Home

Makers van documentaire over Israëlisch geweld: ‘We geloofden écht dat we iets konden veranderen aan de situatie’

Hun documentaire over de bezetting van de Westelijke Jordaanoever, No Other Land, is getipt voor een Oscar. Des te schrijnender, vertellen makers Basel Adra (Palestijn) en Yuval Abraham (Israëlier), is het te leven met de gruwelijke werkelijkheid.

is filmredacteur van de Volkskrant.

Ze lijken wel wat op elkaar, Basel Adra (28) en Yuval Abraham (30). Zelfde postuur, baardje en outfit: vale spijkerbroek, gympen. Adra is Palestijn, Abraham Joods en Israëliër. De gelijkenis zit ’m ook in de vermoeide ogen van de twee filmmakers: de blik van iemand die al te lang uit reserves put, maar niet op kan geven.

Elke dag praten ze over onrecht en leed, in wéér een ander land dat ze aandoen met hun documentaire over de Israëlische bezetting van de Westelijke Jordaanoever. No Other Land maakte furore op diverse filmfestivals (Berlinale, New York Film Festival, Idfa) en wordt beschouwd als de grote favoriet voor de docu-Oscar die op 2 maart wordt uitgereikt.

Ze wíllen er ook over praten. Maar hoop houden dat het iets helpt, is nog niet zo makkelijk als de situatie enkel verslechtert. Tussen de interviews door, vandaag in het Volkshotel in Amsterdam, klemt Adra zijn telefoon aan zijn oor voor het laatste en droef stemmende nieuws. Tegen de journalist van de Volkskrant: ‘Je hebt de beelden gezien van mijn neef die in zijn buik wordt geschoten door een Israëlische kolonist?’

Het is een moment in No Other Land dat je niet snel vergeet. Adra, knikkend: ‘Vanochtend hebben ze een lerares neergeschoten. Ze was op weg naar de school in mijn dorp.’

Etnische zuivering

Abraham: ‘Gisteren hadden we een lange dag hier op het festival.’ (Het is midden november, de dag na de eerste vertoning op documentairefestival Idfa, red.) ‘Gedurende die dag zijn er 102 mensen gedood in Gaza. Vier in het vluchtelingenkamp Nuseirat, dertien in Bureij, zeventig bij een aanval op een woontoren in Beit Lahiya en nog vijftien bij een andere aanval in diezelfde stad. Mogelijk zijn het er meer, want in het noorden van Gaza worden de mensen doelbewust uitgehongerd. Het is een etnische zuivering. En na zo’n dag word je dan weer wakker, om verder te praten. Zoals we dat nu doen.’

No Other Land, vanaf deze week te zien in de Nederlandse bioscoop, toont het uitzichtloze bestaan in Masafer Yatta, een sliert bedoeïendorpjes in de ruige zuidelijke heuvels van de Westoever. Daar verdrijft het Israëlische leger sinds jaar en dag de Palestijnse bevolking van het als ‘militair oefenterrein’ aangemerkte gebied, om vervolgens illegale nederzettingen te bouwen voor de orthodox-joodse kolonisten. De beelden van Israëlische bulldozers die Palestijnse huisjes en scholen omver duwen, zijn niet uniek. Maar de wijze waarop de documentaire verslag doet vanuit de Palestijnse gemeenschap, is dat wel.

Adra’s vader ging decennia terug al in verzet tegen de bezetter, enkel gewapend met een camera. No Other Land vlecht die schat aan oude opnamen met de nieuwe van de filmende zoon Basel, die de strijd van zijn moegestreden vader voortzet. Soms pikken nieuwszenders zijn beelden op, soms niet. Elke dag verschijnt er weer een nieuwe bulldozercolonne aan de door kale heuvels afgetekende horizon, om ergens een woning of hut met de grond gelijk te maken of een waterput vol te storten met cement. De Israëlische militairen houden de ontzette Palestijnse gezinnen intussen op afstand. ’s Nachts metselen de dorpelingen heimelijk een nieuw huisje, dat óók zal worden neergehaald. Hoe houd je zo’n sisyfusbestaan vol?

De ongelijkheid wringt

Een tweede verhaallijn in de documentaire is de ontluikende band tussen Adra en de Israëlische journalist en activist Yuval Abraham, die zich het lot van de Palestijnen in de bezette gebieden aantrekt. Ook hij wordt geïntimideerd door de Israëlische soldaten, maar is anders dan zijn Palestijnse leeftijdsgenoot wel vrij om te gaan waar hij wil. Abraham heeft een toekomstperspectief, Adra niet. Die ongelijkheid wringt, ook binnen hun vriendschap.

Abraham: ‘In de kern vertellen we een simpel verhaal. We zijn allebei achter in de twintig. We zien er zelfs een beetje hetzelfde uit, ja. Maar we vallen onder twee verschillende rechtssystemen. Niet tijdelijk, maar permanent. Ik zal mijn hele leven onder het burgerrecht vallen, Basel zijn hele leven onder een buitenlands militair gezag. Ik kan naar de Westoever en weer terug, Basel zit vast in die bezette Westoever. Ik kan zo naar mijn huis in Jeruzalem om even te slapen, Basel mag daar niet komen. Ik hoef me ’s nachts nooit zorgen te maken dat er soldaten binnenvallen die me kidnappen, Basel weet niet eens hoe dat vóélt. Als kind sliep hij al met zijn schoenen aan zodat hij dan meteen weg kon rennen.’

No Other Land is geregisseerd door een collectief: er hebben nog een Israëlisch-Joodse en een Palestijnse filmmaker aan meegewerkt, Rachel Szor en Hamdan Ballal. Maar die verschijnen, anders dan Abraham en Adra, niet of nauwelijks in beeld.

Thuis in Israël

Abraham: ‘Basel kwam een beetje verlegen over, de eerste keer dat ik hem zag. Maar ook vastberaden. We spraken elkaar hooguit een paar minuten, daarna rende hij met zijn camera naar een slooppartij – dat moment zit in de film. Het was schokkend om te zien, het geweld dat daarbij werd gebruikt door de soldaten. Hoe ze een woning neerhalen, of een schapenschuur, hoe de dorpelingen daar al decennialang mee te maken hebben. En dan kwam ik thuis, in Israël, en hoorde of zag je daar niets over. Niemand daar maakt het wat uit.

‘Ik bleef steeds terugkomen op de Westoever, Basel en ik groeiden naar elkaar toe. En we ontmoetten de twee andere co-regisseurs, Rachel en Hamdan, met wie we deze vorm van documentaire-activisme deelden. Ik denk dat het ongeveer een jaar duurde voordat we op het idee kwamen om samen een film te maken.’

Adra: ‘Yuval kwam niet slechts een keer kijken, hij bleef komen. Hij nam ook deel aan het activisme, was overal bij. Zo ontstond bij mij het gevoel dat we eigenlijk met hetzelfde bezig waren en dat we dus ook samen konden werken. Vijf jaar lang uiteindelijk, om iets te maken dat groot zou kunnen zijn.’

No Other Land was al zo goed als af voor het uitbreken van de oorlog. Adra: ‘Er is sindsdien zo veel gebeurd... Als je ziet wat er gaande is in Gaza, kun je niet meer alleen bezig zijn met je eigen leven. Dat geldt zelfs voor ons op de Westoever.’

Morele vlek

Abraham: ‘Ik zag hoe de wereld reageerde op 7 oktober, hoe iedereen naast de Israëliërs ging staan. Het doden van Israëlische burgers is afgrijselijk. De wereld was geschokt en oordeelde er hard over. Maar om dan te zien hoe sindsdien elke dag Palestijnse kinderen worden gedood, in aantallen die ongelofelijk zijn... Er worden tussen de zeventienduizend en twintigduizend kinderen vermist. De misdaden tegen de menselijkheid en de oorlogsmisdaden die nu worden gepleegd zijn onvoorstelbaar. En de wereld spreekt zich daar niet op dezelfde manier over uit. En dit zeg ik als Israëliër. Het is een enorme morele vlek op alles wat we doen, en die zal generaties lang doorklinken. Ook jouw kinderen zullen je er over tien jaar naar vragen. Waarom ging iedereen gewoon door met zijn leven? Waarom deden jullie niet het minimale om invloed uit te oefenen?’

Ook in Adra’s woongebied Masafer Yatta heeft de oorlog veel veranderd. ‘Honderden bewoners van zes om ons dorp heen gelegen dorpsgemeenschappen zijn gevlucht nadat ze waren aangevallen door kolonisten. Er zijn mensen gekidnapt en gemarteld door soldaten, in elkaar geslagen door kolonisten. En de uitbreiding van de Israëlische nederzettingen vindt nu plaats op een enorme schaal. Dan heb ik het niet over aangekondigde plannen van de Israëlische regering: we gaan daar en daar duizend eenheden bouwen. Nee, er zijn allerlei kolonisten die gewoon zelf een heuvel innemen. Om er een boerderij neer te zetten, of een caravan. Het is krankzinnig.’

De meest walgelijke statements

Op het filmfestival van Berlijn, waar No Other Land vorig jaar de prijs voor beste documentaire won, riep Abraham in zijn dankwoord op tot het eindigen van de ‘apartheid’ in de Westoever – wat hem doodsbedreigingen opleverde vanuit Israël. ‘Ik vorm een minderheid binnen de Israëlische samenleving, maar ik zal mijn stem wel laten horen. Als je nu in Israël tv kijkt, hoor je avond aan avond de meest walgelijke genocidale statements. En dat zijn geen radicaal-rechtse zenders als Fox News, maar gewoon de kanalen die als mainstream worden beschouwd. Ik denk dat de mensen van buiten Israël niet eens doorhebben hoe genormaliseerd zulke uitspraken al zijn. Ook omdat ze geen Hebreeuws verstaan.’

Na zijn uitspraken in Berlijn trok een woedende rechts-radicale menigte naar de woning van Abrahams ouders om verhaal te halen. ‘Mijn moeder moest toen even een paar dagen het huis uit vluchten. Ze waren op zoek naar mij, dat was eng. Maar nu is dat voorbij. Ik ben niet in fysiek gevaar. Mijn gezicht is verder ook niet bekend in Israël.’

Miljoenen mensen bereiken

Op een zeker moment in hun documentaire bespreken de twee vrienden het mogelijke effect van hun activistische activiteiten. Wat, mijmeren ze na een lange dag, als ze nou eens miljoenen mensen zouden kunnen bereiken? Dat is ze met No Other Land nu gelukt.

Abraham: ‘Ja, mensen kijken wel naar onze film en zijn geraakt. Maar de vraag die de hele tijd door mijn hoofd spookt is: waarom verandert er niets op politiek niveau?’

‘En dat besef valt me zwaar’, zegt Adra. ‘Want wij – ik zeker – geloofden écht dat we iets konden veranderen aan de situatie. Dat we druk konden uitoefenen op de Israëlische regering om te stoppen met wat ze doen. En dat onze documentaire, mits we het verhaal goed vertelden, de wereld in beweging zou brengen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next