Vanwege de heftige wind en de hoge golven werd de nieuwjaarsduik dit jaar op veel plekken afgelast. Desondanks sprongen in Scheveningen veel mensen woensdag de zee in.
is regioverslaggever van de Volkskrant in de provincies Utrecht en Flevoland.
Terwijl de wind wolken zand langs de vloedlijn jaagt, komen Bernd Sommer (42) en zijn zoon Jens (9) het strand van Scheveningen op wandelen, allebei getooid met een knaloranje Unox-muts. Ja, natuurlijk weten ze dat de officiële nieuwjaarsduik is afgelast vanwege het onstuimige weer, en dat er wordt gewaarschuwd vooral niet de zee in te gaan. Maar dat heeft ze er niet van weerhouden in de auto te stappen en hierheen te komen. ‘Ik doe het al vanaf 2007’, zegt Sommer. ‘Het is een goede start van het jaar.’
Ook de aanblik van de golven, die her en der een hoogte van 4 meter bereiken, heeft de twee niet aan het twijfelen gebracht, al hebben ze zich wel voorgenomen niet te diep te gaan, en niet met het hoofd onder water.
Dan trekken ze hun kleren uit, proppen die in een bruine plunjezak en rennen – de muts nog op – hand in hand de zee in. Sommer heeft een telefoon in zijn hand waarmee hij een filmpje maakt. Als ze een minuut later weer bij hun kleren staan, geven ze een korte recensie: ‘Lekker hoor!’
Vader en zoon zijn – nog geen twaalf uur nadat talloze Nederlanders een lokaal vuurwerkverbod aan hun laars lapten – niet de enigen die de waarschuwing om niet te gaan zwemmen vandaag naast zich neerleggen. Even ten zuiden van de pier arriveren rond het middaguur elke paar minuten een paar zwemmers, die zich snel uitkleden, de zee in rennen en ook snel weer terugkeren – ondanks de voorspelde windstoten met kracht 9 of 10.
Neem Jim Riethoven (37) uit Leiden, die met drie vrienden een duik heeft genomen en zich nu weer staat af te drogen. Hij vindt het terecht dat de officiële nieuwjaarsduik is afgelast, zegt hij, ‘maar sommige mensen kun je nu eenmaal niet tegenhouden – en tot die groep behoren wij’.
Ze hebben de gevaren nog wel besproken en de mogelijkheid opengehouden om zonder duik het café in te gaan, maar uiteindelijk gaan ze er toch voor. Met een paar man het water in moet wel kunnen, zegt Riethoven tijdens een wapperend afdroogritueel, waarbij zijn kuiten gezandstraald worden. Dit is heel anders dan met een paar duizend man tegelijk de zee in gaan. ‘Dan geldt: wie het eerst erin gaat, komt er als laatste weer uit.’
De Haagse Vrijwillige Reddingsbrigade denkt er minder luchtig over. Met drie oranje auto’s, alle voorzien van een doek dat waarschuwt voor een gevaarlijke zee, surveilleren de vrijwilligers vandaag op het strand. Af en toe stoppen ze om mensen te waarschuwen. ‘Meer kunnen we niet doen’, zegt Shane Stam, die achter het stuur van een van de auto’s zit. ‘We zijn niet de politie, dus we mogen niet handhaven.’
De vrijwilligers benadrukken in die gesprekken vooral dat de zwemmers niet alleen zichzelf in gevaar brengen, maar ook de leden van de reddingsbrigade. Die moeten er in hun wetsuits achteraan duiken als er iets mis dreigt te gaan. Soms hebben de adviezen van de reddingsbrigade effect, zegt Stam. ‘Een groep jongeren besloot zojuist om toch niet te gaan duiken. Maar anderen zeggen dat ze het al jaren doen en zich ook nu niet laten tegenhouden.’
De houding van die laatste groep lijkt niet voorbehouden aan doorgewinterde nieuwjaarsduikers. Een deel van Nederland vindt verboden en waarschuwingen vooral iets voor anderen – zeker als het oud-en-nieuwtradities betreft. Dat bleek in gemeenten waar bestuurders vuurwerk volledig in de ban deden om gewonden te voorkomen, overlast te verminderen en hulpdiensten te ontlasten. Ondanks de verboden knalde het er als vanouds, zoals bijvoorbeeld in Utrecht.
‘Veel Nederlanders zijn vrij eigenwijs’, zegt Stam van de reddingsbrigade. ‘Men beslist graag zelf en laat niet graag voor zich beslissen.’
Rond 1 uur arriveren drie leden van de Haagsche Studenten Vereeniging op het strand –‘ontiegelijk brak van gisteravond’, aldus Figo Jans (22). Hij vertelt dat het bij hun dispuut Oranje Boven traditie is om aan de nieuwjaarsduik deel te nemen sinds een dispuutslid een paar decennia geleden in rokkostuum de zee in sprong. Daarom zullen ze zelf straks ook keurig gekleed de zee in gaan: met een stropdas, oranje gilet en een colbert.
‘Normaal gaan we er altijd om kwart voor 12 in’, zegt Jans. ‘En dan blijven we een kwartier lang staan en dan rent de hele meute op ons af. Maar we hebben het nu een beetje aangepast. We zijn wat later wakker geworden. En er is natuurlijk geen mensenmassa.’
Ook de studenten vinden het terecht dat het evenement is afgelast. ‘Een paar gasten kun je nog wel redden’, zegt Luuk Geuze (22), ‘maar als er honderden mensen tegelijk het water in rennen, is dat anders.’ Zelf hebben ze geen moment getwijfeld of ze zouden gaan. ‘Ons dispuut staat als een rots.’
Dan rennen ze de golven tegemoet, jong en onbezonnen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant