De Tweede Kamer debatteert donderdag over de vraag hoe de enorme hoeveelheid dagelijkse moties kan worden ingedamd. CDA-leider Henri Bontenbal hoopt met een motieplafond de lawine aan verzoeken, oproepen en veroordelingen te bedwingen. ‘We maken onszelf nu gek’.
is politiek verslaggever van de Volkskrant.
Het is een vast ritueel aan het eind van ieder debat: Kamerleden die met een motie proberen het beleid bij te sturen, of van een oordeel te voorzien. Hoeveel moties er worden ingediend, maakt niet uit. Als het Kamerlid maar binnen de tijd blijft.
Tweemaal in de week worden alle moties bij elkaar geraapt, waarna er op dinsdag en donderdag wordt gestemd. Afgelopen dinsdag over: het kwijtschelden van studieschulden van de kinderen van de toeslagenouders, niet verder bezuinigen op de zorg, slecht scorende rijscholen tot verbetering dwingen, bevaarbaar houden van de vaargeul tussen Holwerd en Ameland, en de hervorming van het toeslagsysteem voor de kinderopvang zo snel mogelijk naar de Kamer sturen.
Aangenomen moties worden op sociale media met de achterban gedeeld en gevierd. Bij moties die het niet redden wijzen de indieners naar de partijen die hebben dwarsgelegen. Of een motie haalbaar is, doet er niet meer toe.
Alles over politiek vindt u hier.
In de Kamer bestaat al langer ongemak over de gewoonte om via moties permanent campagne te voeren op sociale media. De toename van het aantal ingediende moties maakt dat het instrument aan kracht verliest, concludeerde de werkgroep-Van der Staaij nog niet zo lang geleden.
De cijfers liegen er ook niet om. Werden er in de jaren tachtig nog gemiddeld 829 moties per jaar ingediend, de afgelopen tien jaar waren dat er gemiddeld 3.945. In 2022 was er een record: in de Kamerbankjes gingen de handen meer dan 5.000 keer in de lucht. Volgens Van der Staaij moet de Kamer sterk overwegen zichzelf een quotum op te leggen: maximaal twee moties per debat.
Die handschoen wil Bontenbal nu oppakken. Hij heeft het helemaal gehad met de enorme hoeveelheden moties waarmee de Kamer ‘zichzelf helemaal gek maakt. ‘Ze zijn vaak ondoordacht, onzorgvuldig en ongedekt’, aldus de CDA-leider. ‘Soms gaan de stemmingen helemaal nergens over, dan wordt er gelachen om moties die worden ingediend.’
Bontenbal stelt voor om met een motieplafond te komen: elk Kamerlid mag maximaal twee moties per debat indienen. Per jaar mogen er niet meer dan 150 moties worden ingediend, plus het aantal Kamerleden dat een fractie telt. Voor JA21 (één zetel) is dat dus 151, voor de PVV (37 zetels) 187 moties. Zijn CDA-fractie werkt al volgens dit principe, aldus Bontebal. ‘We zijn niet minder efficiënt geworden. Ik vind juist dat we effectiever zijn geworden.’ Zijn verwachting is dat Kamerleden zorgvuldiger omgaan met het indienen van moties.
Het is de vraag of de rest van de Kamer het ook ziet zitten om zichzelf beperkingen op te leggen. Voor beginnende Kamerleden is de motie een manier op zichzelf op de kaart te zetten binnen de partij, maar ook om de achterban te overtuigen dat ze vanuit de oppositie invloed kunnen uitoefenen. De motie is volgens die redenering het bewijs dat een stem op een oppositiepartij geen verloren stem is.
Een partij als Denk heeft veel te danken aan de motie. Terugblikkend op de tien jaar dat de partij inmiddels in de Kamer zit, ziet Kamerlid Dogukan Ergin de motie als een belangrijk middel om voet aan de grond te krijgen op het Binnenhof.
‘Het is een instrument voor nieuwe partijen om de kiezer duidelijk te maken waar ze ten opzichte van andere partijen staan’, aldus Ergin. ‘Met een motie maak je de verschillen tussen partijen in een klap visueel.’ Hij onderscheidt twee functies van een motie: Kamerleden kunnen beleid bijsturen met een oproep aan het kabinet, of ze kunnen andere fracties dwingen stelling te nemen ( de zogeheten ‘spreekt-uit-motie’).
Hoewel Ergin zijn bedenkingen heeft bij sommige moties ziet hij een motieplafond niet zitten. Hij verwacht dat Kamerleden meerdere afzonderlijke moties dan in één alomvattende motie zullen proppen.
Bontenbal ziet dat gevaar ook. ‘Maar de kans dat je motie dan nog wordt aangenomen wordt wel kleiner. Dat betekent dat je zorgvuldiger moet formuleren.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant