Het kabinet zet het plan door om cameratoezicht te gaan houden op contacten tussen advocaten en gedetineerden in een extra beveiligde inrichting. Meeluisteren of geluidsopnames maken is niet toegestaan. De Tweede Kamer lijkt zich daarbij neer te leggen.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft onder meer over justitie.
Dinsdag behandelt de Kamer een wetsvoorstel met een aantal wijzigingen van de Penitentiaire beginselenwet. Een van de voorgestelde maatregelen is cameratoezicht op gesprekken tussen raadsman en gedetineerde crimineel. Het kabinet hoopt daarmee beter op te kunnen treden tegen georganiseerde criminaliteit tijdens detentie. De Nederlandse Orde van Advocaten is zeer bezorgd over dat plan.
Op aandringen van de Tweede Kamer, met name van VVD-Kamerlid Ulysse Ellian, diende voormalig minister Franc Weerwind (Rechtsbescherming, D66) in 2023 het wetsvoorstel in, met als doel voortgezet crimineel handelen vanuit de gevangenis tegen te gaan. Daarvoor zijn in diverse, geruchtmakende strafzaken steeds meer aanwijzingen aan het licht gekomen. Met standaard beeldregistratie zou in de toekomst kunnen worden teruggekeken of advocaat en cliënt fysieke boodschappen hebben uitgewisseld.
Bij de behandeling van het wetsvoorstel vorig jaar verzette een deel van de Kamer (onder meer GL-PvdA, D66 en SP) zich tegen het generieke karakter van de maatregel. Ook volgens de Nederlandse Orde van Advocaten, de Afdeling advisering van de Raad van State en de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming zou een individuele beoordeling van de noodzaak tot beeldregistratie meer op zijn plaats zijn.
Dit mede omdat de populatie van gedetineerden in de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught en vooral op de Afdelingen Intensief Toezicht (AIT) nogal uiteenlopend van karakter is. Door iedereen met videotoezicht te belasten, worden de rechten van gedetineerden binnen deze regimes ‘onnodig en onevenredig’ geraakt, aldus Jeroen Soeteman, deken van de Orde.
In een brief aan de Kamer noemt hij het toezicht ‘in strijd met de eisen van noodzakelijkheid en proportionaliteit’. Een camera die meekijkt belemmert de communicatie en dat kan negatieve gevolgen hebben voor het recht op effectieve rechtsbijstand, aldus Soeteman. Hij vreest dat een steeds grotere groep gedetineerden te maken zal krijgen met ingrepen in het ‘vrij en vertrouwelijk’ verkeer tussen cliënt en advocaat. ‘Het risico op een glijdende schaal is reëel.’
Het rechter deel van de Kamer vindt juist dat de maatregelen van Weerwind niet ver genoeg gingen. Kamerleden Ellian en Lilian Helder (BBB, voorheen PVV) dienden amendementen in die ook audiovisueel (meekijken en -luisteren) en auditief toezicht (terugluisteren) mogelijk maakten. Ellian wilde ook vergaande beperkingen kunnen opleggen aan bezoek- en telefoonrechten. De Kamer stemde in maart vorig jaar met de aanpassingen in, wat betekende dat de amendementen vanaf dat moment deel uitmaakten van het wetsvoorstel.
Vooral het maken van geluidsopnamen was zeer tegen de wens van Weerwind. Hij vroeg om een spoedadvies van de Raad van State, dat hem bevestigde in zijn opvatting dat de amendementen van Ellian en Helder indruisen tegen de Grondwet (artikel 17: het recht op een eerlijk proces), het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (het recht op vertrouwelijk verkeer met een advocaat, buiten gehoorsafstand van een derde) en het Europees Unierecht.
Vlak voor het einde van zijn periode als minister stelde Weerwind een wijzigingsvoorstel op, dat de amendementen weer ongedaan maakt. Het is dit (oorspronkelijke) wetsvoorstel dat de staatssecretarissen Teun Struycken (Rechtsbescherming, partijloos) en Ingrid Coenradie (Gevangeniswezen, PVV) dinsdag verdedigen.
Weerwind zei daarover eind mei in een afscheidsinterview tegen de Volkskrant: ‘In mijn voorstel ben ik heel ver gegaan om voortgezet crimineel handelen in detentie tegen te gaan. Criminele samenwerkingsverbanden zijn een geduchte tegenstander, daar moeten we niet naïef in zijn. Maar ik wil ook dat we oog houden voor onze Grondwet en de overige rechtsbeginselen. Dat we die respecteren. Aan de Kamer de keuze.’
Ellian laat weten dat hij zich hierbij neerlegt. ‘Ik zie dat veel van mijn wensen in het wetsvoorstel terecht zijn gekomen, ook de beperkingen aan communicatie. Ik vind dat ik dan ook reëel moet zijn en mijn politieke zegeningen moet tellen. Het opnieuw overdoen van deze exercitie acht ik politiek niet zinvol.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant