Op de ‘duurzame zondag’ in Helmond buigen basisschoolleerlingen zich over het klimaatvraagstuk. Houdt het ze bezig of is de opwarming van de aarde toch vooral een ver-van-mijn-bedshow?
is binnenlandverslaggever van de Volkskrant. Reportage vanuit Helmond.
‘Wat zou jij doen aan het klimaat, als je de baas van de wereld was?’ Het is nogal een vraag die de kinderen voorgelegd krijgen, deze zondag in de Helmondse bibliotheek. Aan hun glazige blik te zien, vinden de tweelingzusjes Vera en Nadia (9) dat zelf ook. Liever buigen ze zich over het knutselwerkje dat bij de opdracht hoort.
De twee versieren een ‘tijdcapsule’ – oude jampot – die ze straks in de tuin begraven. Daarin stoppen ze een boodschap over de toekomst. Specifieker: de toekomst van de planeet. ‘Zo willen we kinderen bewust maken van klimaatverandering’, zegt programmamaker Roos Weijers. De activiteit is onderdeel van de ‘duurzame zondag’ in de bieb, waar ook een kledingruil is en afgeschreven boeken worden verkocht.
Op dit moment stevent de aarde af op 3 graden opwarming aan het eind van deze eeuw. De effecten daarvan worden steeds zichtbaarder; denk aan de branden die nog altijd woeden in Los Angeles. Met campagneposters in abri’s, beelden op tv en duurzame initiatieven als vandaag in de bibliotheek, kunnen ook kinderen daar niet meer omheen. Maar houdt het ze bezig?
Terwijl de meiden ijverig wormen, vlinders, bloemen, zonnen en mieren op hun jampot tekenen, gooit Weijers het klimaatballetje nog maar eens op. ‘Hebben jullie het thuis weleens over het milieu? Korter douchen, minder vlees eten?’ Nadia schudt van nee, Vera gaat ongestoord door met tekenen.
‘Het zit ongeveer zo’, vervolgt Weijers. ‘Omdat mensen heel veel spullen kopen, moeten de fabrieken heel hard werken. Daardoor wordt het steeds warmer op aarde en smelten de ijsschotsen. Wat gebeurt er dan met de pinguïns die daarop leven?’ Nadia, resoluut maar zonder emotie: ‘Die gaan dood.’
Gevraagd naar wat ze daarvan vindt – zielig of toch vooral ver weg – kijkt ze naar haar tweelingzus voor het goede antwoord. ‘Zielig’, zegt Vera. ‘Zielig!’, bevestigt Nadia. Maar hun lichaamstaal wijst op antwoord B: veel te ver van hun bed.
‘We hebben het thuis heel vaak over klimaatverandering’, zegt hun moeder Odelivia Schenkels (41) als ze even later komt aanlopen. ‘Hun vader heeft net een master circulaire economie behaald, dus hij vertelt hen bijvoorbeeld waarom we zonnepanelen en een warmtepomp hebben. Maar dat gaat het ene oor in, en het andere uit blijkbaar. Papa is ook wel lang van stof, moet ik toegeven.’
Of kinderen leren over het klimaat, is aan ouders en de school: het is geen verplicht onderdeel van het basisonderwijs, zegt docent en curriculumontwikkelaar Erik Meester, verbonden aan de Radboud Universiteit. ‘Ik zie wel steeds vaker scholen die er aandacht aan besteden. Dat gebeurt vanuit de beste bedoelingen, maar het risico bestaat dat kinderen het niet begrijpen, er niets mee kunnen en vooral alarmisme beklijft.’
‘Begrijp me niet verkeerd: alarmisme is terecht, gezien de situatie. Maar het is de vraag of het zin heeft om kinderen bang te maken. Als curriculumontwikkelaar kom je dat vraagstuk vaker tegen, bijvoorbeeld als het gaat over de Holocaust. Moet je dan foto’s laten zien van stapels lijken?’
Alexia (11), die een honingpotje versiert met verschillende soorten geel en goud washi-tape – ‘want dat past bij de bijen op het deksel’ – maakt zich soms wel zorgen over het klimaat. ‘Dan ben ik bang dat er water komt, en dat ik doodga’, zegt ze. ‘Maar dat is niet zo heel vaak hoor, alleen als ik er iets over zie op het Jeugdjournaal, of als mijn leraar erover praat.’
Haar broertje Alexander (8) slaat daarop aan en vertelt met veel handgebaren wat hij op school heeft geleerd over dijken en sluizen, en wat er gebeurt als die doorbreken. ‘Dan stroomt de hele wereld onder!’
In de mailbox van basisscholen buitelen ngo’s over elkaar heen met lespakketten, zegt Meester. ‘Vaak gemaakt door mensen die de ballen verstand hebben van onderwijs. En het is meestal activistisch van aard.’
Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Belangenorganisaties vechten hun ideologische strijd daarom gedeeltelijk uit op basisscholen: afgelopen jaar diende de Zuidelijke Land- en Tuinbouw Organisatie een klacht in bij de Reclame Code Commissie over een lespakket van Greenpeace. De commissie oordeelde dat twee teksten daarin te kort door de bocht waren.
‘Onderwijs is altijd ideologisch’, zegt Meester. ‘Ik denk dat het vooral belangrijk is dat ze verschillende perspectieven zien en hun eigen mening kunnen vormen. Leer ze lezen, zodat ze straks een kwaliteitskrant begrijpen en zelf zien hoe het ervoor staat. Dat is nuttiger dan hen nu lastigvallen met een supercomplex probleem dat de meeste volwassenen niet eens begrijpen.’
Met de opdracht van vandaag wil programmamaker Weijers het klimaat niet groot en eng, maar juist behapbaarder maken voor de kinderen. ‘Door ze te laten nadenken over: wat kun jij doen?’
‘Moet dat?’ vraagt Alexia als haar honingpot af is en het papier met daarop de grote vraag nog altijd blanco op tafel ligt. Maar na aandringen van Weijers is ze al gauw op dreef. ‘Iedereen moet elke dag een blikje oprapen’, schrijft ze. ‘Er zijn heel veel mensen op aarde, dus dan gaat het heel snel.’ En plastic moet verboden worden, aldus haar broertje.
Als Vera baas van de wereld was, kwamen er voor elke boom die gekapt werd, twee nieuwe in de plaats. En ‘je mag geen insecten meer doodslaan’. Wat als iemand dat wel doet? ‘Dan krijgt-ie 2 euro boete.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant