Huurders in de vrije sector betalen vanaf 1 juli maximaal 4,1 procent meer, meldt het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. In de middensector en de sociale huur mogen de huren met respectievelijk 7,7 en 5 procent stijgen.
Elk jaar stelt de overheid een maximumpercentage vast waarmee verhuurders de huur mogen verhogen. Binnen de vrije sector, waar de huur boven de zogenoemde liberalisatiegrens ligt, is de maximale verhoging vanaf 1 juli 2025 4,1 procent. Dat maximum geldt ook als er in het contract sprake was een forsere verhoging.
Het percentage komt tot stand door te kijken naar het inflatiecijfer en de cao-loonontwikkeling. Bij het laagste van de twee mag 1 procent worden bijgeteld. Dat is in dit geval de inflatie, die gemiddeld 3,1 procent bedroeg. Met 1 procent erbij komt dat uit op een maximale huurstijging van 4,1 procent.
In de middenhuursector mogen verhuurders de tarieven met maximaal 7,7 procent verhogen. Een huurwoning valt onder de middenhuur als de huur tussen de 879,66 en 1.157,96 euro per maand bedraagt, of iets meer als ze aan bepaalde voorwaarden voldoet.
Dat de huurverhoging hoger is in de middenhuur komt doordat er gekeken wordt naar de cao-loonontwikkeling, en niet naar de inflatie zoals bij de vrije sector. De cao-loonontwikkeling was het voorbije jaar met 6,7 procent fors hoger dan de inflatie. Daardoor is ook de maximale huurstijging (opnieuw met 1 procent erbij) met 7,7 procent een stukje hoger.
Binnen de sociale huur mogen de huurprijzen volgend jaar met maximaal 5 procent stijgen. Die prijsstijging is het resultaat van overleg tussen kabinet, corporaties en gemeenten op de woontop op 11 december.
Op die top spraken die partijen af dat de gemiddelde huurstijging per woningcorporatie voor 2025 beperkt wordt tot 4,5 procent. Voor individuele woningen mag daar nog 0,5 procent worden bijgeteld, waarmee de maximale verhoging uitkomt op 5 procent.
Source: Nu.nl economisch