De zaterdag van de MotoGP Grand Prix van Barcelona zou een historische kunnen worden, want de strijd om de wereldtitel zou voor het eerst beslist kunnen worden in een sprintrace. De opdracht voor WK-leider Jorge Martín was simpel: hij moest twee punten uitlopen op Francesco Bagnaia, zijn enige overgebleven rivaal in de titelstrijd. De Ducati-rijder verzekerde zich eerder op de dag echter van pole-position, terwijl Martín vanaf de vierde plek aan de race over twaalf ronden moest beginnen. Aleix Espargaró en Marc Márquez nestelden zich in de kwalificatie tussen beide titelrivalen. De gehele eerste rij begon met de harde voorband en zachte achterband aan de sprintrace, Martín koos juist voor de zachtere medium voorband.
Kort na 15.00 uur doofden de startlichten en zowel Bagnaia als Martín kwam goed weg, maar het was de als achtste gestarte Enea Bastianini die als eerste door de eerste bocht kwam. Enkele bochten later zou Bagnaia de koppositie echter alweer overnemen van zijn teamgenoot, die er wel in slaagde om Martín af te stoppen. Kort daarachter was er contact tussen Márquez en Pedro Acosta, waarbij laatstgenoemde de voorkant van zijn fairing verloor. De GasGas Tech3-rijder zag zijn sprintrace daardoor bij terugkeer in de pits ten einde komen. Franco Morbidelli schoof hierdoor op naar de vierde plek, voor Álex Márquez op P5.
Terwijl Bagnaia vooraan een gaatje sloeg, zette Martín in de derde ronde op weg naar bocht 1 met succes de aanval in op Bastianini voor de tweede plek. De Ducati-rijder was echter niet van plan om zich zomaar gewonnen te geven, want een ronde later wist hij op dezelfde manier de tweede plek te heroveren. Hij leek vervolgens het tempo van de achtervolgende groep te drukken om andere rijders ook bij het duel te betrekken, maar zonder succes: in de vijfde ronde ging Martín in bocht 1 definitief voorbij aan Bastianini. Even leek ook Morbidelli van dat gevecht te profiteren door P3 over te nemen, maar die aanval werd afgeslagen door de Italiaan van het fabrieksteam. Wel kreeg Martín wat ademruimte door die aanval.
Morbidelli bleek het tempo vervolgens niet helemaal te kunnen volgen, want in de zevende ronde verloor hij in een tijdbestek van vier bochten twee posities aan Álex Márquez en Espargaró, die zich na een povere start weer naar voren knokte. Vooraan stabiliseerde het verschil tussen Bagnaia en Martín op zo'n 1,3 seconde, terwijl Bastianini daar weer een kleine halve seconde achter zat. Hij stond echter onder druk van zowel Álex Márquez als Espargaró, terwijl Morbidelli een groepje met Marc Márquez, Marco Bezzecchi, Fabio Quartararo en Brad Binder achter zich aan had.
In het restant van de sprintrace maakte Bagnaia geen fout meer om zo zijn zevende sprintzege van het seizoen te boeken en de beslissing in de titelstrijd uit te stellen tot de allerlaatste race van het seizoen. Bastianini bewees Bagnaia een dienst door in de slotronde naar P2 te komen en Martín naar P3 te verwijzen. De Pramac-rijder behield desondanks een voorsprong van 19 punten voor de Grand Prix op zondag. Espargaró werd vierde na een late fout van Álex Márquez, die als vijfde eindigde, met Morbidelli, Marc Márquez, Bezzecchi en Binder op de resterende puntenposities. Quartararo viel met zijn tiende plek net buiten de boot, met Johann Zarco op de elfde plek als beste Honda-rijder.
De strijd om de MotoGP-wereldtitel wordt zondag beslist tijdens de Grand Prix van Barcelona, die 24 ronden telt en om 14.00 uur begint.
-
+0.942
0.942
+1.270
1.270
+1.857
1.857
+1.942
1.942
+5.263
5.263
+5.303
5.303
+5.507
5.507
+5.573
5.573
+5.937
5.937
+7.413
7.413
+8.344
8.344
+9.387
9.387
+9.652
9.652
+11.838
11.838
+13.217
13.217
+17.017
17.017
+17.746
17.746
+18.533
18.533
+20.153
20.153
+20.547
20.547
+24.604
24.604
11 laps
Source: Motorsport