Home

Voor de Oekraïners laat de oorlog zich niet terugbrengen tot een simpele rekensom

Op een zonovergoten dag in juni kwamen mijn vrouw en ik op doorreis terecht in Saint-Aubin-sur-Mer. Aan dit stadje bevindt zich een van de Normandische invasiestranden. Op de boulevard wapperden de vlaggen van de geallieerde landen die deelnamen aan de landing. Wandelaars poseerden vrolijk in de frisse zomerbries bij het Duitse antitankgeschut. Ik ook. En ik genoot.

Tegelijkertijd - eens calvinist, altijd calvinist - vroeg ik me af of ik dit gevoel wel bij mezelf mocht toestaan, omdat het allemaal een beetje gek is. In het hotel zat bij het dessert een biscuitje met de tekst: 80ste verjaardag van D-Day. Overal reden legervoertuigen uit die tijd en werd in glossy herdenkingsmagazines gememoreerd hoe de Amerikaanse bevrijders de Fransen de Wrigley-kauwgom lieten ontdekken.

Er wordt iets geromantiseerd wat eigenlijk gruwelijk is. Met dat antitankkanon werden Canadese jongens op het strand aan flarden geschoten. Hun leven abrupt afgebroken en gereduceerd tot een naam op een monument. Het is zo verschrikkelijk dat automatisch de vraag opkomt waarom we niet eens ophouden met oorlog voeren. De menselijke en materiële tol is onveranderlijk enorm.

Ook voor de oorlog tussen Rusland en Oekraïne zijn het cijfers om stil van te worden, zoals onder meer bleek uit een column voor Nu.nl van defensiedeskundige Ko Colijn. Oorlogsschade voor Oekraïne: 450 miljard euro. Aantal door raketten en drones van huis en haard verdreven Oekraïners: tien miljoen. Aantal gedode, gewonde, vermiste en gevangen militairen aan Russische kant: 500 duizend, aan Oekraïense zijde 300 duizend. Stop deze ‘vleesmolen’, las ik ergens.

Aangrijpend was het verhaal in de Volkskrant van de Oekraïense Elena. Haar zoon Maks moet waarschijnlijk naar het front. Ze had hem als baby eindeloos gewiegd, zodat hij zich later in het leven geborgen zou voelen. Ze stak veel tijd in zijn scholing, zodat hij later al zijn talenten zou kunnen ontplooien. Maar nu wacht de oorlog. ‘Denk je dat ik dit ooit heb gewild? (...) Al die mannen, met al hun plannen, die naar de loopgraven moeten. Het is allemaal zo zonde.’

Over de auteur
Arie Elshout is journalist en columnist voor de Volkskrant. Eerder was hij correspondent in de VS en Brussel. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Puur verstandelijk gezien, zeg je: kap met die verspilling van levens. Vecht conflicten niet uit, praat ze uit. Maar zo werkt het niet. Ik heb een schrift vol citaten van denkers, die erop wijzen dat wij mensen niet altijd rationeel handelen en dat het tragische constant aanwezig is. Elena ervaart dat laatste nu van heel dichtbij.

Als oorlog mensen persoonlijk raakt, zien ze al gauw de waanzin ervan. Toch gaat het maar door: Oekraïne, Gaza, Soedan. Dat komt omdat er altijd iets groters speelt, hogere machten en belangen die uitstijgen boven individuele sentimenten. Er is geen Rus of Oekraïner die fluitend ten strijde trekt. Maar de Russen moeten omdat Poetin bedacht heeft dat hij de grootsheid van Rusland wil herstellen. De Oekraïners vechten omdat ze niet willen capituleren voor Poetins neo-imperialistische grillen. Een belangrijk verschil is dat de Rus vecht in een foute oorlog, de Oekraïner in een goede.

De Oekraïners betalen daarvoor wel een hoge prijs met al die doden, verminkten, ontheemden, verwoestingen. Daarom hoor je geregeld dat ze beter kunnen berusten in het verlies van een deel van hun grondgebied in ruil voor vrede. Land voor levens. Het klinkt heel rationeel, maar voor de Oekraïners laat de oorlog zich niet terugbrengen tot een simpele rekensom. Ze hebben hun waardigheid, hun vrijheidszin en hun overtuiging dat Poetin het nooit zal laten bij een vinger maar de hele hand wil. Dat is het grotere, het hogere belang dat meespeelt en dat hen alle ontberingen en beproevingen doet trotseren en doet doorvechten. Het moment van onderhandelingen zal wel een keer komen, bijvoorbeeld als een van de partijen een beslissend voordeel behaalt op het slagveld of als iedereen uitgeput raakt. Zover is het nog niet.

De Oekraïners willen niet toegeven aan het kwaad dat hen bedreigt. Net als de Britten in 1940, ook al waren er ook onder hen lieden die aan het rekenen waren (wij behouden ons wereldrijk, de Duitsers mogen Europa). Het Britse volk tuinde er niet in, ging de strijd aan, bracht zware offers en liet samen met de bondgenoten het goede overwinnen. Ter herinnering daaraan, mocht ik best even genieten die middag in Normandië. Hopend ook op eenzelfde afloop voor Oekraïne.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next