In de sport maakt het in principe niet uit of je met een of tien centimeter verschil verliest, met vier minuten of vier seconden. Alleen stijgt het dramatisch effect omgekeerd evenredig met het verschil. Had ze de Tour zondag met vier minuten verloren, dan zou Demi Vollering niet wanhopig huilend op de voorpagina van het AD hebben gestaan met de tekst: ‘Vier seconden… Drama in de Tour de France Femmes’.
Sportjournalisten zijn gek op tranen: tranen geven de wedstrijd perspectief en wekken emoties bij de kijkers. Tranen zijn heel goed voor de kijkcijfers. Van een drama was zondag overigens geen sprake, dat zou het geval zijn geweest wanneer Vollering van de Glandon was gestort en een been had gebroken. Zoals meestal was de wedstrijd wat emoties betreft mooi in balans: winnares Katarzyna Niewiadoma huilde minstens even hard als Vollering – misschien nog wel harder, want ze won nogal onverwacht en zo vaak zegeviert ze niet.
De gedachten gingen onvermijdelijk terug naar 23 juli 1989 en de vermaarde 8 seconden verschil tussen Greg Lemond en Laurent Fignon in het eindklassement van de Tour de France. Hoe die Fignon destijds jankte! De vrouwen maakten er 35 jaar later een dolle boel van en halveerden het record kleinste verschil ooit. Eén seconde was trouwens nog mooier geweest, de Tour verliezen op een tel, onmenselijk wreed maar ook schitterend en goed voor een tsunami van tranen.
In alle euforie rond de zinderende ontknoping werden een paar vragen over het hoofd gezien. Dat kwam omdat Roxane ‘Rox’ Knetemann door de NOS lijkt te zijn ingehuurd voor de promotie van het vrouwenwielrennen en per definitie geen vervelende vragen stelt. De verslaggeving doet ze erbij. Haar collega Andries Lamain ging ook niet echt diep in op het koersverloop. Demi Vollering had gedaan wat ze kon, het was vrouw tegen vrouw en meer zat er echt niet in. Dat was jammer, want ik wilde graag weten hoe de Tourzege nou precies tot stand was gekomen. Tranen oké, maar daarna wil ik de feiten.
Het vrouwenwielrennen ging lang gebukt onder een minderwaardigheidscomplex ten opzichte van de mannensport. Daar komt nu langzaam maar zeker verandering in: de ploegbudgetten stijgen, de sport wordt ook tactisch volwassen en – het belangrijkste voor elke commerciële sportdiscipline – de belangstelling van de media neemt toe en de koersen worden boeiender.
Nu alleen de journalistieke benadering nog. Niemand vroeg waarom Vollering met zo’n belabberd tactisch plan op pad was gestuurd – te vroeg aangevallen, geen enkele steun van haar ploeg. Niemand vroeg waarom Lucinda Brand opeens in dienst van Niewiadoma keihard op kop ging rijden – terwijl ze toch in een andere ploeg zit. En Pauliena Rooijakkers, hoe was die uit het niets opeens op het podium terechtgekomen?
Waarom zo kort, eigenlijk, de Tour? Demi is nog maar net lekker op gang gekomen of de koers is alweer voorbij. Het is geen feuilleton als de mannen-Tour, maar een kort verhaal met acht hoofdstukken: de Tour de France Femmes moet zo snel mogelijk een wedstrijd van twee weken worden – nu is het meer Parijs-Nice.
‘Andries’, vroeg ‘Rox’ nog helemaal euforisch na afloop aan haar co-commentator, ‘waarom zou je eigenlijk naar Pogacar gaan kijken als je het vrouwenwielrennen kunt zien?’ Andries wist het niet. Of hij wist het wel, maar zei het niet.
Over de auteur
Bert Wagendorp is voormalig sportverslaggever van de Volkskrant, oprichter van wielertijdschrift De Muur en auteur van wielerroman Ventoux. Hij schrijft wekelijks een sportcolumn. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns