Koeien houden niet van hardrock. Haar zoon zette dat wel eens op tijdens het melken en de koeien werden er héél onrustig van. Zwaar klassieke muziek – Mozart, Bach – vinden ze ook niet prettig trouwens. Maakt ze weemoedig. Licht klassiek – denk aan André Rieu – en popmuziek, dát ontspant ze tijdens het melken. De liefde van de boerin en bed & breakfast-houder voor de koeien is bijna tastbaar in de verbouwde stal die tegenwoordig dienst doet als ontbijtruimte voor gasten.
We zijn net op de fiets gearriveerd op de boerderij bij Nijverdal in Twente en drinken een kopje thee. Ik weet niks over koeien. Over hun intelligentie. Maakt de boerin een hek dicht met een touw, dan kijken drie ‘dames’ over haar schouder mee; ze heeft zich nog niet omgedraaid of het hek is alweer ‘los’. Ze zou graag een cursus doen om koeienfluisteraar te worden.
Over de auteur
Christine Otten is schrijver en gastcolumnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
‘Je kunt tegenwoordig beter koe zijn dan mens’, zegt ze. ‘Als een kalfje ziek is, staat er binnen tien minuten een veearts op het erf. Bel je de huisarts, dan mag je blij zijn als je überhaupt een afspraak krijgt.’ Ze is niet cynisch, eerder realistisch. De bed & breakfast begon ze nadat ze was gestopt in de zorg. ‘Ik ben iemand die aan het bed wil staan. Door alle administratie zat ik vooral op kantoor.’
Haar schoonouders woonden op het erf. ‘We zorgen voor elkaar.’ Tot opa stierf en oma niet meer alleen kon wonen. Opa was trouwens een heel vooruitstrevend man die haar steunde in haar eigen loopbaan. Stemde PvdA, zegt ze bijna verontschuldigend, want dit is een conservatieve en (streng) religieuze streek.
Deze ontmoeting drukt me weer eens met mijn neus op mijn eigen beperkte stadse perspectief. En ik moet denken aan een artikel in het NRC Handelsblad dat ik onlangs las, over ‘hoe de moraliteit uit het kapitalisme verdween en iedereen een calculerende consument werd’. Oftewel hoe de samenleving zich vormde naar de neoliberale economische regels die de afgelopen veertig jaar dominant waren en burgers zich steeds meer gingen gedragen als berekenende klanten die vooral aan zichzelf denken.
Want winnen is je eigen verdienste, falen ook. Dat zorgt voor stress en onrust bij burgers: maak ik de juiste keuze? Denk aan al die mensen met burn-outklachten. Niet dat ik de boerin als een ‘calculerende consument’ beschouw. Integendeel. Haar levensvisie ademt vooral gemeenschapszin, zorg voor elkaar, voor mens én dier.
Haar toon verraadt teleurstelling over de teloorgang van die waarden. Je kunt beter een koe zijn. Het feit dat ze haar persoonlijke verhalen en zorgen deelt, duidt op vertrouwen, hoop.
In het NRC-artikel wordt niet alleen beschreven hoe een wereld waarin winst domineert, het kapitaal zich in steeds minder handen concentreert en competitie en consumptie religie is geworden wat het voelen en gedrag van burgers diepgaand heeft beïnvloed. De vraag wordt ook gesteld ook hoe we dit kunnen veranderen, want de grenzen van het kapitalisme zijn duidelijk bereikt, zie de klimaatverandering en sociale ongelijkheid.
Gevraagd naar het belangrijkste in hun leven, zullen de meeste mensen niet status of geld noemen, maar sociale relaties en gezondheid. Dat is de spagaat waarin we ons lijken te bevinden. We willen wel anders, maar we weten niet hóé. Bij de politiek hoef je momenteel niet te zijn voor opbeurende vergezichten. Maar waar dan wel?
Het is goed je te realiseren dat het hyperindividualisme niet altijd de norm was. Voor het kapitalisme had je commons, gemeengoed of stukken grond waar gemeenschappen rechten en plichten hadden en gemeenschappelijk in hun basisbehoeften konden voorzien. Veel handel ging via ruilen.
Zonder terug in de tijd te willen, is het interessant om commons te bestuderen. Want zijn de zevenhonderd energiecoöperaties van burgers in ons land niet ergens hetzelfde? Net als de gemeenschappelijke voedselbossen, moestuinen, zorg- en andere coöperaties, waarin burgers op basis van gelijkwaardigheid samenwerken.
Wat in het klein kan, kan ook in het groot, las ik in het artikel. Als een kwart of de helft van een groep mensen achter een verandering staat, zal de rest uiteindelijk volgen. Hoewel ik niet naïef ben over de destructieve overlevingskracht van het kapitalisme, kies ik voor hoop. Net als de boerin.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns