De lezersbrieven, over de lol van lesgeven, negentig onbekende Palestijnen, de speerpunten van BBB en PVV, moedige besluiten, het advertentiebeleid van de krant en drammerige recensenten.
Lesgeven in het voortgezet onderwijs betekent voortdurend overwerken, altijd moeten aanstaan en omgaan met plofklassen vol ongemanierde leerlingen, zo betoogt collega Jeff van der Linden. Hoewel enigszins herkenbaar, doet zijn bijdrage weinig recht aan de mooie aspecten van het werken op een middelbare school.
Het merendeel van de scholieren is geïnteresseerd (ja, echt), betrokken en staat open voor de oprechte belangstelling die je in ze toont, waardoor het werk veel voldoening geeft. Het klopt dat vergaderingen, ouderavonden en correctiewerk soms zorgen voor een piekbelasting, maar daar staan het waardevolle werk, de vele vrije dagen en twee keer modaal inkomen tegenover.
Er is een groot docententekort. Het benadrukken van de ingewikkelde kanten van ons werk helpt daar niet bij. Kom een keer kijken in de klas, verbreed je horizon, je krijgt er geen spijt van.
Gijs van den Brekel, Tilburg
Er zijn drie jonge Israëlische vrouwen vrijgelaten – we kennen hun namen en gezichten. We hebben ook gehoord waar ze gegijzeld werden. De negentig Palestijnse vrouwen en kinderen die in ruil daarvoor zouden worden vrijgelaten zijn vooralsnog onbekend. We weten ook niet hoe en waarom ze gevangen zijn genomen. Gaan we straks ook hun namen en gezichten zien?
Arjen Markus, Rotterdam
Vorige week vond Caroline van der Plas van de BBB het nodig om te reageren op de tv-serie Woeste Grond. Was zelfs van plan er Kamervragen over te stellen. Nu doet de PVV hetzelfde in verband met de Israëlische cabaretier Yohay Sponder, wiens optreden in Amsterdam geannuleerd is. Wordt het geen tijd dat deze partijen gaan doen waarvoor ze betaald worden, namelijk regeren? (In plaats van zich bezig te houden met zaken waar ze niet over gaan.)
Maria Yperlaan, Huesca (Spanje)
Afgelopen zaterdag heb ik mijn Instagramaccount – vijfduizend volgers – en WhatsApp opgezegd omdat ik niet langer verbonden wil zijn aan Meta. Een socialemediaplatform dat indruist tegen alles waar ik in geloof en waarde aan hecht. Dat heb ik ook gemeld op mijn populaire (bijna 25 duizend abonnees) moestuinkanaal op YouTube.
90 procent van mijn volgers op beide kanalen vonden dat een heel moedig besluit. Dat is hartverwarmend, maar het trieste is om dit moedig te noemen.Je uitspreken tegen Mark Zuckerberg en de nieuwe wereldorde volgens Donald Trump, moedig noemen? Hoe erg is dát in deze tijd?
Ineke Wennink, Belaye (Frankrijk)
Het is in veel politieke kringen goed gebruik de juridische beoordeling aan de rechter te laten. Wij respecteren uitspraken; bij twijfel is er hoger beroep. Politici die zich toch een oordeel veroorloven worden teruggefloten: de scheiding der machten.
Het was daarom opmerkelijk dat Nawaf Salam, voorzitter van het Internationaal Gerechtshof in Den Haag, moeiteloos overstapte naar de politiek, kort na een rechterlijke uitspraak in dezelfde regio. Zeker bij het Internationaal Gerechtshof verwacht je hoogleraren met onbetwist gezag, maar deze rechter-voorzitter bleek zó politiek geëngageerd dat hij afgelopen week premier werd van Libanon.
Politiek moet zich niet met rechters bemoeien, maar andersom rechters misschien ook niet met politiek. Hoewel er toenemende belangstelling is voor de rechtsstaat, bleef deze transfer vooralsnog wat onderbelicht.
Hugo Bellaart, wethouder (VVD), Bussum
Terwijl de ene na de andere alarmerende analyse over de toenemende macht en invloed van techcowboys als Mark Zuckerberg in de krant verschijnt, besluit de Volkskrant doodleuk een levensgrote advertentie van de nieuwe tieneraccounts van Instagram op de achterzijde van de zaterdagkrant te publiceren. Boodschap: lieve ouders, maakt u zich toch vooral niet zoveel zorgen over uw tienerzoon of -dochter die elke dag dieper in de algoritmische fuik belandt die wij voor hem of haar hebben gecreëerd.
Dat Zuckerberg onlangs wel vrolijk alle factcheckers wegstuurde bij moederbedrijf Meta, vergeet de advertentie te benoemen. Ook bij DPG Media moet er brood op de plank, maar om rechtstreeks een platform aan te prijzen dat een directe, negatieve invloed heeft op een gezond functionerende democratie en journalistiek, is kwalijk.
Tijmen Hoes, Amsterdam
Mogelijk is recensent Sander Kollaard tijdens het lezen van Wij die worstelen met God besmet geraakt met het drammerige toontje van Jordan Peterson. In ieder geval is hij zelf ook gaan geloven in ‘zijn eigen heilige gelijk’. ‘Peterson komt met dezelfde onzin die theologen al eeuwig verkondigen’, lijkt mij in ieder geval een pijnlijk voorbeeld van dezelfde hoogmoed die hij Peterson verwijt.
Marjoleine Vosselman, Nijmegen
Voor de zoveelste keer is het muziekonderwijs slachtoffer van het compleet doorgedraaide marktdenken. In de krant lees ik dat interim-directeur Heidy Knol van kunstencentrum SKVR, waar de muziekschool Rotterdam onder valt, het marktdenken als leidend principe omarmt. Knol, aangesteld om de reorganisatie uit te voeren, legt ons haarfijn uit waarom de muzieklessen wel móéten sneuvelen: het businessmodel muziek en zang is namelijk niet kostendekkend te krijgen.
Nee natuurlijk niet. Net zomin als de noodzakelijke aanplant van bomen in de stad, het plaatsen van een werkend stoplicht of het bekostigen van een basisschool kostendekkend te krijgen zijn. Maar ze zijn wel nodig voor een gezonde en veilige samenleving.
Knol zegt het zelf: ‘Bij muziek lijden we het meeste verlies (sic!) omdat goede lessen piano of viool niet in grotere groepen te geven zijn.’ Ze begrijpt dus heel goed waar de schoen wringt.
Juist daarom is er maar één oplossing: er moet voldoende geld naar kwalitatief goed en professioneel muziekonderwijs aan jeugd én volwassenen. En dan betaalt de zo gewenste ‘winst’ zich, net als bij de hiervoor genoemde noodzakelijke voorzieningen, later uit: een brede laag van goed opgeleide amateurmusici uit alle lagen van de bevolking die vervolgens van waarde blijkt te zijn in het professionele muziekleven. En daar profiteert de samenleving als geheel van. Tel uit je winst.
Michael Nieuwenhuizen, Mirjam Sweijd, Deventer
Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.
Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant