Home

Olympics

De eerste Nederlandse sporters hebben hun intrek genomen in het olympisch dorp in Parijs. Een deel van de handboogschuttersploeg arriveerde donderdag als eerste. De hockeyers vertrekken zaterdag per bus naar de Franse hoofdstad, waar de Olympische Spelen op 26 juli beginnen.

Handboogschutters Quinty Roeffen, Gaby Schloesser en Laura van der Winkel hebben vrijdag al getraind op de boogschietbaan in Parijs.

Op zondag pakken een aantal sporters vanuit Rotterdam de trein naar Parijs. Het gaat om de turners, turnsters, skateboarders en handboogschutter Steve Wijler. De handbalsters gaan zondag per bus naar Parijs, waarna de hockeysters op maandag eveneens per bus vertrekken.

Voor de handbalsters en de handboogschutters begint het olympisch toernooi al vóór de openingsceremonie op 26 juli. De handbalploeg speelt op 25 juli een groepswedstrijd tegen Angola. De vrouwelijke handboogschutters komen dan al in actie in de kwalificaties.

Voor de turnploeg staan er op woensdag 24 juli en donderdag 25 juli podiumtrainingen op het programma. Zo kunnen de turners alvast kennismaken met de toestellen in de Bercy Arena, in het oosten van Parijs.

Handboogschieten

Het olympisch dorp is 52 hectare groot en beslaat delen van het grondgebied van Saint-Denis, Saint-Ouen en l'île Saint-Denis. Het gebouw voor de Nederlanders is gehuld in rood-wit-blauwe en oranje spandoeken met daarop de tekst 'TeamNL'.

Na de Spelen wordt het olympisch dorp getransformeerd tot een milieuvriendelijke wijk voor 6.000 inwoners met twee scholen, een hotel, een openbaar park, winkels en kantoren.

Niet alle Nederlandse sporters verblijven overigens in het complex. Onder anderen de roeiers en wielrenners hebben gekozen voor een alternatieve locatie.

Naast de wielrenners en roeiers maakt ook beachvolleyballer Steven van de Velde gebruik van alternatief verblijf. Wegens ophef over een oude zedenzaak is er op verzoek van de sporter een andere accommodatie voor hem geregeld.

Olympics

Parijs 2024

Source: Nu.nl sport

Previous

Next