Nu Noord-Korea twaalfduizend soldaten naar de oorlog in Oekraïne heeft gestuurd, wil ik mijn licht toch eens over het geopolitieke wereldtoneel laten schijnen. Bescheiden, uiteraard. Nog niet vergeten is de verbazing waarmee onlangs iemand na twintig jaar vriendschap uitriep: ‘Heb jij geschiedenis gestudeerd? Daar merk je nooit wat van!’
Twaalfduizend soldaten – waarom zou Rusland ze willen? De oorlog win je er niet mee, de geleden verliezen vul je er niet mee aan. Of zou dit alleen nog maar het beginnetje zijn? Eerst kijken hoe deze ploeg het buitenland en het slagveld verteert. Of ze het eten binnenhouden, niet ziek worden of vluchten. Zodat je straks precies weet hoe je soldaten moet instrueren voor je ze met honderdduizend naar de oorlog voert.
Over de auteur
Peter Middendorp is schrijver en columnist van de Volkskrant. Van zijn hand verschenen onder meer de romans Vertrouwd voordelig en Jij bent van mij. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Noord-Korea wil macht, en waarschijnlijk meer. Het krijgt ook wat voor hun soldaten terug, misschien wel belangrijke informatie. Als ik het goed heb begrepen, ontbreekt het ze alleen nog aan een laatste beetje kennis om kleine kernkoppen op moderne raketten te kunnen zetten. Net als Iran wachten ze daar al best lang op, is mijn indruk – erg gul zijn de vrienden niet onder elkaar.
De Koreaanse Oorlog (1950-1953) was een proxyoorlog tussen China en de Sovjet-Unie, en de VS, uitgevochten door Noord- en Zuid-Korea. De oorlog in Oekraïne is deels een proxyoorlog tussen Rusland en het Westen. De Noord-Koreaanse soldaten brengen dus een proxyoorlog in een proxyoorlog, zodat je een dubbele krijgt. Ergens leefde kennelijk de wens om Azië erbij te halen, China te betrekken – ja, zijn die twaalfduizend niet gewoon een zet van China?
Hoe groter de oorlog in Europa wordt, hoe meer aandacht van het Westen daarin zal verdwijnen. Handjes die op het Europese slagveld zijn gebonden, kunnen niet meer in Azië worden uitgestoken, bijvoorbeeld als China Taiwan gaat overmeesteren. Misschien wil China ook Zuid-Korea er wel bij. Op zich is de Koreaanse Oorlog nog niet voorbij, er is geen vrede getekend – van de weeromstuit begint Zuid-Korea Oekraïne te helpen.
Laatst wilde ik het boek Bloedlanden van Timothy Snyder bestellen, over de wreedheden van de nazi’s en de Sovjets in Midden- en Oost-Europa voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Per ongeluk kreeg ik Sleepwalkers van Christopher Clark opgestuurd, over hoe de grootmachten indertijd slaapwandelend de Eerste Wereldoorlog inliepen. Van Bloedlanden zie ik af, bij nader inzien is het nieuws me al wreed genoeg. Sleepwalkers ligt ongelezen in de kast, dreigende parallellen met vandaag uit te stralen.
Proxy is een lekker woord om uit te spreken, dat is het enige leuke eraan. En er is de associatie met het syndroom van Münchhausen by proxy, dat vooral vrouwen aanzet de klachten van meestal kinderen te overdrijven of te veroorzaken, om aandacht te krijgen. In de zucht naar aandacht houdt zich ook een verlangen naar vernietiging schuil, dat is thuis niet anders dan op het wereldtoneel, of bij de vorming van bijvoorbeeld kabinetsbeleid.
Het syndroom is genoemd naar baron Von Münchhausen, een held van de Europese cultuur. De baron reisde op kanonskogels en had aan een half paard genoeg om thuis te komen. Hij kon alles en hoefde nergens bang voor te zijn. Als het nodig was, trok hij zich aan zijn haren uit het moeras.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns