Altijd als ik in Den Haag ben, denk ik dat ik er zou kunnen wonen en dat ik dan een ander mens zou zijn. Iemand die rustig wandelt over het Lange Voorhout en converseert. Terwijl, als ik er echt zou wonen, zou ik waarschijnlijk hard moeten fietsen van de fysiotherapeut naar school en van daaruit naar muziekles.
Nu liep mijn Haagse alter ego over voornoemd Lange Voorhout en converseerde. De linden kleurden geel en roken naar herfst.
Voor Hotel des Indes was een markt voor rijke mensen, met van die authentieke broden waarmee je elkaar de hersens kunt inslaan als de erfbelasting ter sprake komt.
Bij de markt bevond zich een klein podium, waar ik eigenlijk een Dixielandbandje had verwacht. Dat was er niet. Wel stond er een eenzame rocker die vol overgave ‘Smells like Teen Spirit’ aan het brengen was.
Hij detoneerde niet, en ik prees mij gelukkig dat ik mocht meemaken dat Nirvana oubollig is geworden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns