De 111e editie van de Tour de France begint zaterdag en heeft alle ingrediënten om een wielerspektakel te worden. Een overzicht van de 21 etappes, die in totaal over 3.498 kilometer gaan.
De Tour de France gaat zaterdag voor het eerst van start in Italië. De Italianen hebben uitgepakt en zadelen het peloton in de eerste etappe van Florence naar Rimini op met liefst 3.700 hoogtemeters. De eerste geletruidrager moet dus aardige klimbenen hebben. Het zou ook zomaar kunnen dat Tadej Pogacar direct test hoe het met de vorm van zijn rivaal Jonas Vingegaard staat.
Een dag later staat opnieuw een pittige heuvelrit op het programma, waardoor de gele trui weer een andere eigenaar kan krijgen. Vervolgens rijdt het peloton maandag met 230,8 vlakke kilometers de langste etappe van de Tour. Het is de eerste kans voor Mark Cavendish om het record van 35 Tour-zeges te behalen.
In de vierde etappe verlaat het peloton Italiaanse bodem met een zware bergrit naar het Franse skioord Valloire. Onderweg staat met de Col du Galibier (23,0 kilometer à 5,1 procent) de eerste klim van de buitencategorie op het programma. Klassementsmannen kunnen hier al vroeg in de Tour een klap uitdelen in de strijd om de eindzege of er juist volledig doorheen zakken.
Na twee vlakke ritten volgt op dag zeven de eerste tijdrit over 25,3 kilometer. In de negende etappe gaat het peloton voor het eerst in de geschiedenis van de Franse ronde over gravelwegen. In de rit van en naar Troyes (199 kilometer) is 32 kilometer aan grindwegen opgenomen. Een etappe die doet denken aan Strade Bianche en met rood is omcirkeld door de klassiekerspecialisten.
Na de eerste rustdag moeten de ploegen bij de les zijn, want in de tiende etappe liggen waaiers op de loer. Een dag later staan er voor de tweede keer deze Tour zware beklimmingen in het Centraal Massief op de rol. De favorieten voor de eindzege kunnen vervolgens weer even bijkomen met twee minder zware etappes.
Het zwaartepunt ligt in de slotweek. In de veertiende etappe gaat de Tour over de iconische Col du Tourmalet, een klim van 19 kilometer met gemiddeld 7,4 procent stijging. Vorig jaar was Vingegaard op diezelfde klim nog de sterkste. Een dag later, op de Franse nationale feestdag 14 juli, is het opnieuw klimmen geblazen met een bergetappe van liefst 198 kilometer.
Na de tweede rustdag krijgen de sprinters een laatste kans op dagsucces. In de zeventiende etappe warmen de klassementsmannen vast op voor het slotweekend met finish in Superdévoluy. Een dag later zou een avonturier met de ritzege aan de haal kunnen gaan.
Op vrijdag begint het cruciale slot van de Tour. De negentiende etappe eindigt op de Isola (15 kilometer à 7 procent), maar kent onderweg ook een klim over de hoogste geasfalteerde weg in Europa: de Col de la Bonette op 2.802 meter hoogte.
Op zaterdag staat een finish boven op de Col de la Couillole op het programma (15,7 kilometer à 7,1 procent). Op de laatste dag van de Tour kunnen de renners niet traditiegetrouw bijkomen met een champagnerit naar de Champs-Élysées, maar moeten ze aan de bak voor een lastige tijdrit over 34 kilometer van Monaco naar Nice. Vanwege de Olympisch Spelen eindigt de Tour voor het eerst in de geschiedenis niet in Parijs.
Source: Nu.nl sport