Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De bitcoin wordt nogal eens vergeleken met de nieuwe kleren van de keizer uit het sprookje van Hans Christian Andersen uit 1837. De munt heeft niets om het lijf. Pure lucht.
In het programma College Tour van mei 2022 merkte Christine Lagarde op dat de ‘bitcoin niets waard is’. ‘Dat is mijn bescheiden mening’, voegde de president van de Europese Centrale Bank er nog wel aan toe. Ze riep autoriteiten op met regelgeving te komen ter bescherming van kleine beleggers die hun hoofd op hol hadden laten brengen. Daarnaast zou de bitcoin de financiële stabiliteit kunnen bedreigen.
Een jaar later kwam de aap uit de mouw. Haar bloedeigen zoon had 60 procent van zijn inleg met beleggingen in crypto’s verloren, zo moest zij toegeven. De koers van de bitcoin was op dat moment ruim gehalveerd van 53 duizend naar 21 duizend euro. Inmiddels kost een bitcoin weer 63 duizend euro. Dat is wel iets meer dan Lagarde in haar bescheiden bui opmerkte.
Regelgeving is er nog altijd niet gekomen. En een verbod al helemaal niet. Beleggers geloven de onheilsverhalen van de centrale bankiers over cryptovaluta allang niet meer. In het debat met speculanten die roepen dat de bitcoin wel een ton waard kan worden, delven economen en centrale bankiers die de virtuele munt de grond instampen het onderspit. Maar ze doen er niets aan. Er waren plannen om zelf met een digitale euro te komen, maar dat schiet maar niet op. Intussen zetten ze de geloofwaardigheid van hun eigen munten op het spel met gigantische opkoopoperaties.
Daarom gooit de ECB het over een andere boeg om de bitcoin te killen. De cryptomunt wordt nu een gevaar voor de sociale stabiliteit genoemd. Een bepaalde groep wordt zo rijk van het beleggen in cryptovaluta dat hierdoor de al zo grote ongelijkheid verder wordt verergerd. En dat zou zelfs de democratie kunnen bedreigen, aldus een nieuw rapport van Lagardes ECB. Om deze risico’s te beperken, wordt door de opstellers van het rapport gepleit voor prijsregulering en wetgevende maatregelen om de koersstijging tegen te gaan.
Het rapport is opgesteld door de ECB-economen Ulrich Bindseil en Jürgen Schaaf. De gestegen waarde van de bitcoin leidt ertoe dat mensen, die vroeg zijn ingestapt, nu stinkend rijk worden. ‘In absolute termen vergroten vroege adoptanten hun werkelijke rijkdom en consumptie ten koste van de rijkdom en consumptie van degenen die geen bitcoins hebben of er pas later zijn ingestapt’, aldus de ECB-economen.
De haves – in dit geval van bitcoins – kunnen met de winst huizen kopen of andere luxe producten, die buiten het bereik zijn van de havenots die zich niet hebben laten verleiden. ‘Stijgende koersen van de bitcoin leiden tot een overeenkomstige verarming van de rest van de samenleving, wat de sociale cohesie, stabiliteit en uiteindelijk de democratie in gevaar kan brengen. Daarom moet er strikte prijscontrole komen’, aldus het rapport.
Benieuwd of deze noodkreet wel leidt tot ingrijpen. Want op termijn wil iedereen leven als een keizer. Lang en gelukkig.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns