Een team van wetenschappers onder leiding van professor Nadja Drabon van de Harvard University heeft ontdekt dat een enorme meteorietinslag, die plaatsvond toen de aarde nog in haar kindertijd was, niet alleen catastrofale gevolgen had, maar ook het vroege leven op onze planeet stimuleerde. De bevindingen, vandaag gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences (PNAS), werpen nieuw licht op hoe gigantische inslagen mogelijk hebben bijgedragen aan de bloei van het leven.
Ongeveer drie miljard jaar geleden sloeg een meteoriet, bekend als S2, in op de aarde. Deze ruimterots had een diameter van 40 tot 60 kilometer en een massa die 50 tot 200 keer groter was dan die van de meteoriet die 66 miljoen jaar geleden leidde tot het uitsterven van de dinosauriërs. De inslag creëerde een krater van ongeveer 500 kilometer en veroorzaakte een megatsunami die over de hele planeet raasde.
"Stel je een regenwolk voor, maar in plaats van waterdruppels regent het gesmolten gesteente uit de lucht," legt professor Drabon uit. De impact was zo krachtig dat gesteente verpulverde en met enorme snelheid de atmosfeer in werd geslingerd, waardoor een wolk ontstond die de hele aarde inkapselde.
De enorme hoeveelheid energie die vrijkwam bij de inslag veroorzaakte intense hitte, waardoor de bovenste lagen van de oceanen begonnen te koken en tot tientallen meters water verdampte. Luchttemperaturen stegen mogelijk tot wel 100 graden Celsius. De hemel werd verduisterd door stof en deeltjes, wat leidde tot een periode van duisternis waarin zonlicht het aardoppervlak niet kon bereiken. Dit zal verwoestend zijn geweest voor de al aanwezige eenvoudige levensvormen die afhankelijk waren van fotosynthese.
Toch bleek het leven opmerkelijk veerkrachtig. Geochemische analyses van sedimentlagen toonden aan dat de inslag leidde tot een verhoogde beschikbaarheid van essentiële voedingsstoffen zoals fosfor en ijzer. "Het lijkt erop dat het leven na de inslag zeer gunstige omstandigheden tegenkwam die het in staat stelden te bloeien," zegt professor Drabon. De tsunami's zouden ijzerrijk water van de diepte naar het oppervlak hebben gebracht, terwijl het verdampen en weer condenseren van oceaanwater zorgde voor een wereldwijde verspreiding van voedingsstoffen.
Om deze bevindingen te ondersteunen, reisde het team naar de oostelijke Barberton Greenstone Belt in Zuid-Afrika, een van de oudste geologische formaties op aarde met sporen van vroege meteorietinslagen. Gewapend met voorhamers beklommen de wetenschappers afgelegen bergen om stukken gesteente te verzamelen. Deze regio biedt een unieke kijk op de geologische geschiedenis van de aarde, met goed bewaarde sedimenten die teruggaan tot het Archeïcum.
Tijdens hun expedities vonden ze sferulen, kleine bolvormige deeltjes die ontstaan bij meteorietinslagen, en pseudomorfen van evaporieten in de sedimentlagen direct boven de inslag. Deze vondsten wijzen op gedeeltelijke verdamping van de oceanen na de inslag, wat overeenkomt met de theorie dat dergelijke enorme inslagen konden leiden tot het koken van de bovenste lagen van de oceanen.
De onderzoekers analyseerden de chemische samenstelling van de sedimenten en vonden verhoogde niveaus van fosfor en ijzer direct na de inslag. Deze elementen zijn cruciaal voor biologische processen en hun verhoogde aanwezigheid zou hebben bijgedragen aan een massale bloei van microbieel leven. Bovendien tonen isotopische analyses van organisch koolstof aan dat er een verschuiving plaatsvond in de biologische activiteit, mogelijk door een toename van ijzer-gebaseerde metabole processen zoals fotoferrotrofie en dissimilatoire ijzerreductie.
"De inslag fungeerde als een soort wereldwijde meststof, waarbij essentiële ingrediënten voor het leven over de hele wereld werden verspreid," legt professor Drabon uit. Dit staat in contrast met de gebruikelijke perceptie van meteorietinslagen als puur destructieve gebeurtenissen.
Terwijl de onmiddellijke effecten van zulke enorme meteorietinslagen verwoestend waren, creëerden ze op de langere termijn dus ook nieuwe ecologische niches en brachten ze voedingsstoffen in omloop die essentieel waren voor biologische diversificatie. "Het is fascinerend om te zien hoe iets dat zo destructief lijkt, eigenlijk gunstig kan zijn geweest voor het leven," zegt professor Drabon. "Dit dwingt ons om opnieuw na te denken over de rol van grote inslagen in de geschiedenis van de aarde en mogelijk ook elders in het universum."
Source: Fok frontpage