Met je partner een kind krijgen terwijl je op zolder bij je ouders woont. Of na een scheiding nog langdurig met je ex-partner onder één dak moeten wonen. Het zijn schrijnende situaties die door de oplopende woningnood steeds vaker voorkomen.
De Woonbond ontvangt dagelijks meldingen van zeer schrijnende situaties. Daaronder bijvoorbeeld meldingen van mensen die ver in de dertig zijn en nog steeds geen eigen woonruimte hebben. Maar ook jongvolwassenen die met geen mogelijkheid een eigen leven kunnen opbouwen.
Een andere groep mensen die het moeilijk heeft, zijn gezinnen waarbij de partners in scheiding liggen. Soms moeten ex-partners nog jaren bij elkaar wonen omdat het geen van beiden lukt eigen woonruimte te vinden.
De woningnood is een groot maatschappelijk probleem, concludeert hoogleraar Matthijs Korevaar van de Erasmus Universiteit Rotterdam. "Door de woningnood moeten hele generaties levenskeuzes maken in een ongeschikte omgeving of levenskeuzes zelfs uitstellen."
Dat de woningnood groter wordt, is volgens Korevaar goed zichtbaar in de statistieken. "Voor mensen van achttien jaar of ouder die op 1 januari 2013 nog thuis woonden, was binnen een jaar 18,5 procent uit het ouderlijk huis verhuisd. Tien jaar later is dat percentage gedaald naar 16 procent."
Dat lijkt geen grote daling, maar als het percentage gelijk was gebleven hadden alleen al in 2023 ongeveer 36.000 extra thuiswonende volwassenen uit huis gekund. Dat zijn mensen die nu niet in staat zijn een eigen leven op te bouwen.
Ook uit cijfers van statistiekbureau CBS blijkt dat starters de afgelopen twintig jaar vaker en langer thuis bleven wonen. Zoals je hieronder ziet, woonde in 2003 39,8 procent van alle Nederlanders tussen de achttien en dertig jaar thuis. Dat is tot aan 2023 opgelopen tot 45,8 procent.
Er is nu een tekort aan 401.000 woningen, becijfert het ministerie van Volkshuisvesting. Dat drijft de prijs voor koopwoningen op en heeft ook invloed op de huurprijzen.
Dat treft bijna alle starters. "Er komen bijna geen sociale huurwoningen van corporaties beschikbaar voor starters met een lager inkomen", ziet Korevaar. Deze groep stortte zich daarom de laatste jaren op de particuliere huursector, waarin ook starters met een hoger inkomen vissen.
"Starters vallen in bijna elke woonsector buiten de boot", zegt Mathijs ten Broeke van de Woonbond. "We zien veel mensen met een goed salaris, maar die geen woonruimte kunnen betalen. Maar ook veel starters die te veel verdienen voor sociale huur, te weinig voor de vrije sector en die worden overboden bij een koophuis."
Maar ook gezinnen die willen scheiden zitten in de knel. Dat komt doordat het bijna onmogelijk is om op één salaris een huis te kopen. Maar ook doordat een scheiding geen urgentie oplevert bij het zoeken naar een huurwoning. Partners die in scheiding liggen, zijn daardoor vaak nog lang op elkaar aangewezen.
"Dat soort situaties kosten de samenleving uiteindelijk veel geld", zegt Edwin Krouwel van Parentshouses Nederland. Die stichting biedt onderdak aan ouders met kinderen in het geval van een relatiebreuk. Parentshouses wil met opvang voorkomen dat er vechtscheidingen ontstaan waar kinderen de dupe van zijn.
"Als je uit elkaar gaat, kun je het voornemen hebben om alles netjes te regelen", legt Krouwel uit. "Maar als je lang bij elkaar moet blijven wonen, kunnen toch onoplosbare spanningen, ruzies en conflicten ontstaan. Regelmatig leiden die zelfs tot psychische klachten bij een van de partners of de kinderen."
Dat zorgt volgens Krouwel voor extra druk op de zorg, maar ook op de rechtspraak. "Meer scheidingen lopen uit op juridisch getouwtrek dat bij een rechter beslecht moet worden."
De Woonbond ziet dat veel scheidingen erop uitlopen dat een van de ex-partners dakloos raakt. Je moet dan op je veertigste samen met je kinderen noodgedwongen weer bij je ouders intrekken. Maar het komt ook regelmatig voor dat gescheiden mensen van het ene tijdelijke verblijf naar het andere zwerven.
Parentshouses ontvangt wekelijks zo'n vijftig hulpverzoeken. Dat is slechts het topje van de ijsberg, weet Krouwel. "Hoewel we willen voorkomen dat er vechtscheidingen ontstaan, komen mensen vaak pas bij ons als de situatie al volledig is geëscaleerd. Het daadwerkelijk aantal mensen dat in de knel zit is vele malen groter."
Source: Nu.nl economisch