Het Nationaal Archief heeft de afgelopen week 25 duizend namen verwijderd uit de lijst met (verdachte) collaborateurs die sinds vorige week online staat. Het gaat om namen van mensen van wie onduidelijk is waarvan ze tachtig jaar geleden zijn beschuldigd.
Al die mensen staan wel in de online kaartenbak, terwijl er van hen in het oorlogsarchief geen dossier aanwezig blijkt te zijn. Dat kan onder meer komen doordat een zaak is geseponeerd, een dossier is zoekgeraakt of doordat betrokkene alleen getuige was of slachtoffer.
‘Het betekent niet dat die mensen allemaal onschuldig zijn, maar we kunnen daar nu geen duiding over geven’, aldus een woordvoerder van het Nationaal Archief. ‘Daarom hebben we besloten al die namen voorlopig weg te halen. Als nabestaanden geen dossier kunnen inzien, leidt dat bovendien tot verwarring.’
Het archief gaat die zaken op termijn onderzoeken.Twee derde van het archief moet nog worden gedigitaliseerd, als een ontbrekend dossier dan alsnog opduikt, kan een naam terug op de lijst worden gezet.
Sinds de lijst met 425 duizend namen online staat, heerst er onrust. Tot verdriet van nabestaanden blijken er ook namen te staan van Joodse slachtoffers die in een vernietigingskamp zijn vermoord, van verzetsmensen en van gevluchte Duitse Joden die de oorlog op een Nederlands onderduikadres hebben overleefd.
Het archief erkent dat er fouten in de namenlijst staan en waarschuwt daar nu voor op de website. Ook staat bij geen enkele naam nog dat betrokkene ‘is onderzocht op collaboratie’; die twee laatste woorden zijn geschrapt.
De woordvoerder benadrukt dat het zogeheten CABR-archief is ontstaan door samenvoeging van de archieven van ruim tweehonderd lokale politiediensten, politieke recherche-afdelingen, tribunalen en gerechtshoven die allemaal hun eigen administratie hadden. Daardoor zijn er fouten geslopen in de omvangrijke cartotheek. ‘Zo zijn er per ongeluk ook kaarten gemaakt van slachtoffers of getuigen.’
Het archief wist daar al langer van en heeft al voor de publicatie van de lijst namen verwijderd die daar overduidelijk niet op thuishoorden. De komende tijd moet de namenlijst verder worden opgeschoond, op basis van meldingen van nabestaanden.
Bij het Nationaal Archief zijn de afgelopen dagen tientallen telefoontjes binnengekomen van nabestaanden die ‘boos, verdrietig of verontrust’ zijn over de naam van hun dierbare op de lijst. Verreweg de meeste telefoontjes gingen over mensen van wie er in het archief wél een dossier zit, aldus de woordvoerder.
‘Nabestaanden zeiden ons: het klopt niet, mijn vader of opa zat juist in het verzet of was slachtoffer. Al die meldingen worden nu onderzocht, maar de namen blijven op de lijst staan. Als er een dossier is, dan is er na de oorlog onderzoek gedaan, en het is van belang dat het archief een getrouwe weerspiegeling blijft van de rechtsgang destijds.’
Soms levert dat een pijnlijk verhaal op, erkent hij. ‘Er zitten namen in het archief van mensen die zowel dader als slachtoffer zijn geweest, soms om een verdrietige reden. Dat is niet altijd bekend bij de familie. Of van mensen die hebben beweerd dat ze in het verzet zaten, en nu blijkt het tegendeel.’
Inmiddels is duidelijk waarom de namen van uit Duitsland gevluchte Joden in de cartotheek staan. De politieke recherche en de plaatselijke vreemdelingendienst hebben na de bevrijding van die vluchtelingen een dossier aangelegd omdat ze advies moesten geven aan de Nederlandse overheid of betrokkenen ‘ontvijand’ konden worden. Alle Duitse vluchtelingen waren na de oorlog tot vijand verklaard.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant