Alle ingrediënten waren aanwezig. We hadden een tot voor kort zeer trotse Drentse museumdirecteur genaamd Harry, die, getuige zijn matig beveiligde vitrines, geen idee had dat het noodlot zulk bitter leed voor hem aan het beramen was.
We hadden drie Noord-Hollandse boeven die op zaterdagochtend in een Volkswagen Golf naar Assen reden, ongetwijfeld in een poging zich te verzetten tegen een verder middelmatig leven. Boef nummer vier kocht ondertussen op 2,5 kilometer afstand van het museum nog even snel een hamer bij de Praxis aan de Claes van Gorcumstraat, waarschijnlijk omdat hij zijn eigen hamer vergeten was.
Over de auteur
Jarl van der Ploeg is journalist en columnist voor de Volkskrant. Hij werkte eerder als correspondent in Italië. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Verder hadden we – uiteraard – Gerri Eickhof, die namens het NOS Journaal naar Assen was gestuurd. Ook was er een verslaggever van het AD, die wist te melden dat de Volkswagen Golf in kwestie gestolen was van Rudy (24) uit Alkmaar. En natuurlijk hadden we de verantwoordelijke ambtenaar op het Roemeense ministerie van Cultuur, die, zo stel ik mij voor, vanuit pure stress de hele week lurkte aan zijn clandestiene voorraad Carpaţi’s (een oud Roemeens sigarettenmerk waar volgens voormalig correspondent Olaf Tempelman zo’n hoeveelheid nicotine en teer in schuilging dat niet-ingewijden er doorgaans meteen van achterover sloegen).
Soms is het heerlijk dat de werkelijkheid zich niet houdt aan de wetten van Hollywood, want alles omtrent de roof van drie Roemeense armbanden en een gouden helm uit het Drents Museum afgelopen weekend ademde een ouderwetse, knullige en daarom geruststellende sfeer van pre-traumatische tijden. Even geen big tech, DeepSeek, slimme bombardementen of Russische inlichtingendiensten. Het ging enkel over de Daciërs, een volk dat tot de roof alleen bekendheid genoot vanwege de door hun verre nazaten ontwikkelde Dacia Duster, maar waarvan inmiddels iedereen weet dat hun koning ooit gouden helmen droeg.
Allemaal zagen we op televisie hoe de Roemeense premier Marcel Ciolacu met somber gelaat een ‘ongekend hoge schadevergoeding’ eiste van Nederland. Voor de roof was zijn regering weliswaar nauwelijks op de hoogte van het uitlenen van de kunstschatten aan Drenthe – het was bijvoorbeeld niemand in Boekarest opgevallen dat er geen juiste vergunning was aangevraagd – maar inmiddels naderen de verkiezingen en dus worden de drie armbanden en de helm in Roemenië steevast omschreven als het belangrijkste cultureel erfgoed van het land, minimaal vergelijkbaar met de Nachtwacht.
Mijzelf leek dat allemaal een tikkeltje overdreven. Toen de Romeinen Dacië innamen, bracht het leger zoveel goud mee naar huis dat er naar verluidt een jaar lang geen belasting hoefde te worden geïnd. Er waren daar, met andere woorden, wel meer gouden armbanden in omloop. Bovendien is op Netflix de documentaire The Hunt for Transylvanian Gold te zien, waarin de vrij overtuigende vraag wordt opgeworpen of de armbanden in kwestie geen namaak zijn.
Toch probeerde ik dergelijke cynische gedachten deze week actief naar de achtergrond te drukken. Net als de rest van Nederland wilde ik dit nieuws namelijk zo gulzig mogelijk tot mij nemen. Van alle diplomatieke relletjes, grensconflicten en ruzies met voormalige Sovjetrepublieken die we de komende jaren voorgeschoteld krijgen, zal achteraf immers blijken dat dit de verreweg onschuldigste was.
Iedereen voorvoelt dat we ooit in groten getale zullen terugverlangen naar die onbezorgde tijd waarin onze voornaamste ruzie met een buitenlandse mogendheid draaide om een gestolen armband. En precies daarom was het deze week zo belangrijk volledig kopje onder te gaan in dit nieuws. Zodat we er later, wanneer het nodig is, in kunnen zwelgen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns