Home

Onderzoek: stikstofprobleem oplossen met alleen innovatie is niet realistisch

Met technische snufjes en andere aanpassingen kan de veehouderij de stikstofuitstoot in het beste geval halveren. Genoeg om de doelen te halen, maar in werkelijkheid niet realistisch. Krimp van de veestapel is daarom onvermijdelijk, concluderen Wageningse onderzoekers.

is economieredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft onder meer over landbouw en voedsel.

Luchtwassers, emissiearme stalvloeren, minder eiwit in het voer, mest preciezer toedienen: aan slimme ideeën om de stikstofuitstoot van de veehouderij te reduceren geen gebrek. Als alle veehouders dit soort innovaties inzetten, kan de stikstofuitstoot binnen 5 jaar met 41 tot 50 procent dalen. Dat blijkt uit onderzoek van Wageningen University & Research in opdracht van het Interprovinciaal Overleg (IPO). Dat is genoeg om de door Nederland zelf gestelde stikstofdoelen te halen.

De onderzoekers plaatsen daarbij wel een belangrijke kanttekening. ‘De praktijk van de afgelopen jaren laat zien dat het vrijwel onmogelijk is om overal een breed palet aan maatregelen op een juiste manier te implementeren’, schrijven ze. Ze noemen het daarom ‘realistisch’ dat krimp van de veestapel en een verlaging van het aantal dieren per hectare landbouwgrond noodzakelijk is om milieudoelen te halen.

De onderzoekers namen 62 innovaties onder de loep voor de rundveehouderij, varkenshouderij en pluimveehouderij. Daarbij hanteerden ze een brede definitie van het woord innovatie. Die behelst niet alleen technieken die de uitstoot uit de stal kunnen verminderen, maar ook aanpassingen in de bedrijfsvoering. Daarbij valt te denken aan het geven van ander voer en slimmere mesttoediening.

Praktijk

In hun berekeningen gaan de onderzoekers ervan uit dat alle veehouders meedoen, en ze de maatregelen ook op de juiste manier toepassen. Beide aannames worden in de praktijk vaak niet bewaarheid. Boeren zijn geld en tijd kwijt aan de maatregelen en zullen ze dus niet zomaar nemen. Uit onderzoek naar emissiearme stallen blijkt bovendien dat die hun theoretische reductie in de praktijk vaak niet halen. Veranderingen in de bedrijfsvoering, zoals ander voer, zijn lastig te handhaven.

‘In de praktijk moet je er niet op rekenen dat we die 41 tot 50 procent echt halen’, erkent onderzoeker Wim de Vries. Wat wel realistisch is, durft hij niet met zekerheid te zeggen. ‘Dat is geen wetenschap, dat is koffiedik kijken.’ De studie maakt voor hem duidelijk dat de milieuproblemen in de landbouw niet zomaar op te lossen zijn. ‘Het is niet voldoende om een aantal piekbelasters uit te kopen. Je moet het hele bataljon meekrijgen.’

Minister van Landbouw Femke Wiersma (BBB) is ervan overtuigd dat innovatie de oplossing is voor het stikstofprobleem. Uit een pot van 5 miljard euro wil ze 1,25 tot 2,5 miljard gebruiken om te investeren in schonere stallen en andere technologische innovaties. Het onderzoek zet die plannen in perspectief: zelfs wie een brede definitie van innovatie hanteert en een roze bril opzet, moet erkennen dat het geen panacee is.

Duidelijkheid

Krimp van de veestapel lijkt onvermijdelijk, concluderen de onderzoekers. ‘Je moet niet al je kaarten zetten op innovatie, alsof dat alles oplost’, zegt De Vries. ‘Ik schat in dat je twee derde van de opgave met innovaties kan halen, en een derde met veestapelreductie. Dan kom je snel uit op 20 tot 25 procent minder dieren.’

Jan Willem Erisman, hoogleraar Milieu en Duurzaamheid aan de Universiteit Leiden en niet betrokken bij het onderzoek, vindt dat de berekeningen een hoog hypothetisch gehalte hebben. ‘De mogelijke stikstofreductie hangt sterk van andere factoren af, zoals de onderzoekers al schrijven. Handhaving en borging is belangrijk, maar dat is bij sommige maatregelen best lastig. Bovendien haalt niet iedere boer in de praktijk het rendement dat in het lab mogelijk is gebleken.’

Boeren hebben volgens Erisman vooral behoefte aan duidelijkheid over de doelen waar ze aan moeten voldoen. ‘Laat het dan aan de boer om te shoppen uit een lijst met maatregelen. Dit rapport draait het om: als alle boeren dit doen, halen we de doelstellingen.’

‘Verschillende sporen’

Stalinnovaties zijn volgens het onderzoek het meest effectief, maar ook veruit het duurst. Veranderingen in de bedrijfsvoering zijn goedkoper en leveren soms zelfs geld op, maar de potentiële emissiereductie is kleiner. In totaal bedragen de jaarlijkse kosten volgens de onderzoekers zo’n 400 miljoen euro. Daarmee zou de innovatiepot van minister Wiersma binnen een paar jaar leegraken.

‘De vraag is of het allemaal van de overheid moet komen, of ook voor een deel uit de markt’, stelt De Vries. Consumenten zouden dan via hun winkelmandje bijdragen aan een gezondere natuur, schoner water en minder broeikasgassen uit de landbouw.

‘Dit onderzoek geeft perspectief over hoe we innovaties kunnen benutten om de stikstofuitstoot te laten dalen’, zegt Jelle Beemsterboer (BBB), gedeputeerde in de provincie Noord-Holland en voorzitter van de bestuurscommissie Landelijk Gebied van opdrachtgever IPO. ‘Nu kunnen we met de sector in gesprek over hoe we dat gaan bereiken.’

Beemsterboer hoopt wel dat boeren het rapport erbij pakken om te kijken welke maatregelen ze zelf kunnen nemen. Ook krimp is wat hem betreft bespreekbaar. ‘Als een boer daarvoor kiest, is dat prima. Het is mooi dat we de verschillende sporen nu in beeld hebben. De overheid kan daarin sturen met subsidies.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next