Met de verovering van Goma heeft de door Rwanda gesteunde rebellenbeweging M23 een strategisch stuk land in handen, dat vol grondstoffen zit. Volgens experts is het gebied nu in feite geannexeerd door Rwanda. Waarom wil Rwanda dit gebied zo graag hebben?
is correspondent Afrika van de Volkskrant. Hij woont in Dakar, Senegal.
‘Een oorlogsdaad’ en ‘een invasie van ons soevereine grondgebied’. Zo noemt de regering van de Democratische Republiek Congo (DRC) de inname van Goma door rebellenleger M23. Dinsdag namen de rebellen ook het vliegveld van Goma in, dat nog in handen was van het regeringsleger. Daarmee is een belangrijke route afgesloten voor het sturen van hulp naar de duizenden Congolezen die op de vlucht zijn geslagen voor de gevechten.
De rebellen van M23 zeggen hun territorium in Oost-Congo uit te willen breiden om de Congolese Tutsi’s die in het gebied wonen te beschermen. Die zouden gevaar lopen, omdat een rebellengroep die betrokken was bij de Rwandese genocide in 1994 hen zou willen vermoorden.
Dat M23 bij die missie wordt ondersteund door Rwanda, is inmiddels algemeen bekend. Volgens recente rapporten van de Verenigde Naties zijn er drie- tot vierduizend Rwandese soldaten in het gebied actief – net zoveel, of misschien zelfs meer dan het aantal M23-soldaten.
‘M23 zou je altijd in één adem met het Rwandese leger moeten noemen’, zegt Judith Verweijen, universitair docent verbonden aan de Universiteit Utrecht. Zonder de hulp van de Rwanda Defence Force (RDF), in de vorm van onder meer troepen, inlichtingen en modern wapentuig, had M23 volgens haar nooit zoveel gebied kunnen bezetten. ‘De inzet van dit soort geavanceerde materialen is nog nooit op Congolees grondgebied voorgekomen.’
Met de controle over een groot deel van de Congolese provincie Noord-Kivu krijgen M23 en Rwanda toegang tot een gebied dat vol zit met kostbare grondstoffen. ‘Het is een van de rijkste gebieden van Afrika op het gebied van hulpbronnen,’ zegt de Congolese veiligheidsexpert Onesphere Sematumba, die Goma ontvluchtte en is uitgeweken naar de Keniaanse hoofdstad Nairobi.
‘In de grond zitten ertsen en mineralen als coltan, kobalt, kassiteriet en goud,’ zegt Sematumba. ‘Dat zijn materialen die de wereld nodig heeft voor het vervaardigen van elektronica en batterijen die nodig zijn voor de groene transitie. Maar het is ook een groen gebied met veel cacaoplantages en waardevol hout.’
De kostbare handelswaar die in de door rebellen veroverde gebieden (en ook daarbuiten) wordt gewonnen, wordt over de 221 kilometer lange grens met Rwanda verscheept. Daardoor exporteert Rwanda meer mineralen en ertsen dan het zelf wint, en komen de grondstoffen vanuit dat land in de internationale toeleveringsketens terecht.
Rwanda exporteert nu delfstoffen ter waarde van 1 miljard dollar per jaar, zegt Jason Stearns, politiek wetenschapper van de Canadese Simon Fraser universiteit en voormalig onderzoeker van de Verenigde Naties. ‘Dat is ongeveer het dubbele van twee jaar geleden. Een aanzienlijk deel daarvan komt uit Congo.’
Volgens de Congolezen maakt onder meer techgigant Apple gebruikt van ‘bloedmineralen’ voor zijn MacBooks en iPhones; een claim die de Belgische regering momenteel onderzoekt op verzoek van de Congolezen.
De ‘gigantische territoriale expansie’ van M23 en de Rwandezen heeft volgens Sematumba ook een geopolitieke en historische kant. M23 kreeg in 2012 ook al de controle over Goma, tot de rebellen zich terugtrokken na internationale druk op de Rwandese overheid. Jarenlang leek de rebellengroep zo goed als verdwenen, tot de Congolese president Félix Tshisekedi eind 2021 handelsovereenkomsten sloot met buurlanden Burundi en Oeganda.
‘Al sinds de jaren zestig maken de elites van Congo, Burundi en Rwanda afspraken over de rijkdommen van Oost-Congo,’ zegt Sematumba – voor die tijd was het toenmalige Zaïre nog een kolonie van België. ‘Toen Tshisekedi wel handelsafspraken met Burundi en Oeganda wilde maken, maar niet met Rwanda, schoot dat bij de Rwandese president Paul Kagame in het verkeerde keelgat.’
De inkt van de handelsverdragen was nog maar nauwelijks droog, of M23 liet weer van zich horen – een teken van Kagame’s onvrede. Sindsdien is de opmars van M23 nauwelijks te stuiten. ‘Dat komt ook door de beslissingen van Tshisekedi’, zegt universitair docent Verweijen. ‘Hij wilde M23 alleen militair aanpakken, en weigerde met hen te onderhandelen.’ Ook wees hij twee vredesmachten van de Oost-Afrikaanse gemeenschap en de VN de deur, omdat zij te weinig deden om het conflict te stoppen. ‘Uiteindelijk heeft dat de opmars van M23 geholpen.’
Met de inname van Goma steken M23 en Rwanda feitelijk ‘een middelvinger’ op naar de Congolese regering, zegt Verweijen. Volgens haar kijken de Rwandezen ook naar andere oorlogen in de wereld, zoals in Oekraïne en Israël. ‘Ze weten dat we leven in een veranderende wereldorde. De internationale gemeenschap is verdeeld. Dat moedigt Rwanda’s machtsvertoon aan.’
De Congolese expert Sematumba sluit zich daarbij aan: ‘Rwanda laat hiermee zien dat het oppermachtig is.’ Van de internationale gemeenschap en de VN verwacht hij weinig. ‘Iedereen veroordeelt Rwanda’s acties op papier, maar de wereld heeft het land ook nodig als partner. Dat weten de Rwandezen maar al te goed. Ze wanen zich onschendbaar.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant