Home

Niet meer de hoofdprijs voor voetballers: is de transfermarkt veranderd na de zaak-Diarra?

Het transfersysteem in het voetbal moest op de schop, oordeelde het Europese Hof van Justitie in oktober in een baanbrekend arrest. Sinds een paar dagen mogen voetballers weer van club wisselen. Zijn de gevolgen al merkbaar van de zaak-Diarra?

Lassana Diarra was zeker geen slechte voetballer, speelde onder meer voor Arsenal, Chelsea en Real Madrid, maar het is misschien pas vandaag, na zijn carrière, dat hij écht zijn stempel op de sport zal drukken.

In 2014 legde wereldvoetbalbond Fifa de Franse middenvelder een boete van 20 miljoen euro op, omdat hij na een conflict zijn contract bij het Russische Lokomotiv Moskou had verbroken. Diarra stapte naar de rechter en won, tien jaar later bij het Europese Hof van Justitie, de zaak. Zijn carrière was intussen wel als een nachtkaars uitgegaan.

Het Hof oordeelde in oktober vorig jaar dat de sancties van de Fifa en dus het huidige transfersysteem in strijd zijn met de wet, zoals het vrije verkeer van personen en eerlijke concurrentie. Volgens het besluit moet een speler zijn of haar contract eenvoudiger kunnen verbreken, en voor een realistisch bedrag.

Ook moet veel duidelijker worden waarop zo’n bedrag gebaseerd is. In het huidige systeem kunnen clubs tientallen tot honderden miljoenen eisen voor de transfer van een speler, zonder dat die weet hoe zo’n bedrag is opgebouwd.

Transfersommen zijn van cruciaal belang in de voetbalwereld. Het businessmodel van veel clubs is gebouwd op transferinkomsten, die de laatste jaren fors gestegen zijn. In 2015 spendeerden clubs wereldwijd in totaal 5,88 miljard euro nog aan transfers, vorig jaar was dat 10,96 miljard euro volgens het CIES Football Observatory, een website gespecialiseerd in voetbalstatistieken.

Nieuwe Fifa-regels

De verwachtingen waren drie maanden geleden hooggespannen na de baanbrekende uitspraak van het Europese Hof van Justitie. Spelers zouden hun contract vaker tussentijds opzeggen en werkgeversorganisaties en vakbonden moesten snel met elkaar in conclaaf om een nieuw transfersysteem op te tuigen dat wel rechtsgeldig is, voorspelden experts. De uitspraak werd vergeleken met het Bosman-arrest, dat midden jaren negentig de deur openzette voor spelers die transfervrij bij hun club wilden vertrekken. En dat ook deden, zoals de exodus bij Ajax bewees.

Toch leken grote gevolgen ditmaal uit te blijven. In plaats daarvan publiceerde de wereldvoetbalbond vlak voor kerst nieuwe, tijdelijke regels om de winterse transfermarkt mee door te komen. Die is inmiddels geopend; Nederlandse clubs hebben tot en met 4 februari de tijd om hun selecties te versterken.

De nieuwe maatregelen van de Fifa stemmen niet iedereen gelukkig. Volgens de internationale spelersvakbond Fifpro zijn de regels, met daarin een aantal technische aanpassingen, niet in overeenstemming met wat het Hof besloot. Juridisch directeur Roy Vermeer: ‘Een speler moet een geïnformeerde beslissing kunnen nemen en weten wat de consequenties zijn om zijn contract op te zeggen, dat is wat het Hof heeft bepaald. Maar de nieuwe tekst van de Fifa is nog vager dan wat er stond.’

De Fifa werkte voor de nieuwe regels samen met de ECA, waarin de belangrijkste Europese clubs zijn vertegenwoordigd. Volgens de wereldvoetbalbond weigerde Fifpro deel te nemen aan de gesprekken. Niets van waar, zegt de spelersvakbond. Vermeer: ‘We hebben in december overlegd met de Fifa en gezegd: dit is niet het proces dat wij voor ogen hebben. Wij willen dat de nieuwe transferregels worden uitgewerkt in het kader van een betere cao voor voetballers, de Fifa denkt daar anders over.’

De magische formule

‘Een te kleine pleister op een open wonde’, noemt Robby Houben, hoogleraar sportrecht aan de Universiteit Antwerpen, de nieuwe, tijdelijke maatregelen. ‘Voetbalclubs en spelers zullen een formule moeten vinden om een correcte schadevergoeding te bepalen, die een speler betaalt om zijn of haar contract stop te zetten.’

Die schadevergoeding zal ‘realistisch moeten zijn en gebaseerd op objectieve parameters, zoals bijvoorbeeld leeftijd, contractduur en het aantal interlands’, zegt Houben. ‘Die magische formule is de oplossing, maar daar zijn we nog niet.’

In de tussentijd wil de Fifa het voetbal door deze periode helpen met maatregelen ‘die vasthouden aan het huidige transfersysteem’, zegt Houben. Dat heeft een reden. ‘Als het arrest-Diarra meteen zou worden doorgevoerd, zouden club die op transferinkomsten draaien snel in de problemen komen.’

‘De doelstelling van de Fifa is legitiem’, zegt Roberto Branco Martins, sportadvocaat en docent sportrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. ‘De voetbalbond wil eerlijke competitie en contractstabiliteit beschermen, maar de nieuwe (tijdelijke) maatregelen zijn wat dat betreft disproportioneel. De Fifa probeert in essentie de machtspositie van de clubs te continueren, in plaats van de dwingende regels van het arbeidsrecht te volgen waarop het Hof heeft gehamerd.’

De nieuwe maatregelen maken nog steeds niet transparant waaruit de transfersom bestaat. En dus kunnen ook deze onwettig worden verklaard, volgens Houben. ‘Een speler die niet blij is met bijvoorbeeld een hoge vraagprijs die zijn transfer in de weg zit, kan naar de rechtbank stappen. Een rechter kan de nieuwe regels dan opnieuw onwettig verklaren, maar dat is een traag proces. De wereldvoetbalbond koopt nu dus wel tijd.’

Juridisch Fifpro-directeur Vermeer merkt dat spelers het arrest in de zaak-Diarra de afgelopen maanden nog niet hebben aangegrepen om hun contract te verbreken en een transfer te forceren. ‘Ze kijken de kat uit de boom. Tegen spelers die bij ons informeren, zeg ik ook: wees voorzichtig met wat je doet, want de nieuwe transferregels zijn nog niet in de praktijk getest.’

Wintermarkt

De Engelse landskampioen Manchester City belandde door een historische reeks nederlagen de afgelopen maanden in een vrije val. Coach Pep Guardiola bevestigde daarom dat hij er deze winter spelers bij wil. Ondanks de onzekerheid over de nieuwe transferregels trekt de club dus wél de markt op.

‘Omdat de regels tijdelijk zijn, is een voorzichtige aanpak verstandig’, raadt Houben aan. ‘Investeren zonder te weten of het zal renderen in een toekomstig juridisch kader is gevaarlijk. Maar dat is de juridische logica en die volgt niet altijd de sportieve logica. Een club onder druk kan wel beslissen om veel geld te investeren.’

Ook volgens Branco Martins is het ‘niet verstandig’ om op dit moment tientallen miljoenen uit te geven aan een speler zonder afkoopclausule in zijn contract. ‘Alleen reageert het voetbal slecht op veranderingen. Clubs zijn gewend aan die hoge transfersommen, het besef dat dat kan veranderen moet op veel plaatsen nog indalen.’

Manchester City is echter een steenrijke club, die speelt in een topcompetitie. City leeft niet van de winst op de transfermarkt, maar van miljarden aan uitzendrechten, lucratieve sponsordeals en dure wedstrijdtickets.

Voetbalclubs van dat kaliber kopen de beste en duurste spelers op de markt, die ze vaak voor minder geld doorverkopen. Sinds de overname van Manchester City door de Abu Dhabi United Group in 2008 spendeerde de club 1,5 miljard euro meer aan inkomende transfers dan de verkoop van spelers opleverde, volgens Transfermarkt, een Duitse website gespecialiseerd in voetbaltransfers. Wereldwijd spendeerde alleen Manchester United netto nog meer.

Een daling van de transfersommen zou de begroting van zulke topploegen dus niet compleet torpederen. Vermeer van Fifpro: ‘Als spelers zich straks voor minder geld kunnen vrijkopen, is dat nog steeds in het voordeel van de grootste clubs. Die hebben en houden het meeste geld.’

Kleinere clubs

Sterker, zulke clubs kunnen de kosten die ze uitsparen op inkomende transfers investeren in hogere lonen om opnieuw de beste spelers aan te trekken. Voor voetbalclubs uit kleinere competities, zoals Nederland en België, heeft de zaak-Diarra mogelijk heel andere gevolgen.

Het businessmodel van ploegen uit kleinere competities is namelijk gebaseerd op het opleiden van talent en het met veel winst doorverkopen van spelers. Transferinkomsten zijn voor deze clubs dus veel belangrijker. ‘Als het arrest-Diarra werkelijkheid wordt en Nederlandse ploegen niet op tijd anticiperen, kan dat een gigantische impact hebben’, zegt Branco Martins.

Of Nederlandse eredivisieclubs zich al schrap zetten voor de gevolgen van het arrest, of dat ze het er überhaupt intern over hebben, is onduidelijk. Meerdere clubs willen simpelweg niet reageren op vragen over mogelijke ontwikkelingen op de transfermarkt, deze winter of in de toekomst. ‘Het is gewoon te vroeg om daar goed inhoudelijk op in te gaan’, zegt een woordvoerder van een eredivisieclub.

De transfermarkt is niet enkel een belangrijke inkomstenbron voor kleinere ploegen, maar leidt er ook toe dat miljarden aan transfergeld via de grootste ploegen terugstromen naar de kleinere teams. Als die stroom opdroogt, kan het voor kleinere clubs nog moeilijker worden om te concurreren. Het arrest-Diarra, dat juist is gericht op het beschermen van eerlijke concurrentie, zou op die manier weleens een tegengesteld effect kunnen hebben.

In kleinere competities zal de zaak-Diarra dan ook niet per se leiden tot hogere spelerssalarissen, denkt Houben. ‘Een daling van transferinkomsten zou een groot deel van het budget kunnen kosten, waardoor er gewoon minder geld is voor lonen.’ Niet enkel de clubs, maar ook eredivisiespelers verliezen in dat geval bij het arrest-Diarra.

Opstapclausules

Om een deel van de inkomsten te redden, en zo het transfersysteem in stand te houden, worden opstapclausules in spelerscontracten heel belangrijk, voorspelt Branco Martins. Zo’n opzegboete bepaalt bij voorbaat het bedrag dat een speler betaalt om zijn of haar contract op te breken. Op die manier is een speler niet meer afhankelijk van de goodwill van zijn club om een transfer te realiseren.

Diverse spelers hebben vandaag al zo’n clausule, maar lang niet allemaal en niet altijd voor een realistisch bedrag. In de Spaanse competitie La Liga beschikken de meeste spelers wel over een opstapclausule, maar is die in sommige gevallen puur symbolisch. Sterspelers Vinicius Junior van Real Madrid en Lamine Yamal van FC Barcelona, nog steeds maar 17 jaar oud, hebben bijvoorbeeld een contract met opzegboete van ongeveer 1 miljard euro.

Die clausule wordt de levensader van voetbalclubs om nog iets aan transfers te verdienen’, verwacht Branco Martins, ‘maar het grote verschil is dat spelers en makelaars dankzij de zaak-Diarra een veel sterkere positie hebben in de onderhandelingen. Ze zullen het bedrag van een opzegboete kunnen drukken en andere eisen stellen, bijvoorbeeld een hoger loon of een groter deel van de transfersom. In essentie gaat een groot deel van de onderhandelingsmacht nu naar de speler. Dit is in lijn met fundamentele rechtsbeginselen, en met eerlijke arbeidsverhoudingen.'

Kleine stap

Wat daar deze transferperiode al van te merken is? ‘Ik heb geen glazen bol, het is echt moeilijk te voorspellen, maar ik denk niet dat deze winter heel anders zal worden gehandeld op de transfermarkt dan gewoonlijk’, zegt Laura van Putten. Ze is directeur van de FBO, de werkgeversorganisatie die de juridische belangen van de betaaldvoetbalclubs in Nederland behartigt.

‘We houden alles nauwlettend in de gaten en zijn zeer betrokken’, zegt Van Putten. ‘Alles verloopt stap voor stap. In essentie is de kern van het huidige transfersysteem bewaard in de nieuwe maatregelen, en daar zijn wij zeer tevreden mee.’

Duurste transfers? Dat zijn aanvallers

De duurste voetbaltransfer is nog altijd die van Neymar da Silva Santos Júnior. De Braziliaanse dribbelaar verruilde FC Barcelona in 2017 voor het Franse PSG, dat 222 miljoen euro voor hem neerlegde.

Barcelona kon de prijs opdrijven, omdat de Qatari’s achter PSG sterren nodig hadden om de Champions League te kunnen winnen. En Neymar, die ook nog eens net had ingestemd met een nieuw contract bij Barcelona, was op dat moment een van Europa’s meest begeerde aanvallers. Een jaar later kocht PSG ook Kylian Mbappé voor 180 miljoen van AS Monaco.

De hoogte van de afkoopsom van een speler wordt onder meer bepaald door de duur van zijn contract en zijn marktwaarde. Daarnaast proberen de onderhandelende clubs via variabelen als tekenbonussen en doorverkooppercentages de transfersom te beïnvloeden. Een hoog doorverkooppercentage kan voor de verkopende club lucratief zijn om in de toekomst (per transfer) aan hem te blijven verdienen.

Verder geldt dat een jonge talentvolle speler vaak meer waard is dan een vedette op leeftijd. Aanvallers worden dan weer hoger aangeslagen dan verdedigers. Zo is de eerste verdediger in de lijst met duurste transfers pas terug te vinden op plek 21: de Kroaat Josko Gvardiol, die vorig seizoen voor 90 miljoen euro tekende bij Manchester City.

Ook gaan sloten geld op aan zaakwaarnemers (Neymars vader zou 36 miljoen hebben verdiend met de transfer naar PSG), tussenpersonen en aan (teken)bonussen voor de speler zelf. De transfervrije overstap van Mbappé vorige zomer was daarom voor Real Madrid allesbehalve gratis: de Spaanse grootmacht moest de Franse aanvaller een tekenbonus betalen van tussen de 117- en 150 miljoen euro.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next