De beroepsbevolking in Nederland zal tot 2050 nauwelijks groeien vanwege de vergrijzing. Daarom is het van groot belang dat mensen meer uren gaan werken, arbeidsmigranten duurzaam ingezet worden en er veel geïnvesteerd wordt in innovatie en technologie.
De overheid zal daarom belangrijke keuzes moeten maken, stelt het Centraal Planbureau (CPB) vast in zijn langetermijnverkenning voor de Nederlandse economie. Dat is bovendien nodig om de arbeidsproductiviteit op peil te houden, aangezien de productiegroei de afgelopen jaren is vertraagd.
Zo moeten arbeidsmigranten die in ons land werken de komende decennia ook langdurig inzetbaar zijn. Vooral kennismigranten en hoogopgeleid talent zijn nodig om de arbeidsproductiviteit te verhogen en goede concurrentiepositie te garanderen.
"Arbeidsmigratie kan helpen de vergrijzing te dempen", zegt directeur Pieter Hasekamp van het CPB tegen NU.nl. "Maar er is ook een keerzijde, aangezien er knelpunten ontstaan als het gaat om woonruimte en sociale cohesie. Arbeidsmigranten zijn vooral een oplossing voor sectoren waar specifieke tekorten zijn, zoals in de zorg en de techniek. Maar ook deze groep zal vergrijzen."
Het aantrekken van meer buitenlands talent kan niet alleen het aantal beschikbare arbeidskrachten vergroten, maar ook de arbeidsproductiviteit stimuleren.
Een kleiner aantal kennismigranten in ons land zal leiden tot een afname van talent. Dit kan negatieve gevolgen hebben voor innovatie en arbeidsproductiviteit, omdat het aanbod van hoogopgeleide en gespecialiseerde arbeidskrachten vermindert. Hierdoor kan de concurrentiepositie van Nederland onder druk komen te staan.
De krapte op de arbeidsmarkt blijft de komende jaren een groot probleem, aangezien de vergrijzing in verschillende sectoren doorzet. Zo staan er momenteel al 400.000 vacatures open.
Volgens het CPB is het ook een optie om het arbeidsaanbod te vergroten. Dat houdt in dat meer mensen gaan werken of dat werknemers meer uren maken.
Dit kan worden bereikt door bijvoorbeeld het financieel onaantrekkelijk maken van deeltijdwerk en het verhogen van de pensioenleeftijd. Ook het verhogen van de arbeidsdeelname van mensen met een uitkering of het financieel aantrekkelijker maken van meer uren werken kan hieraan bijdragen.
Hasekamp zegt dat meer uren werken de krapte kan bestrijden en daarmee de economische groei kan stimuleren. Maar in ons land wordt al veel gewerkt en de ruimte om meer te werken is daardoor beperkt. Toch zijn er nog steeds ruim 4,7 miljoen deeltijders. Vooral vrouwen werken minder dan 35 uur per week.
"We hebben een deeltijdcultuur, maar het kan lang duren voordat zoiets verandert. Mensen die minder uren werken doen dat vanwege de opvang van kinderen of mantelzorgtaken", stelt Hasekamp.
De overheid en het bedrijfsleven doen er verder goed aan fors te investeren in innovatie en techniek. "Dat is belangrijk voor de arbeidsproductiviteit. We moeten kijken waar we werk handiger kunnen organiseren. In de horeca zie je al goede voorbeelden, zoals bestellen via een QR-code."
Source: Nu.nl economisch