Home

Dat mensen die het hard nodig hebben geen hulp durven vragen, uit angst voor de overheid, is ontoelaatbaar

Zorg dichtbij de hulpbehoevende burger. Het uitgangspunt van de decentralisatie van de zorg in het sociaal domein was mooi. Tien jaar geleden werd de uitvoering van de Wmo, de Jeugd- en de Participatiewet overgeheveld van het Rijk naar gemeenten. ‘De grootste verbouwing van de verzorgingsstaat sinds het begin ervan.’

Kennisinstituut Movisie organiseerde een bijeenkomst om na te gaan wat er van de decentralisatie van de zorg terecht is gekomen en vroeg ook mijn visie. Ik beken, vanaf het begin was ik zeer kritisch op het nieuwe systeem en terugkijken op die tien jaar stemt somber.

De theorie was: ‘Eén gezin, één plan, één regisseur’. Als moeder van een kind met een beperking heb ik jarenlang aan den lijve ‘één gezin, veel plannetjes en ontelbare ‘regisseurs’ mogen ervaren. Overwegend leuke meiden, veelal begin en midden 20, vaker mbo- dan hbo-geschoold.

Over de auteur
Harriët Duurvoort is publicist en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

De keukentafelgesprekken beoogden resultaatgericht en efficient te zijn: zodra de aangeboden hulp goed werkte, was dat vaak een reden om die hulp te beeindigen. Het voelde soms als controlerend en wantrouwend. Of als aanbodgestuurde bemoeizorg. Ook poogden wijkteammedewerkers dure zorg in te kopen bij de organisatie van waaruit ze gedetacheerd waren. Als je die zorg niet passend vond, zou je ‘ zorgmijdend’ zijn.

Of je goede zorg voor je kind in psychische nood krijgt, is vergelijkbaar met de Postcodeloterij, stelden zorgprofessionals in 2017 in een uitgebreide enquête van onderzoeksjournalistiek platform Investico. Er is sprake van willekeur, rechtsonzekerheid en chaos.

Omdat gemeenten betalen (of niet) moeten jeugdhulpverleners kijken of een psychisch ziek kind wel de juiste postcode heeft. En eventjes met je zorgenkind naar een betere postcode verkassen is meestal geen optie. Dit werkte ook door in het speciaal onderwijs. Het uit de Jeugdwet betaalde onderwijszorgarrangement moest betaald worden door de leerlingen uit de gemeenten waar het jeugdbudget nog niet op was.

Fijn dat jullie uit Rotterdam komen, dan kunnen de klasgenootjes uit Barendrecht en Ridderkerk ook meeprofiteren, want daar is men blut, kreeg ik ooit te horen. En dan barst los wat ik, naast het falen van de rechtsstaat, ook als systeemfalen van het sociaal domein beschouw: het toeslagenschandaal. Aan het licht gekomen terwijl we al een aantal jaar, dankzij de decentralisatie, nabije hulp verleenden aan kwetsbare burgers.

Maar het zijn niet de wijkteams, waarin schuldhulpverleners, maatschappelijk werkers en jeugdzorgmedewerkers vertegenwoordigd zijn, die, terwijl ze keukentafelgesprekken moesten houden met volstrekt vermorzelde burgers, aan de bel hebben getrokken dat er toch echt iets mis was met het terugvorderen van kinderopvangtoeslag door de Belastingdienst. Het zijn journalisten.

Dat mensen door de Belastingdienst als fraudeur waren aangemerkt leidde er slechts toe dat hulpverleners hen ook verdachten, wat tot bijvoorbeeld uithuisplaatsingen leidde. Ook los van de toeslagenaffaire is het een feit dat arme, kwetsbare gezinnen eerder bang zijn voor hulp dan dat ze denken dat ze erbij gebaat zijn.

In een tijd dat de bestaanszekerheid voor veel gezinnen al jaren onder druk staat, bepleitte ik omdenken over zorg. In plaats van tonnen uit te geven aan hulpverleners die de stress verhogen door te kijken of er wel eten in de koelkast is. Laat het wijkteam desnoods zelf een volle boodschappentas meenemen.

Geef ouders een apart soort schuldhulpverlening waarbij ze verplicht een hoger basisinkomen overhouden. Omdat kinderen belangrijker zijn dan schuldeisers en deurwaarders. Rijke ouders daarentegen weten de weg naar de jeugdhulp soms al te goed te vinden. ‘Zestienjarige met liefdesverdriet? Bel de gemeente!’, aldus een wethouder in de zaal.

In 2023 beklaagden onderwijswethouder Marjolein Moorman en kinderpsychiater Arne Popma zich er al over dat ouders uit het rijke Amsterdam-Zuid een veel groter beroep op jeugdhulp doen dan ouders uit het arme Amsterdam-Zuidoost. Mij verbaasde dat niets. Arme ouders zijn vaak als de dood voor hulp en dat is helaas niet altijd ongegrond. Of nu het Rijk verantwoordelijk is of de gemeenten, lijkt me inmiddels minder belangrijk dan de olifant in de kamer.

Het is tijd voor een moreel debat over hoe we compassievolle, menselijke zorg verlenen. Zorg die er van uit gaat dat ook kwetsbare burgers gewoon deugen en hun stinkende best doen er iets van te maken. Dat mensen die het meest hulp nodig hebben dat niet durven vragen, omdat ze zo bang zijn voor de overheid, is ontoelaatbaar.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next