Sylvia’s nieuwe man bleek in alles geweldig, op zijn merkwaardige woede-uitbarstingen na. Had ze het allemaal anders moeten aanpakken?
is journalist. Voor Volkskrant Magazine interviewt ze wekelijks mensen over liefde en relaties.
Sylvia (52): ‘In 2020 werd ik na een geweldig huwelijk weduwe. Twee jaar later ontmoette ik een nieuwe man. Hij zag er goed uit, hield net als ik van tuinieren, opera, muziek en de seks was prima. Wat een mazzel, dacht ik, er zijn vrouwen die de liefde van hun leven nooit tegenkomen, en ik vind die twee keer op een rij. Op een dag gingen we samen op vakantie. We zaten in de auto toen ik zijn telefoon hoorde die ik eerder op zijn verzoek in het handschoenenkastje had gelegd. Het was 7 uur in de ochtend, we stonden bij een benzinestation, hij was aan het afrekenen en ik haalde de telefoon tevoorschijn. Op het schermpje zag ik de naam van zijn broer, ik swipete naar rechts. ‘Jullie hebben mij gebeld?’ Ik antwoordde dat we op weg waren naar de zon, maar dat ik het zo even zou vragen.
En toen gebeurde er iets raars. We verbraken het gesprek, mijn vriend stapte in de auto, ik vertelde hem dat hij eerder waarschijnlijk een broekzakgesprekje had gehad, of had hij wel bewust zijn broer gebeld? Van het ene op het andere moment veranderde zijn humeur. ‘Beschuldig je me er nu van dat ik mijn broer heb gebeld?’, vroeg hij woedend. Ik schrok, begreep zijn reactie niet, ik had hem gewoon verteld dat zijn broer had gebeld: het soort onbenullige conversatie waarvan je een minuut later al niet meer weet dat je die hebt gevoerd. Maar ik vroeg niets en wachtte tot de donkere wolk was overgetrokken. We waren samen op pad, zouden gaan wandelen, ik had me hierop verheugd, dat gevoel gaf ik niet zomaar op, ik kon beter negeren wat er gebeurde in plaats van het erger maken door boos of verontwaardigd te worden. Zeg hallo, doe even normaal, wat is er met jou aan de hand, waar gaat dit over.
Nee. Ik zweeg. Hoe dicht we ook bij elkaar zaten, de lucht in de auto werd loodzwaar en ondoordringbaar, ik kon hem niet bereiken. Twee paar ogen strak op de weg gericht, geen zuchtje liet ik me ontsnappen. Pas toen we na uren München naderden, zei ik: joh, wat is er nou? Een antwoord kwam er niet, maar zijn slechte bui verdween. In de dagen erna hebben we heerlijk gewandeld. Zo nu en dan vroeg ik me wel af: wat gebeurde hier nu eigenlijk? Maar ik heb het erbij gelaten. Een incident.
‘Een paar maanden later waren we op weg naar een etentje. Hij had kritiek gekregen op zijn werk en uitte luid zijn frustraties. Laten we dit onderwerp even parkeren, stelde ik voor, en het er morgen over hebben, anders zijn we midden in ons gesprek als we straks aankomen. Vervolgens ging ik over tot de orde van de dag, maar opeens begon hij als een wilde te rijden. Wanneer we een stoplicht naderden, remde hij hard, om daarna weer snel op te trekken en vol te gassen. Ik protesteerde en toen we opnieuw stilstonden wilde ik uitstappen, maar hij trok me aan mijn broekband naar binnen. Laat me gaan, zei ik, ik wil eruit. De vrienden zegde ik af: we komen niet, we hebben ruzie.
‘Zo werd een incident een patroon. Anderhalf jaar lang wisselden de goede maanden zich af met lelijke momenten die altijd hun schaduw wierpen op de weken erna om vervolgens zonder enig spoor op te lossen in nieuwe moed en frisheid. Ik leerde vergeten. Vergeten hoe het was om van het een op het andere moment in een spiraal naar beneden te glijden, kopje onder in ondoorzichtig water, zonder uitweg. Als alles opklaarde was het of de donkerte er nooit was geweest en was ik blij met zijn lijfelijke aanwezigheid, hoe we tegen elkaar lagen op de bank. Dan knuffelden we elkaar en keken een film.
‘Vaak gingen we naar buiten vogels kijken. Hé, een ijsvogel zeiden we dan en pakten snel de verrekijker en stelden die scherp. Maar als we verder fietsten kon hij zeggen: zag je hoe mooi, het fluitenkruid in de berm? En als ik dan zei: dat was geen fluitenkruid maar wilde venkel, ontplofte hij. O, riep ik dan snel. Misschien zag jij fluitenkruid, ik zag alleen de venkel.
‘Ik ben geen ruziezoeker en ging steeds meer op mijn tenen lopen. Ik kreeg in de gaten welke dingen ik wel en niet moest zeggen – niks over zijn verwassen truien bijvoorbeeld. Maar sommige dingen zijn zo normaal en alledaags dat ik niet altijd kon voorkomen iets fouts te zeggen. Tijdens een korte vakantie, bij het vijfuurwijntje, maakte ik een babbelopmerking over de buitenboel thuis die nu toch eens snel geschilderd moest worden. En weer sloeg zijn humeur om. Hij stond op, wilde betalen en naar huis. De voorbeelden zijn talloos en deden zich vaak voor tijdens vakanties. Zoals die keer dat hij op weg naar Noorwegen omdraaide. Hij was al chagrijnig toen we vertrokken. Ik zei: weet je wat, laat mij de eerste uren rijden, kun jij bijkomen. Toen het zijn rijbeurt was zette hij de auto aan de kant en mij eruit.
‘In 2023 zijn we gaan samenwonen. Een half jaar later ben ik weer naar mijn eigen huis gegaan, maar we bleven elkaar zien. Ik was zo idolaat van deze man, probeerde zijn gedrag voor mezelf begrijpelijk te maken. Ik probeerde te denken: het gedrag van de mensen die hem in zijn jeugd in de steek hebben gelaten, projecteert hij nu op mij. De stapels zelfhulpboeken die ik kocht, moesten me helpen alle bommen bij voorbaat te ontmantelen. Ik nam een time-out om hem rust te gunnen en dacht: ik brei dit wel recht. Maar ik had het anders moeten doen. Door alle getrek en geduw verdween de veerkracht en na het zoveelste incident zijn we sinds februari vorig jaar definitief uit elkaar.
‘Ik functioneer prima, ik sport, werk, maak muziek, maar de knoop in mijn maag gaat maar niet weg. Ik vind het zielig voor hem, hij heeft deze breuk niet gewild. Tegelijk denk ik: hoe ben ik hierin terechtgekomen? Was ik niet altijd een heel zinnige vrouw? Ik had wijzer moeten zijn. En toch weet ik: als hij nu belt, ga ik.’
De liefde van nu is een rubriek in Volkskrant Magazine over seks en relaties.
Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Sylvia gefingeerd. Wil je meer van deze verhalen horen? Luister dan ook naar onze podcast De liefde van nu.
Van eenmalige avonturen tot langlopende relaties: Corine Koole is voor deze rubriek en de gelijknamige podcast op zoek naar verhalen over álle soorten liefde en bijzondere ervaringen die (ook bij jongere lezers) tot nieuwe inzichten hebben geleid.
Meedoen? Mail een korte toelichting naar: deliefdevannu@volkskrant.nl.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant