Home

Koeien en windmolens in Denemarken

Denemarken wordt waarschijnlijk het eerste land ter wereld dat de uitstoot van broeikasgassen in de landbouw gaat belasten. De introductie van deze 'koeientaks' past in de geschiedenis van het land als klimaatpionier.

De nieuwe belasting wordt in 2030 ingevoerd en zal met name melkveehouders raken. Koeien stoten namelijk veel methaan uit - een sterk broeikasgas. Per koe gaan veehouders straks ruim 100 euro per jaar betalen. Volgens de huidige planning is dat bedrag in 2035 opgelopen tot ruim het dubbele.

Zo'n belasting is een stap die door wetenschappers wordt aangeraden voor heel Europa, omdat de landbouw nu een van de weinige sectoren is waarin de klimaatimpact nog helemaal niet wordt belast. Toch komt zo'n taks vooralsnog nergens van de grond - behalve dus in Denemarken, het land dat een paar jaar geleden door de Franse denktank IFRI al een "leider en rolmodel" in de wereldwijde klimaattransitie werd genoemd.

"Je kan niet ontkennen dat het een baanbrekende stap is om als eerste land ter wereld een broeikasgasbelasting op de landbouw in te voeren", zegt Mikael Skou Andersen, hoogleraar milieubeleid aan de universiteit van Aarhus. Toch moeten we volgens hem het belang van deze stap niet overdrijven.

"De belasting wordt pas in 2030 van kracht, en met een laag tarief", zegt hij tegen NU.nl. "Wat mij betreft gaat het te langzaam en te bescheiden. Om de transitie te versnellen, moet die meer pijn doen."

Een voorzichtig begin dus, maar Denemarken bevindt zich wel opnieuw in de voorhoede op klimaatvlak. Je zou kunnen zeggen dat het die rol al vertolkte aan het einde van de negentiende eeuw, toen de Deense wetenschapper Poul la Cour voor het eerst windmolens ontwierp die elektriciteit konden opwekken.

Zijn inzichten kwamen vele decennia later goed van pas, toen de Deense overheid vanaf het einde van de jaren tachtig de grootschalige opwekking van windenergie ging stimuleren. Inmiddels komt meer dan de helft van alle Deense elektriciteit uit de wind en zijn windturbines een belangrijk exportproduct geworden voor het land.

In 1992 werd Denemarken een van de eerste landen met een CO2-belasting op het gebruik van kolen, olie en gas. Het moest helpen bij de poging om de CO2-uitstoot met 20 procent te verminderen tussen 1988 en 2005. Dat doel werd overigens niet gehaald.

Inmiddels is de uitstoot van broeikasgassen in Denemarken wél flink aan het dalen, mede dankzij de sterke groei van windenergie en de verduurzaming van de vele warmtenetten die het land al heeft. Die zorgen ervoor dat nog maar weinig huizen met individuele cv-ketels worden verwarmd.

De uitstoot is ongeveer gehalveerd sinds 1990, en Denemarken mikt op een reductie van 70 procent in 2030. Daarmee liggen de ambities aanzienlijk hoger dan in Nederland, dat gaat voor -55 procent in 2030 en in het afgelopen jaar 34 procent minder uitstootte dan in 1990.

De Deense klimaatambities zijn ook weinig controversieel. Het wettelijke klimaatdoel voor 2030 werd door bijna het voltallige parlement gesteund, en de nieuwe landbouwtaks heeft de steun van zowel natuurgroepen als de belangrijkste lobbyorganisatie voor boeren.

Dat komt niet doordat Denen een andere mening hebben over klimaatverandering, zegt Andersen. "Uit peilingen blijkt niet dat de Deense bevolking zich daar meer zorgen over maakt dan anderen in Europa", zegt hij. "Mijn verklaring is dat het te maken heeft met het politieke systeem."

Net als Nederland kent Denemarken veel verschillende politieke partijen, die in coalities samenwerken. Maar in Denemarken worden vaak minderheidskabinetten gevormd, waardoor regeringen bij oppositiepartijen op zoek moeten naar steun. Het heeft ervoor gezorgd dat groene partijen relatief veel invloed hebben kunnen uitoefenen op het Deense klimaatbeleid, zegt Andersen.

Ook zijn Denen en andere Scandinaviërs over het algemeen minder negatief over belastingen, ziet de hoogleraar. Daardoor verliep de invoering van CO2-belastingen begin jaren negentig al vrij soepel in de Scandinavische landen, terwijl een geplande EU-brede heffing werd geschrapt.

Andersen vindt dat we de koplopersrol van Denemarken niet moeten overdrijven. Ook in Denemarken is de afgelopen jaren een politieke verschuiving naar (radicaal-)rechts zichtbaar. Die partijen hebben weinig op met klimaatbeleid. Een koerswijziging zou dus op de loer kunnen liggen.

Eigenlijk zou Nieuw-Zeeland het eerste land met een belasting op broeikasgassen uit de landbouw worden. Maar het plan werd daar van tafel geveegd nadat centrumrechtse partijen de verkiezingen hadden gewonnen. "Dat zou hier ook nog kunnen gebeuren", denkt Andersen.

Source: Nu.nl economisch

Previous

Next