Home

Opinie: Van stiltecoupé tot vergadering – waarom nemen sommige mensen zoveel meer ruimte in dan anderen?

Sommige mensen maken met zoveel vanzelfsprekendheid geluid, dat ze ruimte volledig opslokken zonder rekening te houden met anderen. Maar of het nu om fysieke of abstracte ruimte gaat: hij moet gelijk verdeeld worden.

Ik loop met mijn vriend een koffiezaak in. We bestellen een cappuccino voor mij, een americano voor hem. We vinden een plekje en gaan zitten. Aan een tafeltje in een hoek zit een man te werken achter zijn laptop. Achterin de zaak zit een vrouw te typen. Er heerst een rustige sfeer. Iedereen doet zijn eigen ding.

Totdat een andere jongeman binnenkomt. Hij pakt een tafeltje en opent zijn laptop. Niet veel later wordt de ruimte overspoeld door een stem. Hij lijkt een webinar te volgen, luid en duidelijk via zijn laptop. Geen oordoppen en een hard stemgeluid. Ik hoor iets over een webpagina die moet worden aangepast. Het voelt alsof hij met een onzichtbare ballon de ruimte vult, langzaam iedereen naar de randen van de koffiezaak drukt.

Over de auteur

Bibi van Gijzel is jurist.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Ik voel me ongemakkelijk. Moet ik er wat van zeggen? Moet ik opstaan en hem vragen zachter te doen? Het voelt alsof ik lastig zou zijn als ik hem aanspreek. Misschien stoort niemand zich er verder aan. Ik blijf zitten, met mijn ongemak.

Dit soort situaties zijn niet nieuw voor me. Ik voel het in vergaderingen, als mensen elkaar niet aan het woord laten. In de trein, als mensen luid bellen in de stiltecoupé. Op feestjes, als iemand andermans verhaal probeert te overtreffen met iets groters, beters. Er zijn vaak mensen die meer ruimte innemen dan de rest, zonder zich daar bewust van te zijn. En altijd vraag ik me af: waarom is het zo moeilijk om ruimte eerlijk te verdelen?

Ongemak

Het ongemak dat ik voel in zulke situaties is niet uniek. Vooral vrouwen, denk ik, herkennen dit. We zijn vaak geconditioneerd om ons aan te passen, om ruimte te laten, om niet als lastig over te komen. ‘Pas je aan, wees niet te aanwezig’, wordt ons geleerd. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat vrouwen in vergaderingen minder spreektijd krijgen dan mannen. Ze worden ook vaker onderbroken, wat kan bijdragen aan het gevoel dat hun stem minder telt.

Maar deze dynamiek raakt niet alleen vrouwen. Introverte mensen, mensen met minder macht, mensen met een andere communicatiestijl – zij lopen allemaal tegen dezelfde muur aan. Want hoe harder de een praat, hoe meer de ander zwijgt. Hoe meer ruimte de een neemt, hoe minder er overblijft voor de rest. En daar ligt de kern van het probleem. Voor sommigen voelt ruimte innemen vanzelfsprekend, bijna instinctief. Voor anderen is ruimte geven zo vanzelfsprekend dat ze actief moeten leren om hun plek te claimen.

Het is niet altijd verkeerd als iemand meer ruimte inneemt. Sterker nog, in sommige situaties kan dat juist nuttig zijn. Denk aan een vergadering waarin een expert uitgebreid spreekt of een collega die een vergadering op gang helpt met energie en ideeën. Maar hier ligt ook het verschil: ruimte innemen mag, zolang het bewust gebeurt. Het wordt problematisch wanneer iemand ongewild of onbewust de dynamiek in een ruimte bepaalt, zoals die jongeman in de koffiezaak. Hij had misschien niet door dat hij de rest stoorde, maar dat maakt het niet minder vervelend.

De ballon doorprikken

Het sleutelwoord is bewustzijn. Ruimte nemen met een intentie is iets anders dan het zomaar naar je toetrekken. Wanneer iemand zich bewust is dát, en aangeeft waarom hij of zij meer tijd of aandacht vraagt en de groep daarmee (impliciet) instemt, is het geen overname. Het wordt een keuze, geen machtsgreep.

Voor echte verandering ligt de bal bij degenen die onbewust de meeste ruimte innemen. Zoals de jongeman in de koffiezaak, die zonder erbij stil te staan de sfeer voor iedereen bepaalde. Voor mensen zoals hij is reflectie cruciaal: Geef ik anderen ruimte om hun stem te laten horen? Nodig ik anderen uit voor een gesprek?

Het is de verantwoordelijkheid van degenen die de ballon opblazen, om te begrijpen dat hun gedrag anderen kan benauwen. Zonder reflectie blijven ze de ruimte vullen, terwijl anderen zich noodgedwongen aanpassen.
Het is niet de taak van degene die zich stilhoudt om de balans te herstellen. Het is te makkelijk om ervan uit te gaan dat zij wel voor zichzelf opkomen. Toch kan een simpele vraag, zoals ‘Zou je het geluid wat zachter willen zetten?’, bewustzijn creëren.

Dat soort reflectieve vragen zouden niet nodig moeten zijn, maar helpen wel om iemand die te veel ruimte inneemt wakker te schudden. De ballon doorprikken kan ongemakkelijk voelen, maar het is nodig. Anders blijft de ruimte gevuld met wat één persoon wil, en verdwijnt het gevoel van gezamenlijkheid.

Ruimte is een kostbaar goed. Of het nu gaat om fysieke plekken of abstracte plekken zoals een gesprek of een vergadering: ruimte moet gedeeld worden. Pas als de ene groep leert om minder te vullen, en de andere groep zichzelf toestaat om meer ruimte te nemen, kunnen we een eerlijke verdeling bereiken. Als we allemaal leren luisteren, bewuster spreken en meer delen, ontstaat er iets bijzonders. Niet alleen balans, maar ook een omgeving waarin iedereen zich welkom voelt.
Want ruimte is écht van iedereen.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next