel: de doden in Novi Sad zijn slachtoffers van de diepgewortelde corruptie in de Servische politiek.

Het station was net opgeleverd na een renovatie, die deel uitmaakt van een grote Chinese investering in de Servische infrastructuur. President Aleksandar Vučić doet graag zaken met China, critici vermoeden dat de overheid daarbij weleens een oogje dichtknijpt, bijvoorbeeld als het gaat om de veiligheidsvoorschriften.

In de nasleep van de ramp kwamen er in het hele land protesten op gang, aangevoerd door studenten. Wekelijks gaan ze de straat op om vrijgave te eisen van alle documenten rondom de stationsrenovatie. Zo hopen ze af te dwingen dat het juridisch onderzoek naar de ramp eerlijk zal verlopen.

Straffeloosheid

Drie maanden na de fatale dag hangen de elektriciteitsdraden nog altijd uit de muur op de plek waar het afdak instortte. Op het plein ervoor steken mensen kaarsen aan. Drie studenten kunstgeschiedenis leggen een witte roos neer. Ze zijn uit de hoofdstad Belgrado naar Novi Sad gereisd, niet alleen om te herdenken, maar vooral om later op de dag mee te doen aan de grote demonstratie.

Ze zijn het zat om in een corrupt land te leven, waarin de nationalistische SNS-partij van Vučić alle geledingen van de politiek, van lokaal tot nationaal, domineert, zegt een van de twintigers. Wat dat in de praktijk betekent? Ze somt het op: van jongs af aan zien dat verkiezingen oneerlijk verlopen, ermee moeten leven dat er straffeloosheid heerst, ouders hebben die, omdat ze voor de overheid werken, bang zijn om bij de minste kritiek hun baan te verliezen.

Vorige week trad premier Miloš Vučević, partijgenoot van president Vučić, af naar aanleiding van de protesten. De komende weken moet blijken of er nieuwe verkiezingen komen, of dat het Vučić lukt om binnen de bestaande machtsverhoudingen in het parlement een nieuwe regering te vormen.

Het maakt op de studenten allemaal weinig indruk. Het aftreden van de premier is ‘irrelevant’, vinden ze. ‘Dat was onze eis niet.’ En vertrouwen in een eerlijk verloop van eventuele nieuwe verkiezingen hebben ze ook niet.

Internationale waarnemers stelden de afgelopen jaren veel gevallen van verkiezingsfraude in Servië vast. Het verklaart het cynisme en de onverschilligheid tegenover de politiek.

Big aan het spit

Aan de voet van de grootste toegangsbrug van Novi Sad slaat student Sasha Vagic de Servische driekleur om zijn schouders. Om hem heen staan duizenden demonstranten, van gezinnen met kinderen tot ouderen.

De politie is in geen velden of wegen te zien. Wie niet beter weet, kan denken dat het om een nationale feestdag gaat. De sfeer is prima. Maar er is weinig reden voor feest , weet informaticastudent Vagic. Hij is geboren in 2002, twee jaar na de val van het autoritaire regime van Slobodan Milošević. ‘Toen bewandelden we, voor het eerst in onze geschiedenis, het pad van de democratie’, zegt Vagic.

Onder aan de brug stijgt de geur van kampvuur op. Boven de vlammen hangt een big aan het spit. Honderden motorrijders in leren jassen sluiten zich bij de studenten aan. Tientallen boeren volgen, luid toeterend op hun tractoren. Het protest begon aanvankelijk met de bezetting van universiteiten, maar het wordt inmiddels veel breder gedragen.

Een jaar later werd premier Zoran Djindjić doodgeschoten door een Milošević-aanhanger. Servië werd nog wel kandidaat-lid voor het EU-lidmaatschap, waar het nu al meer dan vijftien jaar op wacht, maar een stevige rechtsstaat opbouwen lukte nooit.

Sinds de nationalistische SNS-partij van Vučić in 2012 aan de macht kwam, zagen Vagic en zijn generatiegenoten de jonge Servische democratie steeds verder afbrokkelen. ‘Het is onmogelijk om deze regering via verkiezingen te verslaan’, zucht hij.

In de werkwijze van Vučić echoot het eenpartijstelsel van het communistische Joegoslavië door, waarin Vučić zijn politieke carrière begon als propagandaminister van Milošević. Behalve verkiezingsfraude wordt er grote druk uitgeoefend op iedereen in overheidsdienst om op ‘de partij’ te stemmen en om stemmers aan te dragen. Bovendien zijn alle publieke tv-zenders in handen van de regering. Alleen betaalde tv is onafhankelijk.

Gen Z

Hun eigentijdse media-dieet is een van de redenen waarom Gen Z, de generatie geboren na 2000, de drijvende kracht is achter de anticorruptieprotesten. ‘Wij kijken geen tv’, zegt Vagic, die zich vooral laat informeren via Instagram en berichtenapps als Viber, Telegram en WhatsApp. Het leidt soms tot wrevel thuis. Vagic woont nog bij zijn ouders in een buitenwijk van Belgrado. Zij kijken wel tv en krijgen dus een andere kijk op de situatie voorgeschoteld.

Op tv mag president Vučić met regelmaat verkondigen dat de demonstranten worden betaald door buitenlandse overheden die uit zijn op de ondergang van Servië. Vagic probeert zijn ouders vaak uit te leggen waarom dat onzin is, zegt hij.

Die energie van Gen Z werkt aanstekelijk. Serviërs door het hele land en erbuiten laten zich erdoor inspireren. Kunstenaar Marina Abramović en tennisser Novak Djoković moedigden de studenten aan. Servische gemeenschappen in het buitenland gaan de straat op, ook in Nederland. Vorige week werd bekend dat de Servische studenten genomineerd zijn voor de Nobelprijs voor de Vrede.

Sprankje hoop

Ook Ivan Bozović (44) voelt even iets anders dan onmetelijk verdriet als hij de studenten ziet. ‘Ze geven mij hoop’, zegt hij. In mei 2023 werd zijn dochter Ana drie dagen voor haar 12de verjaardag gedood bij een schietpartij op haar school in Belgrado.

De dader was 13. Hij doodde negen kinderen en een bewaker, met wapens van zijn vader. Een dag later vond er een andere schietpartij plaats, waarbij de 20-jarige schutter negen personen doodschoot.

Na de geweldsgolf gingen Serviërs massaal de straat op om te demonstreren tegen het wijdverbreide legale en illegale wapenbezit, voor een groot deel het gevolg van de oorlogen in de jaren negentig.

Sinds de dood van zijn dochter voelt Bozović niet alleen verdriet, maar ook woede over het slechte functioneren van zijn land. ‘Vroeger kon ik tolereren dat niets hier werkte’, zegt de manager. ‘Ik had alles goed voor elkaar en de overheid niet nodig.’

Nu is dat anders. Hij en zijn vrouw houden elk detail van de rechtszaak over de aanslag op Ana’s school scherp in de gaten, omdat ze vrezen dat de ouders van de dader – die zelf te jong is om te worden berecht – anders hun straf ontlopen. Het rechtssysteem vertrouwen ze niet en van de overheid hoorden ze na het drama wekenlang niets.

De studentenprotesten zijn een klein lichtpunt, zegt Bozović. Maar of het ook tot verandering leidt, vraagt hij zich af. ‘Ik ben al aan het demonstreren zolang als ik me kan herinneren.’

Frustratie over EU

Toch onderscheiden deze demonstraties zich van de protesten van de afgelopen jaren, omdat ze geen politieke kleur hebben, zegt politicoloog Aleksandar Djokić. Mensen van links tot rechts gaan de straat op. Zelfs zeventien rechters van het hooggerechtshof in Belgrado schaarden zich achter de eisen van de betogers.

Het protest verspreidt zich ook naar dorpen waar Vučić normaal gesproken alle steun krijgt, al is het maar omdat velen er afhankelijk zijn van een staatspensioen of een gemeentebaantje.

Zo bezien heeft de huidige beweging iets weg van de volksopstand die een einde maakte aan het Milošević-regime. Maar er zijn ook verschillen, constateert Djokić. President Vučić is weliswaar geen democraat, maar minder dictatoriaal dan Milošević, die het leger inzette tegen demonstranten. Bovendien was Servië destijds internationaal volledig geïsoleerd.

Vučić houdt alle geopolitieke ballen nu juist behendig in de lucht. Naast bouwschotten met Chinese tekens hangen er op billboards in Belgrado zowel posters van de EU als van het Russische staatsgasbedrijf Gazprom, waarop de Servische vlag overvloeit in de Russische.

Het leidt tot frustratie bij de demonstrerende Serviërs, die niet begrijpen waarom de Europese Unie zo vriendschappelijk met hun ondemocratische leider omspringt. ‘Ik wil ook dat Servië bij de EU komt’, zegt oppositielid Borko Stefanović. ‘Maar niet met deze politici. We moeten eerst onze rechtsstaat op orde krijgen.’

Stefanović is daarom blij met de harde opstelling van Nederland, dat nooit happig is op uitbreiding van de EU. ‘Ik ben sociaaldemocraat en sta ver af van jullie regering, maar dit gaat voorbij politieke ideologie. We hebben die principiële houding over de rechtsstaat nodig.’

Oppositiepoliticus Stefanović en politicoloog Djokić hopen dat Vučić, om de gemoederen te kalmeren, een interim-regering aanstelt. Die moet vervolgens vrije verkiezingen garanderen, waarbij de Serviërs een nieuwe regering kiezen. ‘Vučić kan zelfs zijn presidentstermijn uitdienen’, vindt Djokić. ‘En daarna kan hij zich opnieuw kandidaat stellen, als hij dat wil.’

De studenten beperken zich tot hun eis tot meer transparantie. De politieke vertaling van het protest laten ze bewust aan anderen, omdat elke politieke kleurbekentenis in Servië gevoelig ligt en kan leiden tot het uiteenvallen van de protestbeweging.

Documenten

Terwijl de zon ondergaat achter de volgepakte brug, droomt student Sasha Vagic van een democratischer Servië, waarin corruptie niet langer regeert. Anders dan zoveel leeftijdsgenoten die massaal emigreren, wil de informaticastudent een toekomst opbouwen in eigen land.

Maar is transparantie mogelijk zolang Vučić aanblijft? Elke keer als de regering nieuwe documenten vrijgeeft en verklaart dat nu echt aan de eisen van de studenten is voldaan, blijkt er toch nog iets te ontbreken. Ook leven er twijfels over de echtheid van sommige documenten.

Het vertrouwen bevindt zich onder het nulpunt, maar voor Vagic is het simpel: zolang de studenten niet overtuigd zijn dat alle feiten boven tafel zijn, gaan de protesten door. ‘We vragen om een wonder’, knikt hij. ‘Maar ik denk dat het mogelijk is.’

Vanavond keert hij terug naar huis, want de volgende dag organiseert hij een klein protest in zijn eigen buitenwijk in Belgrado. Zijn vader heeft voor het eerst beloofd te komen.

Joegoslavië-oorlogen

Servië vormde decennialang het hart van de communistische federatie Joegoslavië. Na de val van de Berlijnse Muur in 1989 leidden etnische spanningen twee jaar later tot oorlogen tussen de verschillende bevolkingsgroepen en uiteindelijk tot het uiteenvallen van Joegoslavië.

Het Joegoslavische en later Servische leger onder leiding van Slobodan Milošević hield in de burgeroorlog huis in Kroatië, Bosnië-Herzegovina en Kosovo. In Bosnië-Herzegovina pleegde Servië in 1995 genocide in de Moslimenclave Srebrenica, die onder bescherming stond van het Nederlandse VN-bataljon Dutchbat III.

In 1999 bombardeerde de Navo Servië drie maanden lang om een herhaling van een genocide als in Srebrenica in Kosovo te voorkomen. De bombardementen en economische misère door internationale sancties droegen bij aan de val van Milošević, die uiteindelijk na opstanden van de bevolking in oktober 2000 aftrad.

Milošević werd daarna gearresteerd en door het Internationaal Joegoslaviëtribunaal in Den Haag schuldig bevonden aan oorlogsmisdaden, waaronder genocide. Hij stierf in 2006 in de gevangenis in Nederland, waar onder anderen oud-generaal Ratko Mladić, de ‘slager van Srebrenica’, nog altijd vastzit.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next