Home

rotterdam

Kleine woningverhuurders zetten hun panden steeds vaker te koop. In het derde kwartaal hebben ze 3.550 huizen van de hand gedaan aan kopers die er zelf in gingen wonen, bijvoorbeeld starters. Het is het grootste aantal van de afgelopen tien jaar.

Een jaar eerder ging het nog om 2.325 huizen en vijf jaar geleden om 1.525 panden. Dat blijkt uit cijfers van het Kadaster. Met name in de vier grote steden hebben de verhuurders veel woningen verkocht in het derde kwartaal: 1.700.

Dat particuliere vastgoedbeleggers hun woningen te koop zetten, komt onder meer door de opgelopen hypotheekrente, een verhoging van de overdrachtsbelasting en doordat diverse gemeenten opkoopbescherming hebben ingevoerd. Daar kwam op 1 juli de Wet betaalbare huur bij. Die beperkt pandjesbazen bij het verhogen van huurprijzen.

De verhuurders klagen al een tijdje dat ze nog nauwelijks winst kunnen maken. Velen besluiten hun woningen daarom maar te verkopen. In onderstaande grafiek is te zien dat een stijgend aantal panden van de huur- naar de koopmarkt gaat.

Onder meer Klaas Knot, president van De Nederlandsche Bank (DNB), zei onlangs dat het beter was als de Wet betaalbare huur zou worden geschrapt. Hij stelt dat het aanbod van huurhuizen flink is gekrompen, terwijl de prijzen verder zijn gestegen.

Ook de huidige minister van Wonen Mona Keijzer zegt bezorgd te zijn over wat er op de huurmarkt gebeurt. Ze wil de nieuwe huurwet volgend jaar evalueren.

Hugo de Jonge, de vorige minister van Wonen die de omstreden wet heeft opgesteld, is minder kritisch. Hij zei eerder dat het geen probleem zou zijn als sommige verhuurders hun woningen te koop zouden zetten, omdat zo meer huizen beschikbaar komen voor koopstarters.

Die lijken de laatste tijd inderdaad vaak hun slag te slaan. Het Kadaster meldt dat vastgoedbeleggers afgelopen kwartaal in twee van de drie gevallen hun woningen aan starters verkochten, al zitten daar ook nieuwbouwhuizen bij die nooit zijn verhuurd.

Hoewel steeds meer particuliere verhuurders hun panden te koop zetten, gaat het vooralsnog niet om grote aantallen als je kijkt naar het totaal. Zo hadden ze op 1 oktober ruim 300.000 woningen in bezit. Dat is 3,8 procent van de ruim 8,2 miljoen huizen in ons land. Een jaar eerder bezaten ze nog 3,9 procent.

Institutionele investeerders zoals pensioenfondsen, verzekeraars en grote vastgoedbeleggers hebben juist iets meer woningen in bezit dan een jaar terug. Zij hadden op 1 oktober zo'n 450.000 panden, wat neerkomt op 5,5 procent. Daarmee is dus bijna een op de tien Nederlandse woningen in bezit van kleine of grote beleggers.

Source: Nu.nl economisch

Previous

Next