Het spel van de Spaanse nummer 3 van de wereld telt weinig zwakke plekken. Maar als er ergens verbetering mogelijk was, dan wel in zijn service. De kleine verandering die hij heeft doorgevoerd lijkt zijn vruchten af te werpen, maar de echte test moet nog komen.
Na zijn overwinning in de tweede ronde op de Australian Open liet de Spaanse tennisser Carlos Alcaraz deze week met een knipoog een boodschap achter op de lens van de tv-camera. Met een blauwe stift schreef hij: ‘Ben ik een serve bot?’
Om maar meteen het antwoord op de vraag te geven: nee, Alcaraz zal nooit in de buurt komen van de boomlange John Isner of Reilly Opelka, prototypes van de serve bot, een licht neerbuigende term voor tennissers wier spel voor een groot deel op de service leunt.
Alcaraz maakte een grap. Maar het liet ook zien dat hij tevreden was over zijn service, de slag die hij sinds dit seizoen heeft aangepast. De 21-jarige Spanjaard sloeg veertien aces en werd niet gebroken. En ook tegen de Portugees Nuno Borges verloor hij vrijdag in de derde ronde geen enkele keer zijn eigen servicegame (6-2, 6-4, 6-7, 6-2).
Het is moeilijk om zwakheden in het spel van de even veelzijdige als attractieve nummer 3 van de wereld te vinden. Maar als er ten opzichte van zijn concurrenten ergens ruimte voor verbetering is, dan is het in zijn service. Het moet de viervoudig grandslamwinnaar aan zijn eerste titel op de Australian Open helpen.
‘We wisten dat ik iets moest aanpassen om beter te serveren’, zei Alcaraz in aanloop naar het toernooi. ‘Ik had moeite om bij mijn opgooi het goede ritme te vinden, waardoor ik de bal niet altijd helemaal goed raakte en de precisie ontbrak. Dat moet vanaf nu beter gaan.’
De aanpassing zit hem in de achterzwaai van de servicebeweging. Waar Alcaraz voorheen zijn racket heel even stilhield als hij dat omhoogbracht, loopt die handeling nu in een vloeiende beweging door. ‘De stop is uit de beweging’, zegt Kristie Boogert. ‘Het oogt nu veel soepeler.’
De oud-tennisster en commentator van Eurosport en Ziggo Sport vindt het gedurfd van de Spanjaard. Volgens Boogert kunnen topspelers huiverig zijn om grote veranderingen in hun techniek door te voeren. Ze noemt het niet niks om een beweging aan te passen die in het spiergeheugen zit ingeslepen. ‘Een technische wijziging moet snel klikken, anders begin je te twijfelen.’
Ook Alcaraz moest wennen, bekende hij na zijn eersterondepartij. Tegen de Kazach Alexander Sjevtsjenko worstelde hij met zijn opslag. Hij won slechts 69 procent van de punten op zijn eerste service, iets wat hij juist wilde verbeteren; vorig seizoen lag dat percentage op 73 procent. ‘Ik denk nog te veel na, terwijl het natuurlijk moet aanvoelen. Hopelijk gaat het de komende dagen beter’, zei hij maandag.
Het Spaanse supertalent blijkt een snelle leerling. In zijn tweede- en derderondepartij liep zijn service een stuk beter. Hij won 89 en 84 procent van de punten op zijn eerste service, een hoog percentage. ‘Het ritme van de beweging voelde erg goed en ik kon de bal veel beter plaatsen’, zei hij na zijn zege in de tweede ronde tegen de Japanner Yoshihito Nishioka.
Alcaraz, die sinds dit seizoen met een racket speelt dat 5 gram zwaarder is, serveert niet alleen nauwkeuriger, hij geeft de bal ook meer snelheid mee. In de eerste twee partijen sloeg hij zijn eerste service gemiddeld 7 kilometer per uur harder dan vorig jaar op de Australian Open (197 versus 190 kilometer per uur).
Boogert: ‘Als je techniek goed is en je spieren het aankunnen, kun je met een zwaarder racket harder slaan.’
Hoewel het voor veel tennissers een hele stap is om grote veranderingen in de service door te voeren, is Alcaraz niet de enige topper die dit heeft gedaan. Voor Jannik Sinner, de grote rivaal van de Spanjaard, was een aangepaste service vorig jaar een van de belangrijkste pijlers onder zijn succesvolle seizoen. De nummer 1 van de wereld pakte op de Australian Open en US Open zijn eerste grandslamtitels.
De Italiaan won vorig seizoen 79 procent van de punten op zijn eerste service, 6 procent meer dan Alcaraz. Dat lijkt een miniem verschil, maar kleine verschillen kunnen van grote invloed zijn in een sport waarin het draait om de belangrijke punten. ‘Door de wijziging in zijn service heeft Sinner vorig jaar echt een volgende stap gezet’, aldus Boogert.
En ook Rafael Nadal weet hoe het is om een grote verandering in de service door te voeren. Carlos Moya liet hem na zijn 30ste harder serveren; volgens de coach had de Spanjaard dat nodig om zijn carrière te kunnen verlengen. Door de intensiteit waarmee Nadal speelde, zou hij zichzelf snel opbranden, zo was de gedachte.
‘Als hij meer vrije punten op zijn service zou pakken, hoefde hij in de rally’s minder hard te werken’, zegt Sjeng Schalken over Nadal, die in november op zijn 38ste met tennispensioen ging.
Schalken weet als geen ander hoe lastig het is om de service aan te passen. De oud-tennisser, die in 2004 de achtste finales op de Australian Open haalde, experimenteerde vooral in het begin van zijn loopbaan met zijn service. De opslag was naar eigen zeggen ‘de achilleshiel’ van zijn spel.
‘Ik wilde harder serveren, dus besloot ik om verder door mijn knieën te zakken, zodat ik meer snelheid uit mijn benen kon halen’, herinnert de voormalig nummer 11 van de wereld zich. ‘Maar mijn coördinatie was niet goed, waardoor ik de bal niet zuiver raakte.’
Laatst nog zag Schalken beelden voorbijkomen van een wedstrijd tegen Sampras, waar hij bij de service diep door zijn knieën ging. ‘Ik dacht: wat jammer dat ik niet zo ben blijven serveren. Het zag er heel mooi uit, maar het werkte niet voor mij. Na een half jaar ben ik teruggegaan naar mijn oude service. Dat oogde vrij houterig, maar ja, ik kon niet anders.’
Een belangrijk verschil: Schalken deed naar eigen zeggen veel op gevoel. Tegenwoordig zijn er veel meer data voorhanden, weet hij. ‘Het is niet gek om gedurende je carrière kleine dingen te finetunen aan je service. Maar dat ik verder door mijn knieën zakte, was wel een grote verandering. Ik heb op een gegeven moment geaccepteerd dat de service een zwakkere plek van mijn spel was.’
Bij Alcaraz moet zijn aangepaste service hem niet alleen meer punten opleveren. Met zijn nieuwe manier van serveren wil hij ook krachten sparen. ‘De beweging die ik nu maak, is een stuk ontspannener’, zei hij tegen de website atptour.com. ‘Dat heeft invloed op de rest van mijn spel. Ik ben minder gespannen, wat fysiek een groot verschil kan maken.’
Daar is Boogert het mee eens. ‘Als zijn service een paar procent beter is, kan hij kortere punten spelen. Zo kan hij meer energie sparen. Zeker in een slopende vijfsetter kan dat uiteindelijk het verschil maken.’
De eerste voortekenen van de aangepaste service van Alcaraz zijn bemoedigend. Toch houden Schalken en Boogert een slag om de arm. ‘Ik onderscheid drie stadia’, zegt Schalken. ‘In het eerste stadium gaat het goed op de training. In het tweede stadium lukt het in de wedstrijd. Maar het gaat om het derde stadium: de belangrijke momenten in een wedstrijd.’
Blijft de service goed aan het eind van een beslissende vijfde set, vraagt ook Boogert zich af. Automatismen ontbreken vooralsnog bij Alcaraz. ‘Zijn servicepercentages in zijn tweede- en derderondepartij zijn goed, dat is belangrijk voor het vertrouwen in de veranderingen die hij heeft doorgevoerd. Maar houdt zijn service stand als de druk er vol op staat, of als hij tegenover een heel goede retourneerder staat?’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant