Psychologen en psychiaters kunnen hun declaraties momenteel niet indienen bij zorgverzekeraars, omdat ze hun beroepsgeheim dan verbreken. "De zorg voor cliënten komt daarmee niet direct in gevaar, maar voor zorgaanbieders is het spannend." Het kabinet hoopt daarom snel met een regeling te komen.
Sinds 1 januari kunnen ggz-zorgaanbieders hun declaraties niet meer indienen, doordat zij patiëntinformatie niet mogen delen. Daarmee zouden ze hun beroepsgeheim namelijk verbreken, aangezien cliënten momenteel geen bezwaar kunnen aantekenen tegen het delen van persoonlijke informatie, legt Amber Kampstra van de Nederlandse ggz uit aan NU.nl.
Er kan geen bezwaar meer worden gemaakt doordat de tijdelijke regeling is afgelopen en een alternatief te laat komt. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) raadt psychologen en psychiaters daarom aan om geen declaraties in te dienen. Dat vormt voor werknemers van grotere zorgorganisaties niet direct een probleem, want die hebben meestal wel een kleine buffer, legt Kampstra uit.
Het probleem treft enkele honderdduizenden patiënten die gebruikmaken van mentale gezondheidszorg, legt Manon Kleijweg uit. Zij is psychiater en bestuurslid van stichting Recht op ggz. Het ministerie van Volksgezondheid roept partijen op eventuele financiële problemen zelf op te lossen, bijvoorbeeld door middel van een voorschot van zorgverzekeraars. Maar een woordvoerder zegt het wel "uiterst belangrijk" te vinden dat er geen problemen met betalen ontstaan.
Er brak direct grote paniek en verwarring uit onder zorgaanbieders, zegt Kleijweg. "Veel ggz-instellingen kunnen net het hoofd boven water houden en hebben geen grote reserves om de salarissen te kunnen uitbetalen." Zelfstandigen zijn het kwetsbaarst. Zij hebben minder toegang tot zorgverzekeraars en hebben meestal geen grote buffers, terwijl ze wel hun panden en eigen uitgaven moeten betalen, voegt Kampstra toe. Toch vragen koepelorganisaties "geduld te hebben tot een nieuwe regeling van de grond komt".
"Als zorgaanbieders omvallen, heeft dit direct grote gevolgen voor de continuïteit van de zorg voor patiënten. Daarbij komt dat er al enorme wachtlijsten zijn", zegt Kleijweg. Maar volgens de Nederlandse ggz hoeven we voorlopig niet te vrezen dat zorgaanbieders direct omvallen.
De zorg voor cliënten heeft de hoogste prioriteit, benadrukt de woordvoerder van de Nederlandse ggz. "Niemand hoeft terug naar de wachtlijst, en die zullen hierdoor ook niet verder groeien." Kampstra zegt geen signalen te hebben ontvangen dat de zorg nu ergens wordt stopgezet.
Bij de Nederlandse ggz zijn zo'n honderd instellingen aangesloten. Veel zelfstandigen, voor wie de zorgen groter zijn, zijn aansloten bij de Landelijke Vereniging van Vrijgevestigde Psychologen en Psychotherapeuten (LVVP). Die organisatie is dan ook flink bezorgd. Psychologen en psychiaters die zichzelf niet kunnen uitbetalen, vormen een groter risico voor de continuïteit van de zorg.
"We kunnen dit niet lang volhouden", zegt Kampstra. "Zeker geen jaar, het liefst dus zo kort mogelijk. Het ministerie heeft ons verzekerd dat er snel een zorgvuldige regeling komt. Daarin wordt gewerkt aan één privacyverklaring voor de zorgvraag en DSM-gegevens. Wij vertrouwen erop dat dit lukt. Want deze situatie moet niet te lang voortduren."
Er is dus een nieuwe regeling nodig. Daar wordt overigens al een jaar over gepraat, maar de ontwikkeling van dat nieuwe bekostigingssysteem loopt vertraging op. Een tijdelijke regeling die was ingesteld kon niet meer worden verlengd en nu zitten we in een "grijze overgangsfase".
Het nieuwe model - het zorgprestatiemodel - moet stigmatisering door DSM-diagnoses tegengaan en beter inschatten wat de kosten zijn van de behandeling van iemand met bepaalde klachten.
Er worden al langer vragen gesteld bij het gebruik van DSM. Dat is een statistisch classificatiesysteem voor psychische en psychiatrische aandoeningen. Aan de hand van zo'n diagnose, zoals depressie, kan niet worden ingeschat hoeveel behandelingen nodig zijn, legt Kampstra uit. "Iemand met een depressie heeft volgens het oude systeem bijvoorbeeld tien consulten nodig. Maar het kan zomaar zijn dat er tijdens de behandeling iets gebeurt waardoor aanvullende therapie nodig is." De zorgorganisatie wil daarom af van de DSM-verplichting.
Maar zorgverzekeraars eisen wel dat er patiëntinformatie, zoals een diagnose, op de declaraties staat. Ze gebruiken deze gegevens om te controleren of het zorggebruik rechtmatig is. Daarvoor is het handig om DSM-classificaties te vergelijken, maar er kunnen volgens zorgorganisaties ook andere gegevens worden vergeleken.
Zo werd gewerkt aan een andere manier: met uitgebreide vragenlijsten. Maar dat vindt de Tweede Kamer een te grote inbreuk op de privacy van mensen. Het ministerie beloofde in december daarom dat er extra regelgeving komt. Een woordvoerder laat weten dat het streven is dat deze er in april komt. "Dat is een ambitieus tijdspad, maar we zetten alles op alles om dit te halen."
Source: Nu.nl economisch