Het gaat Lorena Wiebes te ver om te zeggen dat ze zaterdag haar seizoen redde door Europees kampioene te worden. Maar na drie grote teleurstellingen in 2024 was de sprintzege bij de EK zeer welkom voor de 25-jarige renster.
De oerkreet op de finish overstemt heel even de luide muziek op de Koning Boudewijnlaan in Hasselt. Wiebes zwaait na 162 kilometer koersen door Vlaams Limburg haar armen de lucht in en slaat vervolgens met haar beide vuisten op de borst.
"Als Lorena een overwinning zó uitbundig viert, dan weet je dat het diep zat", zegt ploeggenote en titelverdedigster Mischa Bredewold na de EK-wegrit. "Lorena is geen pieperd, ze klaagt niet zo snel. Maar natuurlijk zag je wel dat ze ervan baalde dat het dit jaar niet lukte op de belangrijkste momenten. Daarom gun ik het haar heel erg dat het nu eindelijk wél goed gaat."
Wiebes is dit seizoen met negentien zeges statistisch gezien de succesvolste renster van het peloton, een eretitel die ze in 2021 en 2022 ook al mocht dragen. Toch voelde het voor de Nederlandse tot zaterdag niet als een geslaagd jaar. Want op de momenten dat ze het liefst wilde winnen, lukte het steeds niet.
In april juichte Wiebes te vroeg in de Amstel Gold Race, waardoor ze tweede werd in de Limburgse klassieker. Vorige maand begon de topsprintster als de Nederlandse kopvrouw in de olympische wegrit in Parijs, maar ze werd slechts elfde. En een week later miste ze een grote kans op de eerste gele trui in de Tour de France Femmes door een kettingprobleem vlak voor de massasprint in Den Haag.
Het lijstje teleurstellingen verklaart de grote blijheid van Wiebes in Hasselt. "Ik wil niet zeggen dat deze titel mijn seizoen heeft gered, want ik heb al genoeg andere wedstrijden gewonnen", zegt de tweevoudig Europees kampioene na de podiumceremonie. "Maar het is wel heel mooi dat één groot doel dit jaar nog lukt. Want dat miste nog. Vandaar de extra ontlading op de streep."
De tactiek van de Nederlandse ploeg was zaterdag vanaf de eerste kilometer duidelijk: Wiebes was plan A, plan B en plan C. De andere zeven vrouwen in het oranje - Bredewold, Loes Adegeest, Thalita de Jong, Amber Kraak, Riejanne Markus, Karlijn Swinkels en Ellen van Dijk - redenvolledig in dienst van de enige kopvrouw.
Het werd zo een weinig opwindende koers op het overwegend vlakke parcours in Vlaams Limburg. Het sterke Nederlandse team controleerde, waardoor aanvallers kansloos waren en een massasprint onvermijdelijk was.
"Het was redelijk saai", zegt Wiebes lachend. "Ik was blij dat er nog een paar kasseistroken en klimmetje waren. Dat maakte het nog wat leuker."
Voor Wiebes en haar ploeggenotes was een saaie koers alleen maar goed nieuws. "Het was demotiverend voor de concurrentie dat er steeds acht meiden van Nederland voorin zaten", vertelt Swinkels.
"Dat maakte het een gunstige wedstrijd voor ons. Er is geen één gevaarlijke ontsnapping geweest. We hebben nooit de optie besproken dat we zelf veel zouden aanvallen. Als je een sprinter als Lorena in huis hebt, hoef je niet heel agressief te koersen."
In de finale op het plaatselijke circuit in Hasselt reed Nederland nog steeds met de voltallige ploeg op kop van het peloton. "Toen ik dat zag, voelde ik de druk wel toenemen", zegt Wiebes. "Ik dacht: ik moet het nu wel echt afmaken."
Deze keer lukte dat ook, op zeer overtuigende wijze. Wiebes had op de streep meerdere fietslengtes voorsprong op de Italiaanse oud-wereldkampioene Elisa Balsamo, die tweede werd.
"Ik heb de afgelopen weken altijd vertrouwen gehouden in mijn sprint, ondanks de teleurstellingen", vertelt Wiebes. "In een trainingswedstrijdje klopte ik de mannen die daar meededen, dus dat gaf me een goed gevoel. En nu mag ik weer een jaar in de Europese kampioenstrui rijden. Dat is toch wel heel speciaal."
Source: Nu.nl sport