De MotoGP kende dankzij Jorge Martín voor het eerst in lange tijd weer een kampioen die niet van een fabrieksteam, maar van een satellietteam kwam. Hij moest het vorig jaar in de Grands Prix regelmatig afleggen tegen titelrivaal Francesco Bagnaia, maar bleef uiteindelijk wel vaker zadelvast en dat leverde hem zijn eerste MotoGP-titel op. Dat hij zijn Italiaanse concurrent heeft verslagen, maakt Martín erg trots. Toch had hij het ook tegen andere grootheden uit de sport willen opnemen.
"Ik zou natuurlijk graag met de grootsten om het kampioenschap willen strijden", zegt Martín tegen AS. "Tegen Valentino Rossi, tegen Marc Márquez - die nu ook racet. Maar bijvoorbeeld ook tegen [Casey] Stoner en vele anderen die ik als kind heb meegemaakt toen ik vanuit huis naar de motorraces keek. Ik wilde mezelf daar zien en nu bevind ik me in die positie." Ondanks dat hij het dus niet heeft kunnen opnemen tegen de rijders uit de tijd dat hij zelf nog als jonge fan keek, wil dat volgens hem niet zeggen dat zijn titel minder waard is. "Nu heb je Pecco en hij was degene die ik moest verslaan. En je hebt Márquez, die ik ook moest verslaan."
"En dan heb je nog Jorge Martín, die hen heeft verslagen", vervolgt de Spanjaard met een lach. "Ik zie Márquez, samen met Valentino als de besten uit de geschiedenis - en Pecco voegt zich [misschien] bij die groep? Met zijn resultaten heeft hij in mijn optiek Stoner bijvoorbeeld al verslagen. En ik heb Pecco verslagen, dus wat zegt dat over mij? Ik schep niet op, ik sta met beide benen op de grond en ik weet dat ik nog een lange weg te gaan heb. Maar het staat vast dat ik mezelf op sportief vlak op gelijke hoogte plaats met hen."
Martín heeft op de Ducati-motor kunnen schitteren, maar staat dit jaar voor een nieuwe uitdaging als fabrieksrijder bij Aprilia. Hoewel hij had gehoopt op een fabriekszitje bij Ducati en dat op het laatste moment niet doorging, is hij het Italiaanse merk 'heel erg dankbaar'. "Ducati heeft me eindelijk de kans gegeven om naar de MotoGP te komen. En dat niet alleen, want ze hebben me altijd vertrouwd, ze hebben me zeer goede contracten en een zeer competitieve motor gegeven. De laatste twee jaar had ik dezelfde wapens als Pecco en Enea [Bastianini] en ik heb ze kunnen verslaan op het circuit, dus dat is het belangrijkste", besluit de kampioen.
Source: Motorsport