Home

Is vermogensbelasting links populisme?

Elke dag is er wel een bericht in de krant te vinden over de groeiende ongelijkheid. Tussen de aanbeden pop- en voetbalster en de anonieme politiemensen die de menigte in bedwang moeten houden. Tussen de geprezen miljardair in de Quote 500 en de onbekende verpleegkundige die z’n cholesterol moet prikken.
Donderdag stond op de economiepagina dat 403 duizend huishoudens – 5 procent van het totaal aantal huishoudens – in 2022 miljonair waren. Dat waren er 87 duizend meer dan in 2021 en 150 duizend meer dan in 2020.

Een van de oorzaken is de stijging van de huizenprijzen. En doordat de stijging explosief doorzet, zullen het er mogelijk nu al 600 duizend zijn.

Daarnaast zijn er grote inkomensverschillen. De rijkste 1 procent – ongeveer 180 duizend Nederlanders (80 duizend huishoudens) – verdient volgens onderzoek van het CPB jaarlijks 185 miljard euro – 15 procent van het totale inkomen. Dat danken ze deels aan het feit dat ze relatief veel minder belasting betalen dan de 99 procent van de volwassenen die minder verdient. De lage en middeninkomens dragen 34 procent van hun inkomen aan belastingen en premies af. De allerrijkste groep betaalt slechts 28 procent.

Peter de Waard is journalist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.

In de jaren tussen 2011 en 2019 steeg het gemiddeld inkomen van de superrijken met 70 procent, die van de rest met slechts 5 procent. De rijken profiteren van het feit dat voor de heffingsgrondslag van de sociale premies een inkomensplafond geldt – het tarief is degressief – en hun inkomen voor een groot deel bestaat uit de in box 2 belaste winsten uit aanmerkelijk belang.

Een medewerker van Oxfam Novib, expert economische gelijkheid en belastingen, bepleitte een dag eerder de rijkste groep een vermogensbelasting van 1 procent op te leggen. Als die 1 procent vermogensbelasting wordt beperkt tot de Quote 500 – 0,003 procent van de bevolking – levert dat al 2,4 miljard euro op. En als het tarief progressief zou worden gemaakt – oplopend tot 5 procent boven één miljard – kan bij die groep 8,2 miljard worden binnengehaald. Als de vermogensbelasting voor iedereen geldt, zijn de baten bijna 25 miljard.

In populisme doen rechts en links niet voor elkaar onder. Het invoeren van een vermogensbelasting is helaas even onuitvoerbaar als het reguleren van het aantal vluchtelingen en andere immigranten. In de jaren vijftig van de vorige eeuw konden vermogenden in eigen land extra worden belast. Maar sinds geld is weg te sluizen met één druk op de knop, zet ook Jan met de pet tegenwoordig simpel tienduizend euro op deposito in een ander land.

Al in 2001 werd die belasting daarom afgeschaft. Oxfam denkt dat herinvoering mogelijk is door internationale afspraken om belastingontwijking tegen te gaan. Maar gezien de geopolitieke conflicten en het geruzie over handelsverkeer is daar nauwelijks steun voor .

Overal klinkt de roep voor ‘eigen land eerst’. Ook Nederland – en daar liet premier Dick Schoof geen misverstand over bestaan – zal niet langer een wegbereider van internationale afspraken zijn. Dit kabinet zal zich juist in internationale organisaties in het vervolg als dwarsligger manifesteren.

De rijken meer belasten kan, via een progressieve WOZ, een aanpassing van box 2 of een super-btw op overdadige luxe. Maar vermogensbelasting in een enkel land is een slecht middel om de ongelijkheid aan te pakken.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next