Home

Al die kruiden, grassen en bijen zijn een hoopvol teken in een onbehouwen tijd

Nooit zag ik het gras zo hoog uitgelopen op de Afsluitdijk, zwermen insecten wuivend erboven, en als ik er later middenin sta komt het tot mijn heupen. De rijkdom is overweldigend. Het is de eerste dag dat de dam deels weer geopend is voor publiek sinds het begin van de verbouwing’vijf jaar geleden, en de grootste innovatie lijkt me dit: 32 kilometer rode en witte klaver, reukloze kamille, zuring, akkerdistel, glanshaver, duizendblad. Heuphoog!

Hollandse dijken dragen traditioneel een bekleding van taai kortgehouden raaigras, net als grote delen van het boerenland. Dat is efficiënt en veilig als beton, maar ook een monotoon en dodelijk maliënkolder dat de angst en afkeer verbeeldt voor de wilde natuur. Maar nu is zelfs de wereldberoemde Afsluitdijk een kruidentuin geworden, en hier is niet de klimaatverandering aan het werk, maar de mens zelf die heeft bedacht dat het ook anders kan.

Die lange, stevige kaardebol op punt van bloei, met het IJsselmeer en de Waddenzee als getuigen, is een hoopvol teken van verandering in een onbehouwen tijd. Het belang van de natuur moet volgens de nieuwe staatssecretaris maar eens ‘van scratch’ bekeken worden, maar over deze kruiden, grassen en bijen heeft hij de komende jaren niks te zeggen.

De mens heeft zijn dijken naar zichzelf vernoemd: ze hebben een lichaam, een kruin, een teen en een bekleding. Maar tegen de kracht van een koekoeksbloem, de zwaluwen erboven, steekt zo’n dijklichaam toch wat armzalig af.

Net op tijd: een trekker rijdt het talud op en begint te maaien, ‘dat noemen wij beheer’, zegt adviseur ecotechniek van Rijkswaterstaat Sophie Lauwaars als ik haar bel: zonder maaien winnen de grote planten het van de kleine, soortenrijkdom is van belang. En ze vertelt dat de bloeiende dam geen toeval is maar beleid, en onderdeel van een groter verhaal dat ik niet kende.

Over de auteur
Toine Heijmans is rondreizend columnist van de Volkskrant. Daarnaast is hij romanschrijver. 
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Waterkeringen krijgen doorgaans gras uit de categorie D1 of D2, storm- en wintervast, maar de nieuwe Afsluitdijk krijgt een kruidenrijk mengsel van 19 soorten waaronder leeuwentand, biggenkruid en vogelwikke. ‘Kruiden wortelen vaak dieper’, dat komt de stevigheid ten goede ‘vooral tijdens droge zomers’. De dam heeft vier jaar de tijd om te bewijzen dat een weelderige natuur sterker is dan een ingesnoerde; het past in wetenschappelijk onderzoek dat hoopvol ‘Future Dikes’ is gedoopt. ‘Ook aannemers denken natuurinclusief,’ zegt Lauwaars, want dat levert ze wat op in de aanbesteding.

Dit land heeft 17 duizend kilometer dijken, stel je die voor met bloemen, grassen en kruiden tot de heup – daar kan geen bazige staatssecretaris tegenop.

Over de verbouwing van de Afsluitdijk is genoeg te doen: half miljard aan bijkomende kosten, de sloop van de oude lunchroom bij het monument inclusief alle herinneringen, de vervanging ervan door een modern ding dat 350 duizend meest Chinese toeristen per jaar moet trekken, de ijdele kunst die Daan Roosegaarde er voor miljoenen mocht maken. Daarvan zijn alleen de ‘lichtpoorten’ nog zichtbaar, de ‘spiegelsteen’ kan ik niet meer vinden en ook van de lichtgevende vliegers is nooit meer wat vernomen.

Dit is geen plek voor blingblingmarketing. Hier houden witte en rode klaver stand, rolklaver, honingklaver, bezemkruiskruid.

Het lijkt maar van één kant te komen: de zeezijde van de dam is een verontrustend hoog fort geworden van betonblokken die in slagorde het water bewaken alsof ze een oorlog verwachten; klare, lompe lijnen als in de huidige politiek. Maar ook dat is niet wat je ziet, zegt Lauwaars.

Die blokken kregen twee inkepingen waardoor planten, mossen en zeedieren zich eraan hechten, en een ruwe toplaag terwijl oude waterbouwers het liever glad en beheersbaar zien. De net geïnstalleerde megapompen voor de spuisluizen zijn visvriendelijk, de dijkverlichting is aangepast voor de trek van tienduizend dwergvleermuizen, de paling krijgt een eigen doorgang, in het asfalt is breuksteen gebruikt opdat grassen en kruiden erdoorheen groeien, en voor een kolonie lepelaars is zand en klei gestort. Inheemse zaden werden door vrijwilligers veiliggesteld en teruggeplaatst: zeldzame zeekool, zeevenkel, klifpeen.

En vlak daarboven zweven zwaluwen, honingbijen en koolwitjes op stevige vleugels en de wind van verandering.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next