Eigenlijk is het onbegrijpelijk dat er in dit land zo’n behoefte is aan een frisse wind, want zelfs halverwege augustus beukt die continu op ons in. En daarom zat ik binnen, gekluisterd aan mijn telefoon, en werd het zo’n dag waarop mijn gemoed met iedere duimbeweging omhoog weer wat verder omlaag zakte.
Bosbrandseizoen teistert Griekenland, las ik op de nieuwsapp. WHO roept wereldwijde noodtoestand uit voor nieuwe variant apenpokken. Hongersnood dreigt voor miljoenen in Zuid-Soedan wegens een schrijnend tekort aan internationale donaties. VN-mensenrechtenrapporteur noemt Gaza ‘het grootste en schandaligste concentratiekamp van de 21ste eeuw’.
Weg hier, andere app. ‘Wat is die Jarl van der Ploeg een vies, ophitsend, regressief links, fascistisch mannetje en de Volkskrant toch een smerig vodje’, aldus een anonieme twitteraar. Ik scrolde verder en zag een minister melden dat er ‘keihard gewerkt’ wordt om overlast van asielzoekers ‘keihard’ aan te pakken. Haar baas voegde toe dat Nederland ‘inmiddels propvol’ zit.
Over de auteur
Jarl van der Ploeg is journalist en columnist voor de Volkskrant. Hij werkte eerder als correspondent in Italië. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Een keer in de zoveel tijd, ik vermoed dat het een cyclus van zes à zeven weken betreft, word ik overvallen door serieuze vlagen van onverschilligheid. Ik weet niet of het een geregistreerde aandoening is, maar het bedrukte gevoel dat ermee gepaard gaat, komt vrijwel altijd opzetten na een overvloedige inname van ellendig nieuws over bijvoorbeeld op drift geraakte vluchtelingen die in Tunesië worden gezandstraald door de woestijn.
De symptomen zijn dat ik niets meer te maken wil hebben met wat dan ook en om de haverklap uitkraam dat het me allemaal geen klap meer interesseert. Toen ik nog Italië-correspondent was, kon ik redelijk met dat defect omgaan. Dan loog ik bijvoorbeeld tegen mijn chef dat die lokale verkiezingen heus niet zo belangrijk waren en maakte ik een verhaal over het wereldkampioenschap tiramisu.
Als columnist is mijn aandoening helaas wat lastiger te negeren. Gelukkig verscheen deze week, exact op het juiste moment, een geweldige reportage van Malou Hart over paddenbeschermer Roek Vermeulen. Dat is iemand die zich grote zorgen maakt over de bijna een miljoen kikkers en padden die jaarlijks in straatputten vallen en daar sterven. Daarom trekt Vermeulen zo vaak als mogelijk de straat op om te helpen. Bij het zien van een kikker in de penarie, zijgt die door de knieën, zegt: ‘kom maar, schatje’, en helpt het beest weer uit de put.
Door deze onvermoeibare inzet, en die van de plusminus honderdvijftig paddenwerkgroepen die Nederland blijkbaar rijk is, worden er op die manier duizenden beesten per jaar gered. Ook hun buren veranderen langzaamaan hun gedrag, al is het maar door hun auto wat verder van de put te parkeren, zodat de paddenbeschermers er beter bij kunnen.
Een maand na de Hamas-aanslag zei de Israelische schrijver Etgar Keret in een interview met Michael Persson: ‘Het gaat er niet om vlaggetjes in je Facebookprofiel te zetten of petities te tekenen. De enige manier om de binaire wereld te bestrijden is niet door iets te roepen, maar door te bestaan in de openbare ruimte. Pragmatisme, kleine dingen doen en kleine oplossingen bedenken, is het enige wat we nu kunnen doen.’
Ik weet dat Keret daarmee doelde op de oorlog in Gaza, maar volgens mij is zijn oproep veel breder toepasbaar. Want soms moet je, of je nu een door het gal overgenomen twitteraar bent of een moedeloze nieuwsconsument, gewoon even je telefoon wegleggen en in de echte wereld iets vriendelijks doen. Meestal keert de verschilligheid dan vanzelf weer terug.
In een eerdere versie van deze column stond dat Roek Vermeulen een man is. Vermeulen identificeert zich echter als non-binair. De tekst is daarop aangepast.
Source: Volkskrant columns