Home

Agema’s tweet deed me beseffen: pogingen tot een open debat, met islamkritiek, zijn verzopen in de drek

Ik wist meteen waar nieuwbakken minister Agema naar verwees, toen RTL Nieuws haar vroeg hoe zij kijkt naar ambtenaren met hoofddoek. ‘Ik denk daar hetzelfde over als burgemeester Halsema’, zei ze. Samenwerking zou het niet in de weg staan, maar dat vrouwen een hoofddoek dragen, noemde Agema ‘heel erg jammer’. ‘Omdat ik hoop dat iedereen die afzet en echt vrij is.’

Dit ging over een interview dat ik vijftien jaar geleden hield met Halsema, toen leider van GroenLinks. En waarin die toch echt een heel andere opvatting gaf dan Agema en de PVV aanhangen.

Behalve Agema zei ook collega-PVV-minister Faber dat ze ‘niet van de hoofddoek was’. Die ‘zette tegen de kou liever een muts op’. In het debat over de regeringsverklaring wilden leden van de oppositie weten of premier Schoof de twee op hun uitlatingen had aangesproken. Timmermans van GroenLinks-PvdA wees erop dat Faber ook nog een tweet had verspreid waarin zijn fractiegenoot Esmah Lahlah ‘het hoofddoekje van GroenLinks-PvdA’ werd genoemd.

Het kabinet sloot niemand uit, zei Schoof. ‘Met of zonder hoofddoekje. Dat is de lijn en geen andere. Eenheid van kabinetsbeleid.’ Een paar pijnlijke momenten later zou blijken wat die voorstelde.

Over de auteur
Kustaw Bessems is columnist van de Volkskrant en host van de podcast Stuurloos. Hij heeft een bijzondere belangstelling voor openbaar bestuur. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Nadat het debat zich ongevraagd steeds meer toespitste op de persoon Lahlah, kwam die naar voren en beklemtoonde ze dat haar hoofddoek een uitdrukking is van haar geloof én van haar zelfbeschikking, en dat ze die net als vele vrouwen draagt op grond van ‘een bewuste en vrije keuze’. Ze stak ‘al die meiden die een hoofddoek dragen en zich geraakt voelen’ een hart onder de riem. En uitgerekend burgemeester Halsema deelde deze hartenkreet van Lahlah instemmend op Instagram.

Tóén, moet Agema hebben gedacht, had ze beet. Agema, vicepremier, twitterde vanuit de Kamer, zittend naast de premier, een kopie van een vijftien jaar oud krantenknipsel met als kop ‘Halsema: slinger de hoofddoek af’. Het debat moest geschorst, het kabinet ging in crisisoverleg en ik las intussen het knipsel. Een nieuwsstukje bij een groter interview, waarin meteen opvalt dat Halsema het recht verdedigde om overal een hoofddoek te dragen, tot bij de politie aan toe. ‘Maar’, zei ze, ‘ik kan niet wachten tot vrouwen in vrijheid hun hoofddoek afslingeren. Ik geloof niet dat welke God dan ook kledingvoorschriften stelt. Dat zijn mannen die het geloof uitleggen.’

In het volledige interview is Halsema nog genuanceerder. We bespraken de noodzaak om als linkse partij de orthodoxe islam te bekritiseren en ik drong aan, over die hoofddoek. Ik schreef destijds al jaren over de multiculturele samenleving, óók over schaduwkanten, zoals de achterstelling van vrouwen en eergerelateerd geweld.

Tegen de hoofddoek had Halsema ‘geen enkel bezwaar, zolang die in vrijheid wordt opgedaan’. Ze zei: ‘Je dwingt vrouwenemancipatie niet van bovenop af.’ Maar ze zag wel vrouwen die ‘weinig houvast hebben aan opleiding en werk, angstig zijn voor onze samenleving en daarbij heel bevattelijk worden voor wat de – vaak heel conservatieve – imam vindt.’

Even wat context: dit waren de jaren dat de PVV pleitte voor een ‘kopvoddentaks’. Nog steeds wil de PVV een hoofddoekverbod in overheidsgebouwen. En recentelijk maakte Wilders een Kamerlid met hoofddoek uit voor IS-terrorist.

Halsema kreeg op het interview kritiek uit eigen kring, maar bond niet in. Niet lang daarna betoogde ze in een lezing dat de overheid het recht om te geloven actief moet beschermen, maar ook dat ze godsdienstvrijheid als individueel recht zag en dat ze zich verzette tegen gewetensdwang. Ze verklaarde zich solidair met een meisje van 13 dat haar eigen keuzes moet kunnen maken. ‘Als haar ouders haar dwingen om thuis te blijven en af te zien van een carrière, kunnen zij op mijn harde kritiek rekenen. Als Geert Wilders en de zijnen haar willen verbieden een hoofddoekje te dragen, dan is mijn kritiek even hard.’

Halsema en ik hebben niet vaak contact, maar tijdens het debat appte ze me. ‘Toch zou ik de uitspraak niet meer herhalen’, schreef ze. ‘Daarvoor worden moslimvrouwen al veel te veel gestigmatiseerd. Destijds wilde ik de religiekritiek ook bij links mogelijk maken. Maar je werd meteen misbruikt door de PVV c.s. Zelfs nu nog.’ Ze denkt er niet anders over dan in de lezing. ‘Zo hadden we het debat moeten voeren. Maar daar was geen ruimte voor.’

Ik heb het ook minder over de islam dan vroeger. Doordat ik ander werk ben gaan doen. Maar ook omdat terechte kritiek op de conservatieve of radicale islam algauw wordt meegezogen in een stinkende stroom haat tegen een minderheid. Ik vermoed dat velen daarom terughoudend zijn. En de onbevredigende uitkomst is dat weinig meer dan drek overblijft.

Het mooist is het wanneer ruimte in het debat wordt heroverd door mensen die zelf een islamitische achtergrond hebben. En er klínken meer diverse stemmen dan vijftien jaar geleden. Schrijfster Lale Gül reageerde op Lahlah: ‘Er is een groep voor wie de hoofddoek een vrijwillige keus is. Maar óók een heel grote groep die de hoofddoek rond de menstruatieleeftijd op moet doen. Dat is geen bewuste, vrijwillige keus. En de hoofddoek later afdoen ligt sociaal ingewikkeld in gelovige gemeenschappen.’

Maar wat kreeg Gül, die tegelijk stevig criticaster is van de PVV, laatst voor de voeten geworpen in een boekrecensie? Dat ze ‘sleetse retoriek van Wilders gebruikt’. Zo houden we elkaar gevangen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next