Het Rotterdamse OV-bedrijf RET gaat zijn eigen stroomnet voor trams en metro’s gebruiken om bedrijven en instellingen die nu geen aansluiting kunnen krijgen, aan elektriciteit te helpen. Onder meer een natuurorganisatie gaat hiervan gebruikmaken.
is economieredacteur voor de Volkskrant en sinds 2021 specialist op het gebied van de energietransitie.
RET heeft een wijdvertakt stroomnet door de stad lopen, in de vorm van bovenleidingen voor trams en rails die metro’s van elektriciteit voorzien. Doordat trams en metro’s niet altijd allemaal tegelijk rijden, blijft er vaak capaciteit op het eigen stroomnet over.
RET produceert zelf geen stroom, maar biedt met zijn bovenleidingen extra capaciteit aan om elektriciteit door de stad te transporteren. Hierdoor wordt het bestaande Rotterdamse stroomnet ontlast.
Dat RET naast het vervoer van mensen als eerste OV-bedrijf in Nederland nu ook stroom kan transporteren, is te danken aan toestemming die toezichthouder ACM hiervoor vorig jaar gaf.
Sinds maandag gebeurt dit ook. Natuurorganisatie Zuid-Hollands Landschap gaat elektriciteit uit het RET-net gebruiken voor stikstof- en CO2-arme natuurherstelprojecten. Later wil de gemeente Rotterdam stroom van RET afnemen voor twee nieuwe laadpleinen voor e-auto’s, onder meer bij metrostation Rotterdam Alexander, waar immers ook elektriciteitskabels van RET lopen. Hierop kunnen de laadpalen dan relatief makkelijk worden aangesloten.
RET noemt zijn eigen stelsel van bovenleidingen en stroomverbindingen voor de metro ‘een verlengsnoer van 100 kilometer door de stad’. ‘Er is veel meer elektriciteit beschikbaar dan onze trams en metro’s nodig hebben. Zeker in daluren en ’s nachts’, lichtte directeur Linda Boot het maandag toe in het AD.
Het is wel de vraag of de oplossing van RET in de praktijk veel zoden aan de dijk zet. De eigen stroomvraag is juist maximaal tijdens de ochtend- en avondspits, als trams en metro’s volop door de stad rijden. Dat valt samen met de drukte op het stroomnet, waardoor er op dat moment maar weinig extra capaciteit overblijft. ‘Dit zijn inderdaad de momenten waarop wij zelf al onze elektriciteit nodig hebben’, erkent een woordvoerder van het vervoersbedrijf.
Buiten de spits is het stroomnet van lokale netbeheerder Stedin in Rotterdam allerminst vol. Doordat beide netten op hetzelfde moment maximaal worden benut, is het onzeker of er veel extra klanten aangesloten kunnen worden op het RET-netwerk, aldus een woordvoerder van Stedin.
Opmerkelijk: Stedin zegt niet bij dit project betrokken te zijn geweest. De netbeheerder stelt dat er in het verleden wel contact is geweest met ‘belangrijke partner’ RET, maar dat voor de huidige plannen niet is overlegd. Volgens de Stedin-woordvoerder is hierdoor nog niet te zeggen hoe veel ruimte de RET-plannen opleveren. ‘Als we hierover hebben gesproken, wordt dat concreter.’
RET stelt dat er ‘op operationeel niveau’ overleg geweest tussen beide partijen. Het gaat volgens de woordvoerder nu nog om een proefproject, dat vooral bedoeld is om aan te tonen dat het idee werkt.
De vervoerder heeft verder plannen voor een tweede proef waarbij een grote accu op het RET-net wordt aangesloten. Die kan zich op rustige momenten vullen met energie, om de elektriciteit later weer af te geven. Trams en metro’s kunnen tijdens de spits dan deels op eerder bewaarde accustroom rijden. Hierdoor wordt de aansluiting van RET minder zwaar belast, waardoor op papier wel ruimte overblijft voor andere stroomgebruikers.
Het OV-bedrijf is optimistisch: ‘We kunnen niet het hele probleem van netcongestie in Rotterdam oplossen, maar wel bijdragen aan het vinden van een oplossing.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant