Home

De belangrijkste les die Jorge Martín leerde op weg naar MotoGP-titel

Als een MotoGP-rijder voor het eerst een wereldkampioenschap veiligstelt, verandert zijn leven meestal meer aan de buitenkant dan qua gevoel voor diegene zelf. Dat geldt echter niet voor Jorge Martín, afgaande op wat hij vertelt in zijn interview met Motorsport.com van vorige week in Madrid. Het gevoel overheerst dat Martín eerder opgelucht is dan uitgelaten, mede door de druk die hij zichzelf gedurende het seizoen heeft opgelegd.

In de afgelopen jaargang streed Martín tegen meerdere elementen. Enerzijds vocht hij op de baan met Francesco Bagnaia om de wereldtitel, terwijl hij met Marc Márquez een strijd leverde om een plekje in het fabrieksteam van Ducati. Zij kozen uiteindelijk voor Márquez, waardoor Martín voor 2025 zijn heil zocht bij het fabrieksteam van Aprilia. Ook vocht de Spanjaard tegen zichzelf door in 2024 in te zetten op consistentie en niet op pure snelheid, iets wat hij in zijn eerste drie MotoGP-seizoenen juist wel deed.

Vraag: Heb je in dit voor jou heel belangrijke jaar iets over jezelf geleerd dat je heeft verrast?

Jorge Martín: "Ik heb geleerd om meer op mezelf te vertrouwen. Ik ben altijd iemand geweest die twijfels heeft. Als kind was ik heel negatief. Ik deed mee aan de Red Bull Rookies Cup en dacht dat ik niet mocht terugkomen en dat ik het wereldkampioenschap nooit zou halen. Stap voor stap heb ik mezelf bewezen dat ik in staat was om deze doelstellingen te behalen. Dit jaar geloofde ik echt in mezelf dat ik de titel kon winnen. Voorheen moest ik iets bereiken om mezelf te overtuigen dat ik iets kon, nu geloofde ik erin voordat ik het bereikt heb. Dat is iets wat ik meeneem naar de toekomst."

Die onzekerheid past niet echt bij het imago dat je hebt.

JM: "Dat klopt misschien wel. Dit jaar was ik veel rustiger. Ik was minder impulsief en ik kon rustig blijven op de momenten dat het slecht ging, al was dat niet vaak. Dit alles heeft me geholpen, niet alleen mezelf maar ook het team. Ik kon namelijk duidelijker uitdrukken wat ik nodig had van de motor."

Je was heel kritisch op jezelf toen je vorig jaar het kampioenschap verloor. Hoe belangrijk was dat om hier nu als wereldkampioen te zitten?

JM: "Ik denk dat ik best kritisch op mezelf ben en dat zie ik als iets positiefs. Als je jonger bent, zoek je altijd naar excuses. Daar heb je niets aan. Er kwam een moment dat ik mijn fouten begon op te merken en sindsdien ben ik gefocust op het herstellen van die fouten om mezelf te verbeteren. Dit jaar was het in Duitsland bijvoorbeeld heel duidelijk dat ik crashte door een eigen fout. Ik had kunnen zeggen dat het leven doorgaat en dat ik het verpest heb. Het belangrijkste was echter dat ik het kon omtoveren in een les waar ik de rest van het seizoen profijt van heb gehad."

Je hebt ongefilterd gesproken over het belang van en de rol die de sportpsycholoog heeft gespeeld bij jouw prestaties. Denk je dat hierop nog een stigma zit?

JM: "Dat onderwerp lijkt taboe te zijn. Sommige mensen denken dat het inzetten van een psycholoog een teken van zwakte is, maar het is eigenlijk het tegenovergestelde. Ik zie het als een teken van kracht, want het laat zien dat je bereid bent om jezelf te verbeteren. Niemand is perfect, we hebben allemaal zwakke plekken die we kunnen versterken. Een psycholoog bezoeken doet je geen kwaad. Alles wat ze doen, is dat ze je tools geven waarvan je zelf kunt bepalen of en hoe je ze gebruikt."

In de afgelopen drie jaar heb je een transformatie ondergaan op de baan. Je was altijd heel explosief, maar nu vormt consistentie de basis. Daarbij heb je wat pure snelheid opgeofferd. Heb je deze aanpassing vrijwillig doorgevoerd?

JM: "Het komt allemaal door de kalmte waar we het eerder over hadden. Het klopt dat er een paar races waren waarin ik Pecco liever had verslagen. Voorheen had ik op hem gejaagd en dan was dat waarschijnlijk geëindigd met een crash. Om dat te voorkomen, moest ik leren om een tweede plek en twintig punten te accepteren in plaats van alles op het spel te zetten en 25 punten mis te lopen door te veel risico te nemen. Die aanpak heeft me naar een puntenrecord en de wereldtitel gebracht, ondanks dat mijn rivaal elf Grands Prix won. Ik ben heel trots dat ik de beste Pecco ooit heb kunnen verslaan."

Houdt dat record in dat je het nieuwe raceformat beter onder de knie hebt dan de rest?

JM: "Ik wist waarschijnlijk hoe ik de zaterdag en de zondag even belangrijk moest maken. Veel rijders hebben de prijs betaald voor slechte zaterdagen, terwijl ik bleef scoren. In totaal heb ik vier nulscores in 40 races gehad. Je kunt je altijd verbeteren, maar Pecco had er acht of negen. Dat heeft de titel mijn voordeel beslist."

Denk je dat je in hetzelfde gezelschap zit als Marc Márquez en Bagnaia met alles wat je dit seizoen bereikt hebt?

JM: "Ik ben heel jong. Ik ben pas 26 jaar oud, ik hoop dat dit pas het begin is en dat ik nog vele jaren voor me heb. Wat ik echt wil, is herinnerd worden voor iets veel diepgaanders dan een MotoGP-titel, wat een grote last van mijn schouders is. Pecco is een van de beste rijders ooit en niet alleen vanwege de cijfers. Hij heeft Stoner verslagen, die als een van de vijf beste rijders ooit wordt gezien. En ik heb Pecco verslagen op dezelfde motorfiets. Ik weet niet waar ik sta. Ik heb gemiddeld één podium per drie races, als ik mijn jaren bij Mahindra en in de Moto2 meetel. We zullen zien wat er gebeurt in 2025, als ik met een ander merk ga racen."

Source: Motorsport

Previous

Next