Home

Is belangenverstrengeling wel uit te sluiten bij een politicus?

Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.




Elke bestuurder heeft een verleden en een toekomst. En daarmee heeft die in de politiek automatisch de schijn tegen van belangenverstrengeling. Vadertje Drees voerde vier jaar voor zijn 65ste jaar de Noodwet Ouderdomsvoorziening in – later door minister Ko Suurhoff uitgewerkt tot de AOW. Boze tongen zouden kunnen beweren dat de oude Drees het vooral voor zichzelf deed. Omdat hij 102 jaar werd, kon hij heel lang van de regeling genieten.

Mensen met geld zouden geen minister kunnen worden, omdat er in het kabinet nu eenmaal altijd belangrijke besluiten worden genomen over belastingverhogingen en -verlagingen. Maar ook armoedzaaiers in de volksvertegenwoordiging hebben privébelangen, omdat de politiek beslist over uitkeringen.

Toen Ruud Lubbers premier werd in 1982, bracht hij zijn belang in het familiebedrijf Hollandia Kloos onder in een stichting op afstand. Dat leek goed geregeld. Niettemin kwam hij herhaaldelijk in opspraak. De ene keer zou hij zijn broer Rob Lubbers, die bestuurder bleef, adviezen hebben gegeven. De andere keer zou hij zich hebben gemengd in een vordering die Hollandia Kloos had op de staat Koeweit. Er was ophef in de media, de premier gaf geen krimp.

Staatssecretaris van Financiën Folkert Idsinga gooide vorige week de handdoek in de ring, hoewel hij net als Lubbers zijn zakelijke belangen, van in totaal 6 miljoen euro, op afstand had gezet. Het draaide vooral om zijn belang in een bedrijf dat machines voor de productie van algen beheert. Deze algen kunnen dienen als vervanger van dierlijke eiwitten. Kortom, een milieuvriendelijke investering die zou worden toegejuicht als een bank als Triodos of ASN erin zou stappen. Idsinga wilde er niets over zeggen, waarschijnlijk omdat hij gebruikmaakte van fiscale steunregelingen die voor ondernemers gelden. De formateur en de premier hadden er geen moeite mee. De Tweede Kamer, inclusief coalitiepartner PVV, wel. Die wilde het naadje van de kous weten.

Minister Cees Veerman van Landbouw hoefde in 2005 niet af te treden, hoewel diens belangenverstrengeling erger leek en hij het ook niet had gemeld. Hij was directeur van enkele landbouwbedrijven, terwijl hij in Brussel onderhandelde over landbouwsubsidies. Onder premier Jan Peter Balkenende werd toen afgesproken dat alle bijbaantjes moesten worden gemeld, zelfs het ambassadeurschap van de jeneververeniging.

In 2021 stapte minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur nog tijdens haar ministerschap over naar Energie Nederland. Premier Mark Rutte wist ervan, maar ze mocht als toekomstig energielobbyist gewoon bij de ministerraad blijven aanschuiven. Eigenlijk waren Rutte zelf en ook minister Carola Schouten al als kabinetsleden bezig te lobbyen voor hun nieuwe positie na de verkiezingen. Heel vaak maken ex-ministers gebruik van hun voormalige Haagse netwerk zonder dat ze dat kwalijk wordt genomen.

Er zijn moeilijk objectieve criteria te hanteren, waarbij belangenverstrengeling helemaal is uit te sluiten. Of bewindslieden zouden na enkele jaren Binnenhof alleen nog als kamelendrijver in de Sahara mogen functioneren.

Anders moet ’s lands bestuur maar worden gedaan door AI-robots die worden gemaakt bij het creëren van een nieuw kabinet, en die bij een val worden ontmanteld.

Die hoeven geen 37 jaar AOW te krijgen zoals Drees.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next