Op de Paralympische Spelen in Parijs zijn zaterdag weer flink wat Nederlanders in actie gekomen. Dit keer leverde dat met name in het atletiekstadion succes op en dan heel specifiek bij het verspringen, waar maar liefst vier medailles veroverd werden.
AtletiekHet verspringen leverde flink wat Nederlands succes op in de klasses waar grotendeels met blades gesprongen wordt. Joël de Jong was bij de mannen de beste en met 7,68 meter sprong de vicewereldkampioen zelfs een centimeter verder dan zijn eigen wereldrecord. De Deen Daniel Wagner werd met 7,39 meter tweede en ook brons was voor Nederland dankzij de 7,01 meter van Noah Mbuyamba.
Ook bij de vrouwen ging het bijzonder goed, aangevoerd door topfavoriete Fleur Jong, regerend kampioene en ook regerend tweevoudig wereldkampioene. Met 6,53 meter was ze een klasse apart en verpulverde ze haar eigen paralympische record. Na brons op de vorige twee Spelen was er nu zilver voor Marlene van Gansewinkel met 5,87 meter, voor de 5,38 meter van de prachtig zijwaarts springende Amerikaanse Beatriz Hatz. Die voorkwam wel nét een Nederlandse sweep: Kiki Hendriks werd met 5,35 meter vierde.
Op de 200 meter in de klasse T36 kwam Cheyenne Bouthoorn in actie. De Nederlandse, geboren met een hersenaandoening, werd in haar serie vijfde in 31,43 seconden en wist zich daarmee niet voor de finale te plaatsen.
ZwemmenNiet al te veel Nederlandse actie in het zwembad, met één finaleplaats: Liesette Bruinsma werd op de 50 meter vrije slag in de klasse S11, voor visueel beperkte atleten, met 30,66 seconden zesde in de finale van de afstand waarop ze in Rio de Janeiro brons pakte.
Bij de mannen kwam Rogier Dorsman in de series tot de negende tijd met 27,18 seconden. Die tijd moest hij delen met de Portugees Marco Meneses, waardoor een swim-off gehouden moest worden om te bepalen wie eerste reserve zou worden. Dorsman won die wedstrijd in een beduidend betere 26,31 seconden, wat in de series zuur genoeg de tweede tijd geweest zou zijn, maar kwam in de finale niet in actie.
BaanwielrennenOp de baan kwamen Martin van de Pol en Daniel Abraham Gebru in de actie op de individuele achtervolging in de klasse C5, de wielerklasse voor de - uiteraard relatief - minst zware beperkingen. De strijd om de medailles zat er echter niet in: Van de Pol, die tien jaar geleden bij een schaatsmarathon een zeer zware blessure opliep en zo parasporter werd, noteerde in 4:22,506 minuten de zesde tijd, wegspecialist Abraham - in Eritrea geboren met een afwijking aan zijn been - werd met 4:24,280 minuten achtste.
RolstoeltennisIn het vrouwenenkelspel kwamen vier Nederlandse speelsters in actie, te beginnen met de absolute topfavoriete, de al jaren dominante Diede de Groot. Zij had het niet moeilijk: de Duitse Katharina Kruger werd met 6-1, 6-0 aan de kant geschoven. Aniek van Koot won zonder noemenswaardige problemen van de Zwitserse Nalani Buob: 6-2, 6-3.
Minder goed ging het voor de twee andere speelsters, Lizzy de Greef en Jinte Bos, die beiden van een Chinese speelster verloren. De Greef ging met 1-6, 6-1, 2-6 onderuit tegen Zhu Zhenzhen, Bos verloor met 1-6, 2-6 van Wang Ziying.
In de quads bij de mannen was Niels Vink zoals wel te verwachten viel een flinke maat te groot voor de Zuid-Afrikaan Lucas Sithole: 6-0, 6-2.
RolstoelbasketbalDe Nederlandse mannen speelden tegen de VS, nadat ze hun openingswedstrijd tegen Australië wonnen. De Amerikaanse ploeg, tweevoudig regerend kampioen, was echter andere koek: een 4-17 eerste kwart en een 2-17 laatste kwart waren teveel, Nederland verloor met 34-60 en speelt zondagavond de laatste groepswedstrijd tegen Spanje.
De vrouwen speelden óók tegen de VS, de kampioen van 2004, 2008 en 2016. In Tokyo volgde Nederland de ploeg op als kampioenen en ook in Parijs was Nederland de bovenliggende partij: een 17-12 tweede en 18-12 derde kwart gaf de doorslag op weg naar een 69-56 zege, waarbij Mariska Beijer goed was voor maar liefst 34 punten.
BocciaChantal van Engelen speelde in de BC2-klasse in de kwartfinales tegen Jeong So-yeong, die in Londen al goed was voor paralympisch brons. In het derde end sloeg de Zuid-Koreaanse toe en dat leverde haar de winst op: 3-4, dus Van Engelen mag zich richten op het gemengde toernooi met Marco Dekker.
RoeienEsther van der Loos en Corné de Koning kwamen in de gemengde dubbel-twee in actie in de herkansingen, maar wisten de grote finale niet te bereiken: een top-2-klassering was nodig en Nederland eindigde achter Frankrijk en Oekraïne op de derde plek
Source: Fok frontpage