Een op de drie Nederlanders is mantelzorger. Deze mensen zorgen voor een naaste, zoals een partner, vriend of familielid. Dat kan behoorlijk wat druk op een carrière zetten. "Mantelzorgen heeft steeds meer impact op andere aspecten van het leven, zoals werk."
De samenleving vergrijst al jaren. Daardoor zijn steeds meer mensen mantelzorger. "Zeker nu steeds meer professionele zorg wordt vervangen door mantelzorg", zegt Klara Raiber, onderzoeker aan de Radboud Universiteit.
Zorgen voor iemand met wie je een persoonlijke relatie hebt, heeft invloed op je hele leven. "Op hobby's en het sociale leven, maar ook vooral op werk", zegt Tara Knegt, onderzoeker informele zorg bij kennisinstituut Movisie.
"Veel mensen kunnen zorg en andere aspecten van het leven goed combineren. Maar als het om intensieve zorg gaat, kan die balans verstoord worden. Dan is vooral werk vaak een moeilijke factor. Een hobby is bijvoorbeeld een stuk flexibeler dan een baan."
Een goede balans tussen werk en de zorg voor een naaste is voor relatief veel mantelzorgers lastig. "Een gedeelte van de mantelzorgers past dan het werk aan. Je ziet dat sommige mantelzorgers minder gaan werken en sommige zelfs tijdelijk stoppen met werken", zegt Raiber, die onderzoek deed naar de invloed van mantelzorg op werk. Andere verzorgers wisselen van baan of worden zzp'er, zodat ze hun werkweek flexibeler kunnen indelen.
De zorg voor iemand in je omgeving heeft volgens de onderzoeker vaak geen positief effect op je carrière. Mantelzorgers hebben niet alleen gemiddeld een lager uurloon, hun loon stijgt ook minder hard door de jaren heen.
Dat kan komen doordat sommige mantelzorgers een tijdje niet of minder werken, maar volgens Raiber heeft het in veel gevallen nog een andere reden. "Sommige werkgevers hebben het idee dat mensen die naast hun werk zorg verlenen minder productief zijn. Dat kan ervoor zorgen dat die mensen minder snel een promotie krijgen dan hun collega's."
Vooral vrouwen die voor een familielid of vriend zorgen, zien hun salaris minder snel stijgen. "Mannen krijgen soms zelfs een hoger salaris tijdens of na een zorgperiode", zegt Raiber. Hoe dat komt, weet de onderzoeker niet precies. Het zou kunnen komen doordat mantelzorgende mannen vaak worden gezien als empathisch. "Dat is een eigenschap die bij mannen vaak zeer wordt gewaardeerd door werkgevers, terwijl het bij vrouwen als vanzelfsprekend wordt gezien dat zij empathisch zijn."
Minder verdienen kan bij mantelzorgers tot meer stress leiden. "De cijfers vertellen ons dat mantelzorgers een groter risico lopen om in de schulden te komen of financiële problemen te krijgen", zegt Knegt.
"Mensen gaan vaak minder werken en minder verdienen. Maar bij het zorgen voor een naaste komen vaak juist extra kosten kijken. Denk aan parkeerkosten. En ook de reiskosten kunnen best oplopen, door ziekenhuisbezoeken. Of het voorschieten van geld voor medicatie, dat soort dingen."
Daar moet iets aan veranderen, vindt Raiber. Er moet meer steun worden geboden aan mantelzorgers, zeker nu de samenleving vergrijst en er de komende jaren steeds meer mantelzorgers bij zullen komen. "De overheid moet blijven investeren in professionele zorg", zegt Raiber.
Dat zorgt voor meer lucht voor de mantelzorger, als die ziek is of op vakantie gaat. Op dit moment is er dan geen alternatief voor zorg. Gezien het huidige personeelstekort hoeft professionele hulp ook niet duurder te zijn dan mantelzorg, denkt Raiber. "Want als je bekijkt hoeveel minder tijd een mantelzorger werkt, kost ook dat de samenleving geld."
Daarnaast ligt er ook een taak voor de werkgevers, vindt Knegt. Zij kunnen hun werknemers beter informeren over hun rechten en plichten als mantelzorger. "Voor een mantelzorger is het heel fijn als een werkgever hier transparant over is."
Er zijn mantelzorgers die het heel moeilijk vinden om aan te geven dat de zorgvraag intensief is. Volgens Knegt voelt het voor hen alsof ze tegen hun werkgever moeten zeggen dat ze de combinatie zorg en werk niet aankunnen. "Als de werkgever duidelijker is over waar je aan toe bent als mantelzorger, zou dat al heel wat schelen."
Source: Nu.nl economisch