Het einde is in zicht voor Gaia, de Europese ruimtetelescoop die de Melkweg in kaart bracht. Binnenkort stookt Gaia het laatste zuchtje gas uit de brandstoftank op. De telescoop bracht het begrip van onze kosmische achtertuin verder: zo blijken de spiraalarmen van de Melkweg te trillen.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant. Hij studeerde sterrenkunde.
‘Onderzoek doen zonder Gaia, dat kan ik me eigenlijk niet meer voorstellen’, vertelt Anthony Brown, astronoom aan de Universiteit Leiden. Al sinds 1997 werkt hij aan de ruimtetelescoop, die in 2013 gelanceerd werd. Sindsdien heeft de telescoop drie biljoen metingen gedaan aan de posities, bewegingen en kleuren van sterren in de Melkweg. Dat is ons ‘kosmische thuis’, waarin de zon en talloze andere sterren leven. Het leverde een ongekend gedetailleerde sterrenkaart op, van maar liefst twee miljard sterren.
Maar nu zit het werk erop voor Gaia. De telescoop verbruikt elke dag een paar gram gas om met extreem nauwkeurige precisie de hemel af te speuren. Die voorraad is nu zo goed als op. Daar heeft Gaia vijf jaar langer over gedaan dan in eerste instantie werd geschat: aanvankelijk verwachtten sterrenkundigen dat Gaia al in 2019 buiten gebruik zou raken. De komende weken zal team-Gaia de nieuwste metingen van de telescoop verzamelen, daarna wordt ze naar een baan voor gepensioneerde ruimtetelescopen gebracht.
Wat Gaia allemaal voor nieuwe kennis heeft opgeleverd, dat kan sterrenkundige Brown zo uit zijn mouw schudden: ‘We dachten altijd dat de Melkweg een best statisch systeem was, netjes in evenwicht. Maar door de kijker van Gaia zagen we voor het eerst dat de vier spiraalarmen van de Melkweg trillen.’ Het zijn mogelijk de naweeën van het ontstaan van de Melkweg, of van een botsing met een ander sterrenstelsel.
Ook ontdekte Gaia recentelijk nog een nieuwe populatie zwarte gaten. Terwijl deze kosmische afvoerputjes ooit nog als mysterieuze, wiskundige anomalieën uit de formules van Einstein werden gezien, blijken ze nu relatief veel voor te komen, ook in onze kosmische achtertuin. Overigens is er geen botsingsgevaar – de dichtstbijzijnde is op onvoorstelbare afstand van de aarde verwijderd.
Hoewel Gaia op eigen kracht meerdere belangrijke ontdekkingen deed, is de Gaia-sterrenkaart van onschatbare waarde voor allerlei andere missies. Zo gebruiken de bestuurders van de James Webb Telescope de kaart van Gaia om zeker te weten dat hun kijker naar het gewenste hoekje van de hemel is gedraaid.
Er wordt al gewerkt aan een opvolger van Gaia, vertelt Brown. Want hoewel de telescoop maar liefst twee miljard sterren in beeld bracht, omvat dat ‘slechts’ 1 procent van het totale aantal Melkwegsterren. Sommige daarvan kon Gaia niet zien, bijvoorbeeld omdat ze verstopt zaten achter enorme stofwolken. Een aankomende telescoop, waarvan ‘al een redelijk gedetailleerd ontwerp’ is, moet dankzij een infrarood-kijker door deze stofwolken kunnen prikken.
Maar eerst krijgt Gaia nog een ceremonieel afscheid. Op 27 maart komen alle betrokkenen samen om het laatste signaal naar Gaia te sturen, met daarna lunch en drankjes. ‘Om het te vieren’, zegt Brown, en verbetert zichzelf direct: ‘om erbij stil te staan.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant