Home

Spelende jongen

In Las Vegas, de woestijnstad van snel vergaarde rijkdom en roekeloos vervlogen illusies, stad van geluk, pokertafels, slotmachines en bluf, verslaving en fortuin, reed Max Verstappen op veilig.

Niet even een paar stiekeme muntjes in de machine. Puur op verstand naar de wereldtitel, waarna het geluid van succes alsnog rinkelde, ook in commercieel opzicht. Op tv verscheen de meteen te bestellen World Champion Collection. Het team van Red Bull in Las Vegas ging gekleed in tenues met M4x, met een 4 als A geschreven. Vierde titel op rij.

Over de auteur
Willem Vissers is voetbalverslaggever van de Volkskrant en schrijft elke week een sportcolumn. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Max Verstappen stond levensgroot afgebeeld op de futuristische, bolvormige concertzaal The Sphere, ook bekend van U2 en Beyoncé. Langs het circuit deinde de zee van licht, met nagebouwd Parijs en Sylvester Stallone met finishvlag. Vrolijke kermis in de oase van hedonisme, met een optocht van opgedirkte mensen en hun geheven telefoons, om hun unieke moment te vangen.

Ruim halverwege de in Nederland vroeg uitgezonden race was ik uit mijn bed gerold, terwijl mijn echtgenote al pontificaal op de bank was genesteld. Zij houdt meer van Formule I dan ik. Ze is best een kenner, terwijl ik vooral momenten pluk en daarbij onbezoldigd promotor ben van alles dat riekt naar Limburg.

Het ging over het maximaliseren van het resultaat. Dat was de toverspreuk, met de woordspeling op Max. Maximaliseren, door te minimaliseren. Het minimaliseren van het risico, van de gebreken aan de auto die gaandeweg het seizoen minder snel was dan voorheen. Max maximaliseerde het minimaal benodigde resultaat. En warempel, in zijn stem zat een snik na de finish. ‘It’s amazing’, klonk het van achter de helm.

Max had niet dankzij de auto gewonnen, maar ondanks de auto, want dat maximaliseren slaat ook op Max zelf, op het zo groot mogelijk maken van Max. Hij deed gaarne mee, met zijn opmerking dat de mensen het maar gewoontjes waren gaan vinden, tien op rij gewonnen races vorig seizoen. Max nog groter maken dan hij is, van mij mag het af en toe. Zoveel sporters van deze garnituur hebben we nu ook weer niet.

Verstappen is sowieso een fascinerende kerel, al zijn de scherpe randen van zijn karakter beter verborgen dan voorheen. Maar hij blijft een jongen met branie en dat is aantrekkelijk, omdat de man als type mens nu eenmaal het leukst is als ergens in hem de spelende jongen voortleeft.

En dus rijden de belangrijke mannen van de dag in een optocht van Rolls -Royces naar de plaats van de huldiging. Hamilton op de achterbank, naast Sainz en Russell. Pfff. Hij verzucht dat het ‘fucking hot’ is en draait het raampje open. Russell zegt dat de airco het dan niet doet. Raampje dicht.

Max heeft meer ruimte in zijn auto. Hij zit naast Gianpiero Lambiase, zijn ingenieur, met wie hij menig discussie over de auto voerde. In het dak van de Rolls stralen sterretjes. Dan ontdekt Max in de stoel voor hem een uitklapbare tafel. Hij zet zijn flesje energiedrank op het tafeltje en kijkt triomfantelijk naar Lambiase. Nog steeds een jongen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next