Zeven dilemma’s voor Philip Freriks, die vrijdag voor het laatst De slimste mens presenteert. ‘Drie uitzendingen op een dag opnemen is heftig hoor, voor een 80-jarige.’
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
Zomerexperiment of kijkcijferkanon?
‘Dit gaat één seizoen duren. Dat waren de verwachtingen in 2012. Maarten en ik dachten aan vierhonderdduizend kijkers, een heel aardig cijfer voor de zomer. Het werden er bijna twee keer zo veel. Toen kwam al snel de mededeling: we willen ermee door. Daar hadden wij helemaal niet op gerekend.
‘Ik had vooraf met een schuin oog naar wat afleveringen van De slimste mens gekeken. Linda de Mol had het gepresenteerd, Martijn Krabbé ook (bij respectievelijk Talpa en RTL 4, red.), maar het liep niet zo. In België bestond het programma al veel langer (sinds 2003, als De slimste mens ter wereld, red.) en lukte het wel. De bedenkers, van productiemaatschappij Woestijnvis, hadden wel meer succesvolle dingen gedaan. Dus Maarten en ik hadden zoiets van: we zien het wel. Dat zijn dus 25 seizoenen geworden. Toch een kijkcijferkanon dus.’
Sidekick of mopperprofessor?
‘Ik kende Maarten van Rossem als historicus en columnist op tv. De producent (Mediawan Skyhigh, red.) heeft ons bij elkaar gebracht. Toen zijn we met elkaar gaan lunchen in Polman’s Huis, een restaurant in Utrecht dat allang niet meer bestaat. Eigenlijk klikte het meteen. We zijn generatiegenoten, we kennen de jaren vijftig goed. En dit klinkt wat zwaar, maar we hechten aan dezelfde waarden.
‘We hebben nooit nagedacht over hoe we het met elkaar zouden gaan doen. In het begin was het van mijn kant misschien een beetje gekunsteld. Ik had soms moeite op zijn opmerkingen te reageren, ik was niet ad rem genoeg om hem van repliek te dienen. Toch ontstond er iets waarbij ik hem een beetje provoceerde en hij met een prachtige oneliner reageerde.
‘Na een paar seizoenen had ik in de gaten hoe ik er bij hem tussen moest komen. Zo’n uitzending heeft namelijk wel een bepaald ritme, een bepaalde energie nodig. Dus als het inzakt omdat Maarten te lang aan het woord is, moet je als presentator ingrijpen. En Maarten weet zelf ook wel dat een monoloog van tien minuten de montage niet gaat overleven. Dus onderbrak ik hem soms keer op keer, terwijl hij bleef doorpraten. Het publiek vond dat prachtig. Wij hadden dat komische effect ook wel door, dus voor ons werd het een spelletje.’
‘Wat weet je van…’ of het over een heel andere boeg gooien?
‘Hoe vaak ik ‘wat weet je van…’ heb gezegd tegen een kandidaat? Ik heb er achthonderd afleveringen op zitten, dus dat moeten duizenden keren zijn geweest. Toch hebben we nooit de behoefte gehad iets aan het format te veranderen. Het spel zit gewoon heel goed in elkaar, daar moet je niet aan rommelen. Bovendien zijn ze daar bij Woestijnvis heel streng in. De eerste drie jaar zat er zelfs iemand van hen bij onze opnamen, om te kijken of wij ons wel aan het format hielden – als een soort politiek commissaris.
‘In België hebben ze ervoor gekozen om vaak twee cabaretiers in de jury te zetten. Wij hebben die behoefte nooit gevoeld. Dan zou het ook zonder Maarten worden, want die was mordicus tegen zo’n idee. In België is het programma cabaretesker, bij ons ligt de nadruk toch meer op het spel zelf.
‘Dit is geen talkshow waarin je je eigen accenten kunt leggen. In het begin vond ik dat nog lastig, maar doordat ik merkte dat ik de zaak goed in de klauwen had, werd ik vanzelf losser. Ik probeer het ook een beetje leuk te houden voor mezelf. Want door het format zit je als presentator toch in een vast stramien.
‘Ik heb dit programma altijd als een gespreid bedje beschouwd. Vooral dankzij de ontzettend leuke redactie, vol jonge, creatieve en energieke mensen. Zij kiezen de kandidaten, niet ik. Ik heb ook nooit een kandidaat gehad van wie ik dacht: wat moet ik daar nu weer mee?
‘Natuurlijk ben ik weleens geïrriteerd geraakt, als er iets niet klopte of het weer over moest. Dan roep je een keer ‘verdomme, wat is dat nou’, en dan is het klaar. Maar dat is nooit geëindigd in grensoverschrijdend gedrag. Ook omdat wat wij maken van een heel andere orde is dan een talkshow, waar de druk oneindig veel groter is.’
Stefano Keizers of Tom Kleijn?
‘Je hebt ze beiden nodig voor het programma: iemand als Stefano Keizers – tegenwoordig Donny Ronny – die ontregelt en elke dag een totaal andere outfit aan heeft, en de journalist Tom Kleijn, die misschien serieuzer is maar fantastische verhalen kon vertellen. Juist het contrast tussen twee van zulke deelnemers werkt heel goed op tv.
‘Televisie werkt vervormend. Sommigen komen op tv geweldig over, terwijl je dat achter de schermen totaal niet had verwacht. Martin Rombouts was een geweldige kandidaat, ook doordat hij zo onderkoeld in die stoel zat en het spel tegelijk zo serieus nam. Hij is me zeker bijgebleven in al die jaren, net als Stefano Keizers en cabaretière Kiki Schippers. Het fijne van cabaretiers is dat ze het klappen van de zweep kennen: ze zijn natuurlijk gevat, en weten veel omdat ze het nieuws goed bijhouden.’
Vliegwiel of zeepkist?
‘Nadat Klaas Dijkhoff in de winter van 2016/2017 had gewonnen kreeg hij bij de verkiezingen 146 duizend voorkeursstemmen. Omdat hij leuk en ad rem was en bij ons niet de politicus uithing. Destijds was hij nog staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, dus achter de schermen zat hij voortdurend aan de telefoon om allerlei dingen te regelen. Dan zeiden we: Klaas, het is tijd, je moet nu even het land met rust laten.
‘Door zijn deelname kregen we steeds meer telefoontjes uit Den Haag: ‘We zouden het ook leuk vinden als deze politicus of bewindspersoon bij jullie komt meedoen.’ Ze wisten: bij ons kun je je in the picture spelen bij een groot publiek. Sommige kandidaten hielden uitverkochte zalen aan een optreden bij ons over. Voor hen was deelname een vliegwiel, maar we wilden beslist niet dat het voor politici een zeepkist zou worden waar je klakkeloos je partijprogramma kon komen uitventen.’
Herman de kandidaat of Herman de opvolger?
‘Herman van der Zandt twijfelde of hij wel als kandidaat moest meedoen, want het was toen al bekend dat hij mij zou opvolgen. Hij zei: ‘Als ik win, gaat iedereen natuurlijk zeggen dat het doorgestoken kaart is.’ We hebben hem op het hart gedrukt om gewoon voluit te spelen. Gelukkig heeft hij zijn sportieve plicht gedaan (Van der Zandt won de zomereditie van 2024, red.).
‘Herman en ik kennen elkaar al heel lang. We hebben samengewerkt bij het NOS Journaal. Hij is een gelouterde presentator, ik hoef hem geen adviezen of tips te geven. Hij heeft zijn eigen stijl en ik vind het ontzettend leuk dat hij het van me overneemt.
‘De redactie weet al dat ze Maarten en mij niet als kandidaten hoeven te vragen. We zouden onmiddellijk door de mand vallen. Althans, ik sowieso. En dat heeft ook met leeftijd te maken. Want dan komt er een vraag over Stalin en dan weet je verdomde goed dat het Stalin is, maar je kunt even niet op de naam van Stalin komen. Daar hebben oude mensen last van.’
Weemoed of droge ogen?
‘Ik stop met een prettig soort gevoel van weemoed. Het afscheid van de collega’s is al geweest, maar op 31 januari gaan we de laatste uitzending met publiek bekijken in theater DeLaMar. Natuurlijk voel ik daar enige nostalgie bij, maar het gebeurt met droge ogen. Dus zo dramatisch is het allemaal niet.
‘Ik ga nog een nieuwe In de voetsporen van opnemen, over de jaren tachtig. En er zijn plannen voor een geschiedenisprogramma, samen met Maarten, waar ik nog niks over kan vertellen. Dat is een beetje een dure productie, dus daar moet nog wat over worden onderhandeld.
‘Het is altijd een beetje lastig om te bepalen wanneer je moet stoppen. Maar ik heb het besluit twee jaar geleden al genomen, dus ik heb ruimschoots de tijd gehad voor rouwverwerking. Wat ik altijd voor ogen heb gehouden is dat je moet voorkomen dat ze gaan denken: wanneer sodemieter jij eens op, ouwe?
‘Dat ik er destijds over ging nadenken, kwam door de lichte longontsteking die ik tijdens de opnamen die zomer had. Daar was ik toch wel behoorlijk door aangeslagen, zozeer zelfs dat er al een vervanger klaar stond om het van me over te nemen. Laat ik maar niet vertellen wie. De producent heeft toen tegen mij gezegd: je moet misschien toch eens nadenken wanneer je ermee wilt stoppen. Want stel je voor dat dit nog een keer gebeurt, of dat het echt ernstig is, dan ben je weg.
‘Dat was een goed advies, om het in eigen hand te houden. Ik wist: in 2025 ben ik 80, dan hebben we 25 seizoenen achter de rug. Dat zijn twee mooie, ronde getallen. Drie uitzendingen op een dag opnemen is heftig hoor, voor een 80-jarige. Want die man staat daar gezellig te wezen achter dat katheder, maar uiteindelijk is het wel gewoon werk, hè?’
1944 Geboren op 27 juli in Utrecht
1965 Studie politieke wetenschappen in Parijs
1971 Correspondent Frankrijk, Het Parool
1974 - 1977 Redacteur VARA, correspondent Nederland, Le Monde
1977 - 1993 Correspondent Frankrijk, Het Parool (later: de Volkskrant) en NOS Journaal
1989 - 1995 Presentator Lopend Vuur (NOS-tv), Passages (NPS), De tijd staat even stil (NCRV)
1990 - 2016 Groot Dictee der Nederlandse taal
1996 - 2009 Presentator NOS Journaal
2012 - 2025 Presentator De Slimste Mens (KRO-NCRV), met Maarten van Rossem
Philip Freriks woont afwisselend in Parijs en op Corsica. Hij is 57 jaar getrouwd met de Française Lili, samen hebben ze één zoon: Emmanuel.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant